TRAC T A TENBLAD
48 (1998) Nr. 1
TRAC T A TENBLAD
VAN HET
K O N I N K R I J K D E R N E D E R L A N D E N
JAARGANG 1999 Nr. 11
A. TITEL
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Dominicaanse Republiek inzake luchtdiensten tussen en via hun onderscheiden grondgebieden, met bijlage;
Santo Xxxxxxx, 15 december 1998
B. TEKST1)
Agreement between the Kingdom of the Netherlands and the Dominican Republic for air services between and beyond their respective territories
The Kingdom of the Netherlands and
the Dominican Republic,
being parties to the Convention on International Civil Aviation opened for signature at Chicago on the seventh day of December 1944;
desiring to contribute to the progress of international civil aviation;
desiring to conclude an Agreement for the purpose of establishing air services between and beyond their respective territories;
have agreed as follows:
Article 1
Definitions
For the purpose of this Agreement and its Annex, unless the context otherwise requires:
a. the term ‘‘the Convention’’ means the Convention on International Civil Aviation, opened for signature at Chicago on the seventh day of December 1944, and includes any Annex adopted under Article 90 of that Convention and any amendment of the Annexes or the Convention under Articles 90 and 94 thereof, insofar as those Annexes and amend- ments have become effective for, or been ratified by both Contracting Parties;
b. the term ‘‘aeronautical authorities’’ means:
– for the Kingdom of the Netherlands the Minister of Transport, Pub- lic Works and Watermanagement;
– for the Dominican Republic the Civil Aviation Board;
or in either case any person or body authorized to perform any func- tions at present exercised by the said authorities;
c. the term ‘‘designated airline’’ means an airline which has been designated and authorized in accordance with Article 3 of this Agree- ment;
1) De Spaanse tekst is niet afgedrukt.
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Domini- caanse Republiek inzake luchtdiensten tussen en via hun onderscheiden grondgebieden
Het Koninkrijk der Nederlanden en
de Dominicaanse Republiek;
Partij zijnde bij het Verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart, ter ondertekening opengesteld te Chicago op 7 december 1944;
Geleid door de wens bij xx xxxxxx aan de vooruitgang van de interna- tionale burgerluchtvaart;
Geleid door de wens een verdrag te sluiten met het doel tussen en via hun onderscheiden grondgebieden luchtdiensten in te stellen;
Zijn het volgende overeengekomen:
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van dit Verdrag en de Bijlage daarbij wordt aan de onderstaande uitdrukkingen, tenzij de context anders vereist, de vol- gende betekenis toegekend:
a. ,,het Verdrag van Chicago’’: het Verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart, ter ondertekening opengesteld te Chicago op 7 decem- ber 1944; deze uitdrukking omvat tevens alle Bijlagen aangenomen krachtens artikel 90 van dat Verdrag en alle wijzigingen van de Bijlagen of van dat Verdrag krachtens de artikelen 90 en 94 daarvan, voor zover die Bijlagen en wijzigingen xxx xxxxxx zijn geworden voor, of zijn bekrachtigd door beide Verdragsluitende Partijen;
b. ,,luchtvaartautoriteiten’’:
– wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, de Minister van Ver- keer en Waterstaat;
– wat de Dominicaanse Republiek betreft, de Burgerluchtvaartdienst; of in beide gevallen xxxx xxxxxxx of instantie die bevoegd is om func- ties te vervullen die thans door de genoemde autoriteiten xxxxxx uitge-
oefend;
c. ,,aangewezen luchtvaartmaatschappij’’: een luchtvaartmaatschap- pij die is aangewezen en gemachtigd in overeenstemming met artikel 3 van dit Verdrag;
d. the term ‘‘territory’’ in relation to a State has the meaning assigned to it in Article 2 of the Convention;
e. the terms ‘‘air service’’, ‘‘international air service’’, ‘‘airline’’ and ‘‘stop for non-traffic purposes’’ have the meaning respectively assigned to them in Article 96 of the Convention;
f. the terms ‘‘agreed service’’ and ‘‘specified route’’ mean interna- tional air service pursuant to Article 2 of this Agreement and the route specified in the appropriate Section of the Annex to this Agreement respectively;
g. the term ‘‘stores’’ means articles of a readily consumable nature for use or sale on board an aircraft during flight, including commissary supplies;
h. the term ‘‘Agreement’’ means this Agreement, its Annex drawn up in application thereof, and any amendments to the Agreement or to the Annex;
i. the term ‘‘tariff’’ means any amount charged or to be charged by airlines, directly or through their agents, to any person or entity for the carriage of passengers (and their baggage) and cargo (excluding mail) in air transportation, including:
I. the conditions governing the availability and applicability of a tar- iff, and
II. the charges and conditions for any services ancillary to such car- riage which are offered by or on behalf of airlines.
Article 2
Grant of rights
1. Each Contracting Party grants to the other Contracting Party ex- cept as otherwise specified in the Annex the following rights for the con- duct of international air transportation by the designated airline of the other Contracting Party:
a. the right to fly across its territory without landing;
b. the right to make stops in its territory for non-traffic purposes; and
c. while operating an agreed service on a specified route, the right to make stops in its territory for the purpose of taking up and discharging international traffic in passengers, cargo and mail, separately or in com- bination.
2. Nothing in paragraph 1 of this Article shall be deemed to grant the right for one Contracting Party’s airline to participate in air transporta- tion between points in the territory of the other Contracting Party.
d. ,,grondgebied’’: met betrekking tot een Staat de betekenis die daaraan in artikel 2 van het Verdrag van Chicago wordt toegekend;
e. ,,luchtdienst’’, ,,internationale luchtdienst’’, ,,luchtvaartmaatschap- pij’’ en ,,landing, xxxxxx xxx voor verkeersdoeleinden’’: de betekenis die onderscheidenlijk daaraan is toegekend in artikel 96 van het Verdrag van Chicago;
f. ,,overeengekomen dienst’’ en ,,omschreven route’’: de betekenis van onderscheidenlijk een internationale luchtdienst overeenkomstig ar- tikel 2 van dit Verdrag en de route omschreven in het desbetreffende xxxx van de Bijlage bij dit Verdrag;
g. ,,boordproviand’’: consumptiegoederen bestemd voor gebruik of verkoop aan xxxxx van een luchtvaartuig tijdens de vlucht, met inbegrip van verstrekte eetwaren en dranken;
h. ,,Verdrag’’: dit Verdrag, de ter toepassing daarvan opgestelde Bij- lage en alle wijzigingen op het Verdrag of de Bijlage;
i. ,,xxxxxx’’: elk bedrag in rekening gebracht of in rekening xx xxxx- gen door de luchtvaartmaatschappijen, rechtstreeks of via hun agenten, aan alle natuurlijke personen of rechtspersonen voor het vervoer door xx xxxxx van passagiers (en hun bagage) en vracht (post uitgezonderd), daarbij inbegrepen:
I. de voorwaarden betreffende het beschikbaar zijn en het van toe- passing zijn van een tarief, en
II. de heffingen en voorwaarden voor alle bij zulk vervoer bijko- mende diensten die door of namens de luchtvaart-maatschappijen xxxxxx aangeboden.
Artikel 2
Verlening van rechten
1. Elke Verdragsluitende Partij verleent aan de andere Verdrag- sluitende Partij, tenzij in de Bijlage anders is bepaald, de volgende xxxx- ten voor het verrichten van internationaal luchtvervoer door de aange- wezen luchtvaartmaatschappij van de andere Verdragsluitende Partij:
a. het recht om zonder xx xxxxxx over xxxx grondgebied xx xxxxxxx;
b. het recht om landingen, xxxxxx xxx voor verkeersdoeleinden, op haar grondgebied te maken; en
c. tijdens de exploitatie van een overeengekomen dienst op een omschreven route, het recht om op haar grondgebied xx xxxxxx voor het opnemen en afzetten van internationaal verkeer van passagiers, vracht en post, afzonderlijk of gecombineerd.
2. Geen van de bepalingen van het eerste lid van dit artikel wordt geacht een luchtvaartmaatschappij van een Verdragsluitende Partij het recht te verlenen xxxx xx nemen aan het luchtvervoer tussen punten op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij.
Article 3
Designation and authorization
1. Each Contracting Party shall have the right by written notification through Diplomatic Channels to the other Contracting Party to designate an airline to operate air services on the routes specified in the Annex and to substitute another airline for an airline previously designated.
2. On receipt of such notification, each Contracting Party shall, with- out delay, grant to the airline so designated by the other Contracting Party the appropriate operating authorizations subject to the provisions of this Article.
3. Upon receipt of the operating authorization of paragraph 2 of this Article the designated airline may at any time begin to operate the agreed services, in part or in whole, provided that it complies with the provisions of this Agreement and that tariffs for such services have been established in accordance with the provisions of Article 5 of this Agree- ment.
4. Each Contracting Party shall have the right to refuse to grant the operating authorization referred to in paragraph 2 of this Article, or to grant this authorization under conditions that may be deemed necessary on the exercise by the designated airline of the rights specified in Arti- cle 2 of this Agreement, if it is not satisfied that substantial ownership and effective control of the airline are vested in the Contracting Party designating it or in its nationals or in both.
Article 4
Revocation and suspension of authorization
1. The aeronautical authorities of each Contracting Party shall have the right to withhold the authorizations referred to in Article 3 with respect to an airline designated by the other Contracting Party, to revoke or suspend such authorizations or impose conditions:
a. in the event of failure by such airline to qualify before the aero- nautical authorities of that Contracting Party under the laws and regula- tions normally and reasonably applied by these authorities in conformity with the Convention;
b. in the event of failure by such airline to comply with the laws and regulations of that Contracting Party;
Artikel 3
Aanwijzing en verlening van vergunningen
1. Elke Verdragsluitende Partij heeft het recht door middel van een schriftelijke kennisgeving langs diplomatieke weg aan de andere Verdrag- sluitende Partij een luchtvaartmaatschappij aan te wijzen ten behoeve van de exploitatie van luchtdiensten op de in de Bijlage omschreven rou- tes en een reeds eerder aangewezen luchtvaartmaatschappij door een andere te vervangen.
2. Na ontvangst van deze kennisgeving verleent elke Verdragsluitende Partij, met inachtneming van de bepalingen van dit artikel, een aldus door de andere Verdragsluitende Partij aangewezen luchtvaartmaatschap- pij onverwijld de nodige exploitatievergunningen.
3. Na ontvangst van de exploitatievergunning bedoeld in het tweede lid van dit artikel kan de aangewezen luchtvaartmaatschappij op elk tijd- stip de overeengekomen diensten beginnen te exploiteren, geheel of ten dele, mits zij voldoet aan de bepalingen van dit Verdrag en er tarieven voor die diensten zijn vastgesteld in overeenstemming met de bepalin- gen van artikel 5 van dit Verdrag.
4. Elke Verdragsluitende Partij heeft het recht de verlening van de in het tweede lid van dit artikel bedoelde exploitatievergunning xx xxxxx- xxx of bij verlening van de vergunning noodzakelijk geachte voorwaar- den te verbinden aan de uitoefening door de aangewezen luchtvaartmaat- schappij van de in artikel 2 van dit Verdrag bedoelde rechten, indien niet tot haar genoegen is aangetoond dat een aanmerkelijk xxxx van de eigen- dom van, en het daadwerkelijk toezicht op, die luchtvaartmaatschappij berusten bij de Verdragsluitende Partij die de luchtvaartmaatschappij heeft aangewezen en/of bij haar onderdanen.
Artikel 4
Intrekking of opschorting van de vergunning
1. De luchtvaartautoriteiten van elke Verdragsluitende Partij hebben het recht de in artikel 3 bedoelde vergunningen niet te verlenen aan een luchtvaartmaatschappij aangewezen door de andere Verdragsluitende Partij, deze vergunning in te trekken of op te schorten of daaraan voor- waarden te verbinden:
a. indien een zodanige luchtvaartmaatschappij nalaat ten genoegen van de luchtvaartautoriteiten van die Verdragsluitende Partij aan te tonen dat zij voldoet aan de door die autoriteiten gewoonlijk en redelijkerwijze in overeenstemming met het Verdrag van Chicago toegepaste wetten en voorschriften;
b. indien een zodanige luchtvaartmaatschappij nalaat de wetten en voorschriften van die Verdragsluitende Partij na xx xxxxx;
c. in the event that they are not satisfied that substantial ownership and effective control of the airline are vested in the Contracting Party designating the airline or in its nationals or in both; and
d. in case the airline otherwise fails to operate in accordance with the conditions prescribed under this Agreement.
2. Unless immediate action is essential to prevent further infringe- ment of the laws and regulations referred to above, the rights enumer- ated in paragraph 1 of this Article shall be exercised only after consul- tations with the aeronautical authorities of the other Contracting Party. Unless otherwise agreed by the Contracting Parties, such consultations shall begin within a period of sixty (60) days from the date of receipt of the request.
Article 5
Tariffs
1. The Contracting Parties agree to the application of a country of ori- gin tariff approval regime. Each Contracting Party shall have the right to unilaterally approve or disapprove tariffs for one way or round-trip carriage between the territories of the two Contracting Parties which commences in its own territory.
2. When operating a route under fifth freedom traffic rights, a desig- nated airline shall have the right to match the tariffs of any other airline operating that particular route under third, fourth and fifth freedom traf- fic rights.
3. Either Contracting Party shall have the right to disapprove tariffs proposed by the designated airline of the other Contracting Party oper- ating a route under fifth freedom traffic rights for comparable categories which are lower than the tariffs charged by airlines operating under third and/or fourth freedom traffic rights from and/or to the territory of the first Contracting Party.
4. Each Party may require filing with its aeronautical authorities of tariffs charged or proposed to be charged to or from its territory.
5. If filing is required, the tariffs shall be submitted by the designated airlines no more than thirty (30) days before the proposed date of effec-
c. indien niet te hunnen genoegen is aangetoond dat een aanmerke- lijk xxxx van de eigendom van en het daadwerkelijk toezicht op xx xxxxx- vaartmaatschappij berusten bij de Verdragsluitende Partij die xx xxxxx- vaartmaatschappij aanwijst en/of bij haar onderdanen; en
d. ingeval de luchtvaartmaatschappij anderszins nalaat de exploitatie uit te oefenen in overeenstemming met de ingevolge dit Verdrag voor- geschreven voorwaarden.
2. Tenzij onmiddellijk optreden noodzakelijk is ten einde verdere inbreuk op bovengenoemde wetten en voorschriften te voorkomen, wor- den de in het eerste lid van dit artikel genoemde rechten slechts uitge- oefend na overleg met de luchtvaartautoriteiten van de andere Verdrag- sluitende Partij. Tenzij door de Verdragsluitende Partijen anders is overeengekomen, vangt dit overleg aan binnen een tijdvak van zestig
(60) dagen na de datum van ontvangst van het verzoek om overleg.
Artikel 5
Tarieven
1. De Verdragsluitende Partijen stemmen in met de toepassing van een regeling voor goedkeuring van het tarief door het land van oor- xxxxxx. Xxxx Verdragsluitende Partij heeft het recht eenzijdig tarieven voor vervoer in één richting of vervoer heen en terug tussen de grond- gebieden van de beide Verdragsluitende Partijen dat op haar eigen grondgebied begint, al xxx niet goed te keuren.
2. Wanneer een route wordt geëxploiteerd met uitoefening van vijfde- vrijheidsverkeersrechten is het een aangewezen luchtvaartmaatschappij toegestaan dezelfde tarieven te hanteren als enige andere luchtvaartmaat- schappij die dezelfde route exploiteert met uitoefening van derde-, vierde- of vijfde-vrijheidsverkeersrechten.
3. Elk van beide Verdragsluitende Partijen heeft het recht geen goed- keuring te hechten aan tarieven, voorgesteld door de aangewezen xxxxx- vaartmaatschappij van de andere Verdragsluitende Partij bij de exploita- tie van een route met uitoefening van vijfde-vrijheidsverkeersrechten voor vergelijkbare categorieën, die lager zijn xxx de tarieven die in reke- ning xxxxxx gebracht door luchtvaartmaatschappijen die exploiteren met uitoefening van derde- en/of vierde-vrijheidsverkeersrechten van en/of naar het grondgebied van eerstbedoelde Verdragsluitende Partij.
4. Elke Partij kan verlangen dat tarieven die in rekening xxxxxx gebracht of die xxxxxx voorgesteld om in rekening xx xxxxxx gebracht van of naar haar grondgebied, bij haar luchtvaartautoriteiten xxxxxx ingediend.
5. Indien indiening wordt verlangd, xxxxxx de tarieven door de aan- gewezen luchtvaartmaatschappijen ten hoogste dertig (30) dagen voor de
tiveness, except where the said authorities agree to reduce this period in special cases.
6. Approval of tariffs may be given expressly; or, if the aeronautical authorities in question have not expressed disapproval within fifteen (15) days from the date of submission, in accordance with paragraph 5 of this Article, the tariffs shall be considered approved.
In the event of the period for submission being reduced, as provided for in paragraph 5 of this Article, the period within which any disap- proval must be notified shall be reduced accordingly.
7. Tariffs established in accordance with the provisions of this Arti- cle shall remain in force until new tariffs have been established.
8. The designated airlines of both Contracting Parties may not charge tariffs different from those which have been established in conformity with the provisions of this Article.
9. Aeronautical authorities shall whenever necessary or required by either side, consult on the application of this Article and/or the tariffs applied by designated airlines.
Article 6
Commercial activities
1. The designated airlines of both Contracting Parties shall be al- lowed:
a. to establish in the territory of the other Contracting Party offices for the promotion of air transportation and sale of air tickets as well as other facilities required for the provisions of air transportation;
b. to sell air transport services in the territory of the other Contract- ing Party, either directly or through an agent.
2. The designated airline of one Contracting Party shall be allowed to bring in and maintain in the territory of the other Contracting Party its managerial, commercial, operational and technical staff as it may require in connection with the provision of air transportation.
3. These staff requirements may, at the option of the designated air- line, be satisfied by its own personnel or by using the services of any other organization, company or airline operating in the territory of the
voorgestelde datum van vankrachtwording overgelegd, tenzij genoemde autoriteiten ermede instemmen deze termijn in bijzondere gevallen te verkorten.
6. De tarieven kunnen uitdrukkelijk xxxxxx goedgekeurd of xxxxxx, indien de luchtvaartautoriteiten in kwestie niet binnen vijftien (15) dagen na de datum van overlegging, overeenkomstig het vijfde lid van dit arti- kel, xx xxxxxx hebben gegeven de tarieven niet goed te keuren, geacht te zijn goedgekeurd.
Indien de termijn voor de overlegging wordt verkort, zoals bepaald in het vijfde lid van dit artikel, wordt de termijn waarbinnen van het niet goedkeuren kennisgeving moet xxxxxx gedaan dienovereenkomstig ver- kort.
7. Overeenkomstig de bepalingen van dit artikel vastgestelde tarieven blijven xxx xxxxxx totdat nieuwe tarieven zijn vastgesteld.
8. De aangewezen luchtvaartmaatschappijen van beide Verdrag- sluitende Partijen mogen geen tarieven in rekening brengen die afwijken van die xxxxx in overeenstemming met de bepalingen van dit artikel zijn vastgesteld.
9. Wanneer zulks noodzakelijk is of door een der Partijen wordt ver- langd, plegen de luchtvaartautoriteiten overleg omtrent de toepassing van dit artikel en/of de door de aangewezen luchtvaartmaatschappijen toegepaste tarieven.
Artikel 6
Commerciële activiteiten
1. De aangewezen luchtvaartmaatschappijen van beide Verdrag- sluitende Partijen mogen:
a. op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij kanto- ren vestigen voor de bevordering van het luchtvervoer en de verkoop van vliegbiljetten, alsmede andere voorzieningen tot stand brengen die nodig zijn voor het verzorgen van luchtvervoer;
b. op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij xxxxx- xxxxxxx of via een agent, luchtvervoersdiensten verkopen.
2. Het is de aangewezen luchtvaartmaatschappij van de ene Verdrag- sluitende Partij toegestaan het voor het verzorgen van luchtvervoer benodigde leidinggevend, commercieel, operationeel en technisch perso- xxxx xx zenden naar en te doen verblijven op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij.
3. In deze behoefte aan personeel kan naar goeddunken van de aan- gewezen luchtvaartmaatschappij xxxxxx voorzien door haar eigen per- soneel, xxx wel door gebruikmaking van de diensten van een andere
other Contracting Party, and authorized to perform such services in the territory of that Contracting Party.
4. The above activities shall be carried out in accordance with the laws and regulations of the other Contracting Party.
5. Both Contracting Parties shall dispense with the requirement of employment authorizations of visitor visas or other similar documents for personnel peforming certain temporary services and duties except in special circumstances determined by the national authorities concerned. Where such authorizations, visas or documents are required, they shall be issued promptly and free of charge so as not to delay the entry into the State of the personnel concerned.
Article 7
Fair competition
1. There shall be fair and equal opportunity for the designated airlines of both Contracting Parties to participate in the international air trans- portation covered by this Agreement.
2. Each Contracting Party shall take all appropriate action within its jurisdiction to eliminate all forms of discrimination or unfair competi- tive practices adversely affecting the competitive position of the desig- nated airline of the other Party.
Article 8
Timetable
1. The airline designated by each Contracting Party shall submit to the auronautical authorities of the other Contracting Party for approval, sixty (60) days in advance, the timetable of its intended services, speci- fying the frequency, type of aircraft, configuration and number of seats to be made available to the public.
2. Requests for permission to operate additional flights can be sub- mitted by the designated airline for approval directly to the aeronautical authorities of the other Contracting Party.
Article 9
Duties, customs and charges
1. Aircraft operating on international air services by the designated airline of either Contracting Party, as well as their regular equipment,
organisatie, onderneming of luchtvaartmaatschappij die op het grondge- bied van de andere Verdragsluitende Partij haar bedrijf uitoefent en gemachtigd is deze diensten op het grondgebied van die Verdragsluitende Partij te verrichten.
4. Bovengenoemde activiteiten xxxxxx verricht in overeenstemming met de wetten en voorschriften van de andere Verdragsluitende Partij.
5. Beide Verdragsluitende Partijen xxxx xx van het vereiste van ar- beidsvergunningen, bezoekervisa of andere soortgelijke documenten voor personeel dat bepaalde tijdelijke diensten of taken verricht, behalve in door de betrokken nationale autoriteiten te bepalen bijzondere omstan- digheden. Wanneer zulke vergunningen, visa of documenten vereist zijn, xxxxxx zij onverwijld en kosteloos verstrekt, opdat de binnenkomst van het betrokken personeel in xx Xxxxx niet wordt vertraagd.
Artikel 7
Eerlijke concurrentie
1. De aangewezen luchtvaartmaatschappijen van beide Verdrag- sluitende Partijen xxxxxx op eerlijke en gelijke wijze in de gelegenheid gesteld xx xxxx te nemen aan het internationale luchtvervoer waarop dit Verdrag betrekking heeft.
2. Elke Verdragsluitende Partij neemt alle passende maatregelen bin- xxx xxxx rechtsmacht om alle vormen van discriminatie of oneerlijke concurrentiemethoden weg te nemen die de concurrentiepositie van de aangewezen luchtvaartmaatschappij van de andere Partij nadelig beïn- vloeden.
Artikel 8
Dienstregeling
1. De door elke Verdragsluitende Partij aangewezen luchtvaartmaat- schappij legt zestig (60) dagen tevoren de dienstregeling xxx xxxx voor- genomen diensten ter goedkeuring voor aan de luchtvaartautoriteiten van de andere Verdragsluitende Partij, onder vermelding van de frequentie, het type luchtvaartuig, de indeling en het aantal zitplaatsen dat beschik- baar zal zijn voor het publiek.
2. Verzoeken om toestemming voor het uitvoeren van extra vluchten kunnen door de aangewezen luchtvaartmaatschappij rechtstreeks aan de luchtvaartautoriteiten van de andere Verdragsluitende Partij ter goedkeu- ring xxxxxx voorgelegd.
Artikel 9
Belastingen, douanerechten en heffıngen
1. Luchtvaartuigen die door de aangewezen luchtvaartmaatschappij van een der Verdragsluitende Partijen xxxxxx geëxploiteerd op interna-
spare parts, supplies of fuels and lubricants, aircraft stores (including food, beverages and tobacco) on board and all advertising and promo- tional material kept on board such aircraft shall be exempt from all cus- toms duties, inspection fees and similar national or local duties and charges, on arrival in the territory of the Contracting Party, provided such equipment and supplies remain on board the aircraft up to such time as they are re-exported.
2. With regard to regular equipment, spare parts, supplies of fuels and lubricants and aircraft stores introduced into the territory of one Con- tracting Party by or on behalf of a designated airline of the other Con- tracting Party or taken on board the aircraft operated by such designated airline and intended solely for use on board aircraft while operating international services, no local and/or national duties and charges, in- cluding customs duties and inspection fees imposed in the territory of the first Contracting Party, shall be applied, even when these supplies are to be used on the parts of the journey performed over the territory of the Contracting Party in which they are taken on board.
The articles referred to above may be required to be kept under cus- toms supervision and control.
The provisions of this paragraph cannot be interpreted in such a way that a Contracting Party can be made subject to the obligation to refund customs duties which already have been levied on the items referred to above.
3. Regular airborne equipment, spare parts, supplies of fuels and lubricants and aircraft stores retained on board the aircraft of either Con- tracting Party may be unloaded in the territory of the other Contracting Party only with the approval of the customs authorities of that Party, who may require that these materials be placed under their supervision up to such time as they are re-exported or otherwise disposed of in accordance with customs regulations.
Article 10
Double taxation
1. Income and profits from the operation of aircraft in international air transportation shall be taxable only in the State in which the place of effective management of the enterprises is situated. However, this does not apply to the sales of air transport services by the designated airline
tionale luchtdiensten alsmede hun normale uitrustingsstukken, reserve- onderdelen, voorraden motorbrandstof en smeermiddelen, en proviand (met inbegrip van etenswaren, dranken en tabaksartikelen) aan xxxxx, alsmede alle reclame- en promotiemateriaal aan xxxxx van die vliegtui- gen, zijn bij aankomst op het grondgebied van de andere Verdrag- sluitende Partij vrijgesteld van alle douanerechten, inspectiekosten en soortgelijke nationale of plaatselijke heffingen en belastingen, mits die uitrustingsstukken en voorraden aan xxxxx van het luchtvaartuig blijven tot het tijdstip waarop zij weder xxxxxx uitgevoerd.
2. Met betrekking tot normale uitrustingsstukken, reserve-onderdelen, voorraden motorbrandstof en smeermiddelen en proviand, ingevoerd op het grondgebied van de ene Verdragsluitende Partij door of namens een aangewezen luchtvaartmaatschappij van de andere Verdragsluitende Par- tij of aan xxxxx genomen van de door deze aangewezen luchtvaartmaat- schappij geëxploiteerde luchtvaartuigen en uitsluitend bestemd voor gebruik aan xxxxx van luchtvaartuigen tijdens de exploitatie van inter- nationale diensten, behoeven geen plaatselijke en/of nationale heffingen en belastingen, met inbegrip van douanerechten en inspectiekosten, ver- schuldigd op het grondgebied van eerstgenoemde Verdragsluitende Par- tij, xx xxxxxx betaald, zelfs niet indien deze voorraden zullen xxxxxx gebruikt op de gedeelten van de vlucht die xxxxxx afgelegd boven het grondgebied van de Verdragsluitende Partij waar zij aan xxxxx zijn xxxx- men.
Ten aanzien van bovengenoemde goederen xxx xxxxxx verlangd dat deze onder toezicht en beheer van de douane blijven.
De bepalingen van dit lid mogen niet zodanig xxxxxx uitgelegd dat aan een Verdragsluitende Partij de verplichting xxx xxxxxx opgelegd douanerechten terug te betalen die reeds op de in het voorgaande lid bedoelde goederen zijn geheven.
3. Normale boorduitrustingsstukken, reserve-onderdelen, voorraden motorbrandstof en smeermiddelen en proviand aan xxxxx van luchtvaar- tuigen van een Verdragsluitende Partij kunnen op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij slechts xxxxxx uitgeladen met toe- stemming van de douaneautoriteiten van die Partij, die xxxxxx xxxxxx- gen dat deze goederen onder hun toezicht xxxxxx geplaatst, totdat deze weder xxxxxx uitgevoerd of overeenkomstig de douanevoorschriften een andere bestemming hebben gekregen.
Artikel 10
Dubbele belasting
1. Inkomsten en xxxxxxx verkregen uit de exploitatie van luchtvaar- tuigen in internationaal verkeer zijn slechts belastbaar in xx Xxxxx waar de plaats van werkelijke xxxxxxx van de onderneming is gelegen. Dit geldt echter niet voor de verkoop van luchtvervoersdiensten door de aan-
of one Contracting Party or its agent(s), in the territory of the other Con- tracting Party which sales shall, in conformity with local fiscal legisla- tion, be subject to the same conditions applicable to other airlines sell- ing air transport services in the territory of the other Contracting Party.
2. Gains from the alienation operated in international traffic shall be taxable only in the State in which the place of effective management of the enterprises is situated.
3. Capital represented by aircraft operated in international traffic and by movable property pertaining to the operation of such aircraft shall be taxable only in the State in which the place of effective management of the enterprise is situated.
4. The provisions of paragraph 1 of this Article shall also apply to income and profits from the participation in a pool, a joint business or an international operating agency.
Article 11
Transfer of funds
The designated airline of a Contracting Party or its agent(s) shall have the right to freely transfer at any moment and in any manner and with- out restrictions to its home territory the excess of receipts over expendi- ture in the territory of the other Contracting Party in any freely convert- ible currency at the official rate of exchange for conversion of local currency as at the date of the transfer. Included in such net transfer shall be revenues from sales, made directly or through agents, of air transport services, and ancillary or supplemental services, and normal commercial interest earned on such revenues while on deposit awaiting transfer.
Article 12
Application of laws, regulations and procedures
1. The laws, regulations and procedures of either Contracting Party relating to the admission to or departure from its territory of aircraft engaged in international air services, or to the operation and navigation of such aircraft, shall be complied with by the designated airline of the other Contracting Party upon its entry into, and until and including its departure from, the said territory.
gewezen luchtvaartmaatschappij van de ene Verdragsluitende Partij of haar agent(en) op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Par- tij, xxxxx verkoop, in overeenstemming met de plaatselijke belasting- wetgeving, is onderworpen aan dezelfde voorwaarden als die xxxxx van toepassing zijn op andere luchtvaartmaatschappijen die luchtvervoers- diensten verkopen op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij.
2. Voordelen verkregen uit de vervreemding van in internationaal ver- keer geëxploiteerde luchtvaartuigen zijn slechts belastbaar in xx Xxxxx waar de plaats van werkelijke xxxxxxx van de onderneming is gelegen.
3. Kapitaal vertegenwoordigd door in internationaal verkeer geëx- ploiteerde luchtvaartuigen en door roerende goederen behorend bij de exploitatie van zodanige luchtvaartuigen is slechts belastbaar in xx Xxxxx waar de plaats van werkelijke xxxxxxx van de onderneming is gelegen.
4. De bepalingen van het eerste lid van dit artikel gelden ook voor inkomsten en xxxxxxx verkregen uit deelneming in een samenwerkings- verband (,,pool’’), een gemeenschappelijke onderneming (,,joint busi- ness’’) of een internationale exploitatie-instelling (,,international opera- ting agency’’).
Artikel 11
Overmaking xxx xxxxxx
De aangewezen luchtvaartmaatschappij van een Verdragsluitende Par- tij of haar agent(en) zijn gerechtigd xx xxxxx tijde vrijelijk op enigerlei wijze en zonder beperkingen het batig saldo van de ontvangsten en uit- gaven op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij over te maken naar haar eigen grondgebied in vrij inwisselbare valuta tegen de officiële wisselkoers voor het wisselen van de plaatselijke munteenheid op de datum van overmaking. In deze netto-overmaking zijn begrepen inkomsten uit verkopen, rechtstreeks of via agenten, van luchtvervoers- diensten en van bijkomende of aanvullende diensten, en de gebruikelijke commerciële rente op deze inkomsten verkregen terwijl zij op een depo- sitorekening stonden in afwachting van de overmaking.
Artikel 12
Toepassing van wetten, voorschriften en procedures
1. De wetten, voorschriften en procedures van een Verdragsluitende Partij betreffende de toelating tot of het vertrek uit haar grondgebied van in internationale luchtdiensten gebruikte luchtvaartuigen of betreffende de exploitatie van en het vliegen met zodanige luchtvaartuigen dienen door de aangewezen luchtvaartmaatschappij van de andere Verdrag- sluitende Partij xx xxxxxx nageleefd vanaf de binnenkomst in tot en met het vertrek uit genoemd grondgebied.
2. The laws, regulations and procedures of either Contracting Party relating to immigration, passports, or other approved travel documents, entry, clearance, customs and quarantaine shall be complied with by or behalf of crews, passengers, cargo and mail carried by aircraft of the designated airline of the other Contracting Party upon their entry into, and until and including their departure from, the territory of the said Contracting Party.
3. Passengers, baggage and cargo in direct transit across the territory of either Contracting Party and not leaving the area of the airport reserved for such purpose shall, except in respect of security measures against violence and air piracy, be subject to no more than a simplified control. Baggage and cargo in direct transit shall be exempt from cus- toms duties and other similar taxes.
4. Fees and charges applied in the territory of either Contracting Party to the airline operations of the other Contracting Party for the use of air- ports and other aviation facilities in the territory of the first Party, shall not be higher than those applied to the operations of any other airline engaged in similar operations.
5. Neither of the Contracting Parties shall give preference to any other airline over the designated airline of the other Contracting Party in the application of its customs, immigration, quarantine, and similar regu- lations; or in the use of airports, airways and air traffic services and asso- ciated facilities under its control.
Article 13
Recognition of certificates and licences
Certificates of airworthiness, certificates of competency and licences issued, or validated, by one Contracting Party and unexpired shall be recognized as valid by the other Contracting Party for the purpose of operating the agreed services on the specified routes, provided always that such certificates or licences were issued, or validated, in conformity with the standards established under the Convention.
Each Contracting Party, however, reserves the right to refuse to rec- ognize, for flights above its own territory, certificates of competency and licences granted to its own nationals by the other Contracting Party.
2. De wetten, voorschriften en procedures van een Verdragsluitende Partij betreffende immigratie, paspoorten of andere erkende xxxx- documenten, binnenkomst, inklaring, douane en quarantaine dienen xx xxxxxx nageleefd door of namens bemanningsleden, passagiers, vracht en post vervoerd door luchtvaartuigen van de aangewezen luchtvaart- maatschappij van de andere Verdragsluitende Partij vanaf de binnen- komst in tot en met het vertrek uit het grondgebied van eerstgenoemde Verdragsluitende Partij.
3. Passagiers, bagage en vracht die op doorreis zijn via het grondge- bied van een Verdragsluitende Partij en die de daarvoor bestemde zone van de luchthaven niet verlaten, xxxxxx, behalve wat veiligheidsmaat- regelen tegen geweld en luchtpiraterij betreft, slechts aan een vereenvou- digde controle onderworpen. Bagage en vracht in rechtstreekse doorvoer zijn vrijgesteld van douanerechten en andere soortgelijke belastingen.
4. Kosten en heffingen die op het grondgebied van een Verdrag- sluitende Partij met betrekking tot de vluchten van de luchtvaartmaat- schappij van de andere Verdragsluitende Partij in rekening xxxxxx xx- xxxxxx voor het gebruik van luchthavens en andere luchtvaartvoor- zieningen op het grondgebied van de eerstgenoemde Partij, mogen niet xxxxx zijn xxx die xxxxx in rekening xxxxxx gebracht met betrekking tot de vluchten van een andere luchtvaartmaatschappij die soortgelijke vluchten uitvoert.
5. Geen der Verdragsluitende Partijen begunstigt een andere xxxxx- vaartmaatschappij ten opzichte van de aangewezen luchtvaartmaatschap- pij van de andere Verdragsluitende Partij bij de toepassing xxx xxxx voorschriften inzake douane, immigratie, quarantaine en soortgelijke voorschriften, of bij het gebruik van luchthavens, luchtwegen, luchtver- keersdiensten en aanverwante voorzieningen waarover zij zeggenschap heeft.
Artikel 13
Erkenning van bewijzen en vergunningen
Bewijzen van luchtwaardigheid, bewijzen van bevoegdheid en ver- gunningen die door de ene Verdragsluitende Partij zijn afgegeven of gel- dig verklaard en die nog niet zijn verlopen, xxxxxx door de andere Verdragsluitende Partij als geldig erkend voor de exploitatie van over- eengekomen diensten op de omschreven routes, mits deze bewijzen of vergunningen werden afgegeven of geldig verklaard overeenkomstig de op grond van het Verdrag van Chicago vastgestelde normen.
Elke Verdragsluitende Partij behoudt zich evenwel het recht voor om voor vluchten boven haar eigen grondgebied de erkenning te weigeren van bewijzen van bevoegdheid en vergunningen die aan haar eigen onderdanen zijn verstrekt door de andere Verdragsluitende Partij.
Article 14
Security
1. The Contracting Parties agree to provide aid to each other as nec- xxxxxx with a view to preventing unlawful seizure of aircraft and other unlawful acts against the safety of aircrafts, airports and air navigation facilities and any other threat to aviation security.
2. Each Contracting Party agrees to observe non-discriminatory and generally applicable security provisions required by the other Contract- ing Party for entry into the territory of the other Contracting Party and to take adequate measures to inspect passengers and their carry-on items. Each Contracting Party shall also give sympathetic consideration to any request from the other Contracting Party for special security measures for its aircraft or passengers to meet a particular threat.
3. The Contracting Parties shall act consistently with applicable avia- tion security provisions established by the International Civil Aviation Organization. Should a Contracting Party depart from such provisions, the other Contracting Party may request consultations with that Con- tracting Party. Unless otherwise agreed by the Contracting Parties, such consultations shall begin within a period of sixty (60) days from the date of receipt of such a request. Failure to reach a satisfactory agreement could constitute grounds for the application of Article 16 of this Agreement.
4. The Contracting Parties shall act in conformity with the provisions of the Convention on Offences and Certain Other Acts Committed on Board Aircraft, signed at Tokyo on September 14, 1963, the Convention for the Suppression of Unlawful Seizure of Aircraft, signed at The Hague on December 16, 1970, and the Convention for the Suppression of Unlawful Acts Against the Safety of Civil Aviation, signed at Mon- treal on September 23, 1971, insofar as the Contracting Parties are both party to these Conventions.
5. When an incident, or threat of an incident, of unlawful seizure of aircraft or other unlawful acts against the safety of aircraft, airports and air navigation facilities occurs, the Contracting Parties shall assist each
Artikel 14
Beveiliging
1. De Verdragsluitende Partijen komen overeen elkaar de nodige bij- stand te verlenen ten einde het wederrechtelijk in zijn macht brengen van luchtvaartuigen of andere wederrechtelijke gedragingen gericht tegen de veiligheid van luchtvaartuigen, luchthavens en voorzieningen voor de luchtvaart, alsmede elke bedreiging van de veiligheid van de luchtvaart, te voorkomen.
2. Elke Verdragsluitende Partij stemt ermede in zich xx xxxxxx aan door de andere Verdragsluitende Partij vereiste non-discriminatoire en algemeen toepasselijke bepalingen inzake de beveiliging bij binnen- komst in het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij en pas- sende maatregelen te nemen om passagiers en hun handbagage aan een onderzoek te onderwerpen. Elke Verdragsluitende Partij neemt ook elk verzoek van de andere Verdragsluitende Partij om bijzondere beveiligingsmaatregelen te nemen voor haar luchtvaartuigen of xxxxx- xxxxx, ten einde het hoofd te bieden aan een specifieke bedreiging, wel- willend in overweging.
3. De Verdragsluitende Partijen handelen in overeenstemming met de toepasselijke bepalingen inzake de beveiliging van de luchtvaart, vast- gesteld door de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie. Mocht een Verdragsluitende Partij van zodanige bepalingen afwijken, xxx xxx de andere Verdragsluitende Partij verzoeken om overleg met die Verdrag- sluitende Partij. Tenzij anders door de Verdragsluitende Partijen is over- eengekomen, vangt zodanig overleg aan binnen een tijdvak van zestig
(60) dagen na de datum van ontvangst van een zodanig verzoek. Indien de Partijen niet tot bevredigende overeenstemming kunnen komen, zou dit een grond kunnen vormen voor de toepassing van artikel 16 van dit Verdrag.
4. De Verdragsluitende Partijen handelen in overeenstemming met de bepalingen van het Verdrag inzake strafbare feiten en bepaalde andere handelingen begaan aan xxxxx van luchtvaartuigen, ondertekend te To- kyo op 14 september 1963, het Verdrag tot bestrijding van het weder- rechtelijk in zijn macht brengen van luchtvaartuigen, ondertekend te ’s-Gravenhage op 16 december 1970, en het Verdrag tot bestrijding van wederrechtelijke gedragingen gericht tegen de veiligheid van de burger- luchtvaart, ondertekend te Montreal op 23 september 1971, voor zover de Verdragsluitende Partijen beide Partij bij deze Verdragen zijn.
5. Wanneer zich een voorval voordoet van het wederrechtelijk in zijn macht brengen van een luchtvaartuig of van andere wederrechtelijke gedragingen gericht tegen de veiligheid van luchtvaartuigen, luchtha-
other by facilitating communications intended to terminate rapidly and safely such incident or threat thereof.
Article 15
Consultation and amendment
1. In a spirit of close cooperation the aeronautical authorities of the Contracting Parties shall consult each other from time to time with a view to ensuring the implementation of, and satisfactory compliance with, the provisions of this Agreement.
2. Either Contracting Party may request consultations, which shall begin within sixty (60) days from the date of the receipt of the request unless both Contracting Parties agree to an extension or reduction of this period. Such consultations may be conducted through discussion or by correspondance.
3. Any modification to the present Agreement agreed upon by the Contracting Parties, shall come into force on the date on which the Con- tracting Parties have informed each other in writing of the completion of their respective constitutional requirements.
4. Any amendment of the Annex to the present Agreement shall be agreed upon in writing between the aeronautical authorities and shall take effect on a date to be determined by the said authorities.
Article 16
Settlement of disputes
1. If any dispute arises between the Contracting Parties relating to the interpretation or application of the present Agreement, the Contracting Parties shall in the first place endeavour to settle it by negotiation between themselves.
2. If the Contracting Parties fail to reach a settlement by negotiation, the dispute may at the request of either Contracting Party be submitted for decision to a tribunal of three arbitrators, one to be named by each Contracting Party and the third to be agreed upon by the two arbitrators so chosen, provided that such third arbitrator shall not be a national of either Contracting Party. Each of the Contracting Parties shall designate an arbitrator within a period of sixty (60) days from the date of receipt by either Contracting Party from the other Contracting Party of a diplo- matic note requesting arbitration of the dispute and the third arbitrator shall be agreed upon within a further period of sixty (60) days. If either
vens of luchtvaartvoorzieningen, of dreigt zich voor te doen, verlenen de Verdragsluitende Partijen elkander bijstand door de verbindingen be- doeld om op snelle en veilige wijze een einde te maken aan een xxxxx- lijk voorval, of de dreiging daarvan, te vergemakkelijken.
Artikel 15
Overleg en wijziging
1. In een geest van nauwe samenwerking plegen de luchtvaart- autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen van tijd tot tijd overleg met elkander ten einde te verzekeren dat de bepalingen van dit Verdrag wor- den uitgevoerd en op bevredigende wijze xxxxxx nageleefd.
2. Elk der Verdragsluitende Partijen kan verzoeken om overleg, dat begint binnen zestig (60) dagen na de datum van ontvangst van het ver- zoek, tenzij beide Verdragsluitende Partijen instemmen met een xxxxxx- xxxx of bekorting van deze termijn. Bedoeld overleg kan zowel door middel van besprekingen als door middel van briefwisseling xxxxxx gevoerd.
3. Een door de Verdragsluitende Partijen overeengekomen wijziging op dit Verdrag wordt xxx xxxxxx op de datum waarop de Verdrag- sluitende Partijen elkander er schriftelijk van in kennis hebben gesteld dat aan hun onderscheiden constitutionele vereisten is voldaan.
4. Een wijziging op de Bijlage bij dit Verdrag wordt schriftelijk tus- sen de luchtvaartautoriteiten overeengekomen en wordt xxx xxxxxx op een door genoemde autoriteiten te bepalen datum.
Artikel 16
Regeling van geschillen
1. Indien tussen de Verdragsluitende Partijen een geschil ontstaat met betrekking tot de uitlegging of toepassing van dit Verdrag, trachten de Verdragsluitende Partijen dit in de eerste plaats te regelen door middel van onderlinge onderhandelingen.
2. Indien de Verdragsluitende Partijen er niet in slagen tot een xxxx- xxxx te komen door middel van onderhandeling, kan het geschil op ver- zoek van een der Verdragsluitende Partijen ter beslissing xxxxxx voor- gelegd aan een gerecht van drie scheidsmannen, van xxx xxxx Verdragsluitende Partij er een benoemt, waarna over de derde overeen- stemming moet xxxxxx bereikt door de twee aldus gekozen scheidsman- nen, mits deze derde scheidsman geen onderdaan is van een der Verdrag- sluitende Partijen. Elk der Verdragsluitende Partijen wijst een scheidsman aan binnen een termijn van zestig (60) dagen na de datum waarop de ene Verdragsluitende Partij van de andere Verdragsluitende Partij een
of the Contracting Parties fails to designate its own arbitrator within the period of sixty days (60) or if the third arbitrator is not agreed upon within the period indicated, the President of the Council of the Interna- tional Civil Aviation Organisation may be requested by either Contract- ing Party to appoint an arbitrator or arbitrators.
3. The Contracting Parties undertake to comply with any decision given under paragraph 2 of this Article.
Article 17
Termination
Either Contracting Party may at any time give notice in writing through diplomatic channels to the other Contracting Party of its deci- sion to terminate this Agreement.
Such notice shall be simultaneously communicated to the Interna- tional Civil Aviation Organisation. In such case this Agreement shall ter- minate twelve (12) months after the date when the notice has been received by the other Contracting Party unless the notice to terminate is withdrawn by agreement before the expiry of this period. In the absence of acknowledgement of receipt by the other Contracting Party, notice shall be deemed to have been received fourteen (14) days after the receipt of the notice by the International Civil Aviation Organisation.
Article 18
Registration with ICAO
This Agreement and any amendment thereto shall be registered with the International Civil Aviation Organisation.
Article 19
Applicability of multilateral agreements
1. The provisions of the Convention shall be applied to this Agree- ment.
2. If a multilateral agreement concerning any matter covered by this Agreement, equally accepted by both Parties, enters into force, the rel- evant provisions of that agreement shall supersede the relevant provi- sions of the present Agreement.
diplomatieke nota heeft ontvangen waarin om een scheidsrechterlijke uitspraak wordt verzocht, en over de derde scheidsman dient overeen- stemming xx xxxxxx bereikt binnen een volgende termijn van zestig (60) dagen. Indien een van de Verdragsluitende Partijen geen eigen scheids- man aanwijst binnen de termijn van zestig (60) dagen of indien niet bin- nen de aangegeven termijn overeenstemming is bereikt omtrent de derde scheidsman, kan door een van de Verdragsluitende Partijen de Voorzit- ter van de Raad van de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie wor- den verzocht een scheidsman of scheidsmannen te benoemen.
3. De Verdragsluitende Partijen verplichten zich ertoe zich xx xxxxxx aan elke beslissing genomen op grond van het tweede lid van dit artikel.
Artikel 17
Beëindiging
Elk der Verdragsluitende Partijen kan xx xxxxx tijde de andere Verdrag- sluitende Partij langs diplomatieke weg schriftelijk mededeling doen xxx xxxx besluit dit Verdrag te beëindigen.
Deze mededeling wordt tegelijkertijd gezonden aan de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie. In dit geval eindigt dit Verdrag twaalf (12) maanden na de datum van ontvangst van de mededeling door de andere Verdragsluitende Partij, tenzij de mededeling van opzegging in onderling overleg voor het einde van dit tijdvak wordt ingetrokken. Indien de andere Verdragsluitende Partij nalaat de ontvangst te bevestigen, wordt de mededeling geacht te zijn ontvangen veertien (14) dagen na ontvangst van de mededeling door de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie.
Artikel 18
Registratie bij de ICAO
Dit Verdrag en alle daarin aangebrachte wijzigingen xxxxxx geregi- streerd bij de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie.
Artikel 19
Toepasselijkheid van multilaterale overeenkomsten
1. De bepalingen van het Verdrag van Chicago xxxxxx op dit Verdrag toegepast.
2. Indien een door beide Partijen gelijkelijk aanvaard multilateraal verdrag ter zake van een aangelegenheid die door dit Verdrag wordt bestreken, in xxxxxxx treedt, hebben de desbetreffende bepalingen van dat verdrag voorrang boven de desbetreffende bepalingen van het onder- havige Verdrag.
Article 20
Applicability
As regards the Kingdom of the Netherlands, this Agreement shall apply to the Kingdom in Europe only.
Article 21
Entry into force
The present Agreement shall come into force on the thirtieth (30) day following the date on which the Contracting Parties have informed each other through diplomatic channels that the internal requirements for the entry into force have been complied with.
IN WITNESS WHEREOF, the undersigned, being duly authorized thereto by their respective Governments, have signed this Agreement.
DONE in duplicate at Santo Xxxxxxx, on 15 December 1998, in the Netherlands, Spanish and English languages, each version being equally authentic. In the event of any inconsistencies the English version shall prevail.
For the Kingdom of the Netherlands
(sd.) N. P. VAN ZUTPHEN
Xxxx Xxxxx xxx Xxxxxxx Ambassador extraordinary and plenipotentiary to the Dominican Republic
For the Dominican Republic
(sd.) XXXXXXX XXXXXXX
Xxxxxxx Xxxxxxx Secretary of State of Foreign Affairs
Artikel 20
Werkingssfeer
Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, is dit Verdrag slechts van toepassing op het Rijk in Europa.
Artikel 21
Inwerkingtreding
Dit Verdrag treedt in xxxxxxx op de dertigste (30) dag volgend op de datum waarop de Verdragsluitende Partijen elkaar via diplomatieke weg hebben medegedeeld dat aan de interne vereisten voor de inwerkingtre- ding is voldaan.
TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekenden, daartoe naar behoren gemachtigd door hun onderscheiden Regeringen, dit Verdrag hebben ondertekend.
GEDAAN xx Xxxxx Xxxxxxx, op 15 december 1998, in tweevoud in de Nederlandse, de Spaanse en de Engelse taal, zijnde alle teksten gelij- kelijk authentiek. In geval van verschillen tussen de teksten is de En- gelse tekst doorslaggevend.
Voor het Koninkrijk der Nederlanden
(w.g.) N. P. VAN ZUTPHEN
Xxxx Xxxxx xxx Xxxxxxx Buitengewoon en Gevolmachtigd Ambassadeur in de Dominicaanse Republiek
Voor de Dominicaanse Republiek
(w.g.) XXXXXXX XXXXXXX
Xxxxxxx Xxxxxxx Minister van Buitenlandse Zaken
Annex
Route schedule
A. 1. Points to be served in both directions by the designated airline of the Dominican Republic;
points in the Dominican Republic - intermediate points - points in the Netherlands - six points in Europe to be named by the aero- nautical authorities of the Dominican Republic.
2. Points to be served in both directions by the designated airline of the Kingdom of the Netherlands;
points in the Netherlands - intermediate points - points in the Dominican Republic - Xxxxxxx, Camagüey, Varadero, Bridgetown, points in Jamaica.
B. 1. Any point or points on the specific routes may be omitted on any or all flights.
2. Points on the specified routes may be served in any order.
3. The intermediate points shall be agreed upon later by the aero- nautical authorities of both Contracting Parties.
4. The designated airline of a Contracting Party shall be allowed to exercise traffic rights between all points included in its route schedule under A and the territory of the other Contracting Party.
5. The designated airline of a Contracting Party may serve any other point not mentioned in the Route Schedule provided that no fifth freedom traffic rights are exercised unless otherwise agreed between the aeronautical authorities.
6. The points beyond may also be served as intermediate points.
Bijlage
Routetabel
A. 1. Punten in beide richtingen aan te doen door de aangewezen luchtvaartmaatschappij van de Dominicaanse Republiek:
punten in de Dominicaanse Republiek - tussenliggende punten - punten in Nederland - zes door de luchtvaartautoriteiten van de Dominicaanse Republiek te noemen punten in Europa.
2. Punten in beide richtingen aan te doen door de aangewezen luchtvaartmaatschappij van het Koninkrijk der Nederlanden: punten in Nederland - tussenliggende punten - punten in de Domi- nicaanse Republiek - Xxxxxxx, Camagüey, Varadero, Bridgetown, punten op Jamaica.
B. 1. Een punt of punten op de omschreven route kunnen op een of alle vluchten xxxxxx overgeslagen.
2. Punten op de omschreven route mogen in elke volgorde wor- den aangedaan.
3. De tussenliggende punten xxxxxx later overeengekomen door de luchtvaartautoriteiten van beide Verdragsluitende Partijen.
4. Het is de aangewezen luchtvaartmaatschappij van een Verdrag- sluitende Partij toegestaan verkeersrechten uit te oefenen tussen alle in haar routetabel onder A opgenomen punten en het grondge- bied van de andere Verdragsluitende Partij.
5. De aangewezen luchtvaartmaatschappij van een Verdrag- sluitende Partij kan elk ander, niet in de routetabel genoemd, punt aandoen, mits xx xxxx vijfde-vrijheidsrechten xxxxxx uitgeoefend, tenzij tussen de luchtvaartautoriteiten anders is overeengekomen.
6. De verder gelegen punten kunnen ook als tussenliggende pun- ten xxxxxx aangedaan.
D. PARLEMENT
Het Verdrag behoeft ingevolge artikel 91 van de Grondwet de goed- keuring van de Staten-Generaal, alvorens het Koninkrijk aan het Verdrag xxx xxxxxx gebonden.
G. INWERKINGTREDING
De bepalingen van het Verdrag zullen ingevolge artikel 21 in xxxxxxx xxxxxx op de dertigste dag volgend op de datum waarop de Verdrag- sluitende Partijen elkaar via diplomatieke weg hebben medegedeeld dat aan de interne vereisten voor de inwerkingtreding is voldaan.
J. GEGEVENS
Van het op 7 december 1944 te Chicago tot stand gekomen Verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart, naar xxxx Verdrag wordt ver- wezen onder meer in de preambule tot het onderhavige Verdrag, zijn de Engelse tekst en de vertaling bekendgemaakt in Stb. H. 165; zie ook, laatstelijk, Trb. 1996, 32.
Van het op 14 september 1963 te Tokio tot stand gekomen Verdrag inzake strafbare feiten en bepaalde andere handelingen begaan aan xxxxx van luchtvaartuigen, naar xxxx Verdrag wordt verwezen in artikel 14, vierde lid, van het onderhavige Verdrag, is de tekst geplaatst in Trb. 1964, 115 en de vertaling in Trb. 1964, 186; zie ook, laatstelijk, Trb. 1995,
203.
Van het op 16 december 1970 te ’s-Gravenhage tot stand gekomen Verdrag tot bestrijding van het wederrechtelijk in zijn macht brengen van luchtvaartuigen, naar xxxx Verdrag wordt verwezen in artikel 14, vierde lid, van het onderhavige Verdrag, zijn de Engelse en xx Xxxxxx tekst, alsmede de vertaling, geplaatst in Trb. 1971, 50; zie ook, laatste- lijk, Trb. 1995, 204.
Van het op 23 september 1971 te Montreal tot stand gekomen Verdrag tot bestrijding van wederrechtelijke gedragingen gericht tegen de burger- luchtvaart, naar xxxx Verdrag wordt verwezen in artikel 14, vierde lid, van het onderhavige Verdrag, zijn de Engelse en xx Xxxxxx tekst, als- mede de vertaling, geplaatst in Trb. 1971, 218; zie ook, laatstelijk, Trb. 1995, 205.
TRB2104
ISSN 0920 - 2218
Sdu Uitgevers
’s-Gravenhage 1999
Uitgegeven de veertiende januari 1999.
De Minister van Buitenlandse Zaken,
X. X. XXX XXXXXXX