Verplichtingen van de verzekerde 7.1 De verzekerde die een verzoek om rechtsbijstand wil doen, meldt zijn verzoek zo spoedig mogelijk na het ontstaan van het geschil aan bij DAS. 7.2 Als twijfelachtig is of het verzoek om rechtsbijstand van de verzekerde betrekking heeft op een geschil, moet de verzekerde de aanwezigheid van een geschil aantonen door een deskundigenrapport. Dit rapport moet uitsluitsel geven over de feitelijke gevolgen van de gebeurtenis en over de oorzaak en veroorzaker van het geschil. Geeft het rapport voldoende grond voor het verlenen van rechtsbijstand, dan vergoedt DAS de kosten van het rapport. 7.3 De verzekerde die om rechtsbijstand verzoekt, verleent alle medewerking aan DAS of aan de ingeschakelde externe deskundigen. Dit houdt in ieder geval in dat hij: • alle gegevens en stukken verstrekt die op zijn verzoek betrekking hebben; • op verzoek van DAS de omvang van het geschil en/of het (financieel) belang aannemelijk maakt; • DAS machtigt de stukken die een externe deskundige over zijn verzoek ter beschikking heeft in te zien; • zich desgevraagd civiele partij stelt in een strafzaak en meewerkt aan het verhalen van de gemaakte kosten van rechtsbijstand op derden; • verplicht is om alle medewerking te verlenen en/of om zijn rechten aan DAS over te dragen om de gemaakte of nog te maken kosten op derden te verhalen; • alles nalaat wat de belangen van DAS kan schaden. 7.4 De verzekerde is verplicht de door DAS voorgeschoten kosten, voor zover hij die ontvangt, te restitueren aan DAS. Daaronder worden onder andere verstaan de door de verzekerde ontvangen buiten gerechtelijke kosten, de bij een onherroepelijk vonnis toegewezen proceskosten en de voor de verzekerde verrekenbare BTW.
Verplichtingen van de huurder 1. Huurder voldoet de te betalen prijs voor het gehuurde in zijn geheel, bij vooruitbetaling, vóór de eerste van de maand door betaling van het verschuldigde bedrag op de door verhuurder aangegeven wijze. Vanaf de eerste dag van de maand is huurder voor de termijn voor die maand in verzuim en is hij wettelijke rente verschuldigd. 2. Huurder zal zich bij de huurbetaling niet beroepen op enige verrekening, behoudens in het geval van artikel 7:206 lid 3 van het Burgerlijk Wetboek. 3. Huurder zal het gehuurde gebruiken en onderhouden zoals het een goed huurder betaamt. 4. Huurder zal het gehuurde, waaronder begrepen alle aanhorigheden en de eventuele gemeenschappelijke ruimten, overeenkomstig de bestemming gebruiken en deze bestemming niet wijzigen. Onder gemeenschappelijke ruimten worden verstaan trappenhuizen, liften, kelders, zolders, garages, bergingen, galerijen, tuinen, binnenplaatsen, achterpaden, voor zover huurder het gebruik van deze ruimte(n) met andere huurders of gebruikers deelt. 5. Huurder zal het gehuurde gedurende de huurtijd zelf als woonruimte voor hem en leden van zijn huishouden bewonen en er zijn hoofdverblijf hebben. Onder hoofdverblijf wordt verstaan het dagelijks feitelijk gebruik van de woning door de huurder zelf, onder andere door dagelijks in de woning te slapen en in de woning te koken. a. Indien huurder, naast normale vakanties voor de duur van de schoolvakanties (drie maanden), het gehuurde niet bewoont, dient hij verhuurder hiervan schriftelijk op de hoogte te brengen. b. Huurder is ervan op de hoogte dat hij niet aan zijn verplichtingen op grond van de wet kan voldoen als hij het gehuurde voor langere tijd niet als hoofdverblijf gebruikt, zoals de verplichting om gebreken aan het gehuurde onverwijld te vermelden en de verplichting om zelf kleine herstellingen te verrichten. c. Huurder is zich er voorts van bewust dat verhuurder een toewijzingsbeleid kent voor sociale huurwoningen en (voor zover het gehuurde een woning met een sociale huurprijs betreft) voor het gehuurde een ‘wachtlijst’ gehanteerd wordt. Om deze reden wenst verhuurder het gehuurde slechts aan huurder te verhuren indien huurder aan de bovengenoemde voorwaarden voldoet. 6. Het is huurder niet toegestaan om zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van verhuurder het gehuurde geheel of gedeeltelijk onder te verhuren of in gebruik te geven aan derden, dan wel het gehuurde op internet of anderszins aan derden te huur of in gebruik aan te bieden. Een verzoek tot toestemming dient schriftelijk te worden gedaan, onder vermelding van de naam van de onderhuurder, de onderhuurprijs en de ingangsdatum van de onderhuurovereenkomst. Verhuurder is bevoegd toestemming te weigeren, of om aan zijn toestemming voorwaarden te verbinden. Voor ongeoorloofde onderhuur geldt voorts dat huurder alle door onderhuur verkregen inkomsten aan verhuurder dient af te dragen. Daarnaast is huurder een onmiddellijk opeisbare boete verschuldigd van € 2.500,- te vermeerderen met € 50,- (prijspeil november 2013 geïndexeerd volgens de CBS Consumentenprijsindex, Alle Huishoudens) per dag voor iedere dag dat de overtreding voortduurt met een maximum van € 15.000,-. 7. Bij vermoedens van het niet hebben van hoofdverblijf en/of het geheel of gedeeltelijk onder verhuren dan wel het geheel of gedeeltelijk in gebruik geven van het gehuurde aan derden, rust op huurder de bewijslast dat hij onafgebroken zijn hoofdverblijf heeft behouden in het gehuurde en hij het gehuurde niet geheel of gedeeltelijk heeft onderverhuurd of in gebruik heeft gegeven aan derden. 8. Omdat het gehuurde is bestemd als woonruimte, is het huurder zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van verhuurder niet toegestaan het gehuurde geheel of gedeeltelijk te gebruiken als bedrijfsruimte. Een verzoek tot toestemming dient schriftelijk te worden gedaan. Verhuurder kan voorwaarden verbinden aan de door hem te verlenen toestemming en de aanvraag toetsen aan de lokale huisvestingsverordening. 9. Huurder is verplicht de tuin van het gehuurde als sier- of moestuin te gebruiken en deze zodanig te onderhouden dat deze – naar het oordeel van verhuurder – een verzorgde indruk maakt en zal geen bomen, struiken of andere beplanting aanbrengen die onredelijke overlast voor derden kunnen veroorzaken. Beplanting dient bovendien te allen tijde op een zodanige wijze te worden gesnoeid dat omwonenden voldoende licht in hun tuin hebben. Erfafscheiding. Zowel aangebracht door verhuurder als door huurder, dienen door huurder onderhouden te worden. Verhuurder heeft het recht te vorderen dat huurder tijdens de huurperiode of bij het einde van de huur op kosten van huurder door hem geplante bomen en/of opschietende beplanting (laat) verwijderen en te snoeien op de wijze zoals beschreven. 10. De tuin van het gehuurde is in elk geval uitdrukkelijk niet bestemd voor de opslag van goederen (zoals fietsen) of als parkeerplaats voor auto’s, caravans, aanhangwagens en andere zaken van welke aard dan ook. 11. Het is huurder niet toegestaan om zaken, zoals fietsen, vuilniszakken, dozen, planten, (koel)kasten, volières, schoenen en dergelijke, in gemeenschappelijke ruimten of op balkons te plaatsen. Ook het plaatsen en/ of ophangen van wasrekken aan de galerijzijde en/of de algemene ruimte is niet toegestaan. Het uitlaten en/of loslaten van huisdieren in de algemene ruimte is niet toegestaan. Doet de huurder een van de omschreven zaken toch, dan is verhuurder gerechtigd deze zaken te (laten) verwijderen en/of schoonmaken op kosten van huurder. 12. Huurder is verplicht er zorg voor te dragen dat omwonenden geen overlast of hinder hebben van huurder, huisgenoten, huisdieren en/of derden die zich vanwege huurder in, rondom of in de directe nabijheid van het gehuurde en/of in de gemeenschappelijke ruimten bevinden. 13. Huurder zal het gehuurde voorzien van behoorlijke meubilering en stoffering. In gestapelde bouw dient een zodanige vloerbedekking te worden aangebracht dat er voldoende geluiddemping is, conform wettelijk gestelde eisen 10 dB (peildatum 1-1-2017). Is er sprake van geluidshinder, dan rest op huurder de bewijslast dat hij de juiste geluidsdemping heeft toegepast in de woning. Huurder past zijn woongedrag bovendien aan op de soort woning waarop de huurovereenkomst betrekking heeft. Bij een woning waarvan bekend is dat deze gehorig is, zal de huurder ervoor zorgen dat zijn stemgeluid en dat van zijn bezoek, alsmede het geluid van de geluidsinstallatie(s), in de regel niet te horen zijn in de woningen van omwonenden. 14. Huurder dient zich als goed huurder te gedragen jegens medewerkers van verhuurder en door verhuurder ingeschakelde derden. Fysiek of verbaal geweld, agressiviteit en ander wangedrag is huurder onder geen beding toegestaan. Indien huurder zich schuldig maakt aan dergelijk wangedrag, kan verhuurder een gerechtelijke procedure tot ontbinding van de huurovereenkomst starten. 15. Het is huurder niet toegestaan in het gehuurde en/of bijbehorende (gemeenschappelijke) ruimten en/of de directe omgeving van het gehuurde hennep of andere drugs te (laten) kweken, drogen, verknippen, stekken of op enige andere wijze te (laten) bewerken of te (laten) produceren, dan wel andere activiteiten te (laten) verrichten die op grond van de Opiumwet of het strafrecht strafbaar zijn gesteld. a. Huurder is bij overtreding van dit verbod een onmiddellijk opeisbare boete verschuldigd van € 2.500,- te vermeerderen met € 50,- (prijspeil november 2013 geïndexeerd volgens de CBS Consumentenprijsindex, Alle Huishoudens) per dag voor iedere dag dat de overtreding voortduurt, met een maximum van € 15.000,-, onverminderd de verplichting van huurder om alsnog overeenkomstig dit artikel te handelen en onverminderd de overige rechten van verhuurder op schadevergoeding, nakoming, ontbinding of anderszins. b. Huurder is bekend met het feit dat het handelen in strijd met dit verbod dermate ernstig is dat de enkele constatering van een overtreding hiervan door verhuurder, dan wel door een derde, tot de ontbinding van de huurovereenkomst kan leiden. 16. Huurder dient door hem geconstateerde gebreken onverwijld op de door verhuurder voorgeschreven wijze (bij gebreke van voorschriften van verhuurder: schriftelijk) aan verhuurder te melden. 17. Indien derden huurder in zijn woongenot storen door het veroorzaken van overlast dan wel op andere wijze, zal huurder dit meteen en zoveel mogelijk schriftelijk en gespecificeerd aan verhuurder melden, (in geval van overlast) onder vermelding van de duur en de aard van de overlast. 18. Huurder is verplicht de nodige maatregelen te nemen ter voorkoming van schade aan het gehuurde, in het bijzonder in geval van brand, storm, water en vorst en andere calamiteiten. De huurder dient door welke oorzaak dan ook ontstane dan wel dreigende schade, alsmede gebreken aan het gehuurde meteen aan verhuurder te melden. Laat de huurder dit na dan zal de daardoor ontstane schade en/of gevolgschade zowel aan het gehuurde als aan de eigendommen van derden voor rekening van huurder komen. 19. Huurder is verplicht om een inboedelverzekering en aansprakelijkheidsverzekering af te sluiten en in stand te houden. Indien huurder op enig moment schade lijdt die valt onder de reikwijdte en dekking van een door hem afgesloten verzekering en verhuurder niet aansprakelijk is voor die schade, dient huurder zich tot zijn eigen verzekeraar te wenden. 20. In verband met controle door verhuurder van de naleving van de verplichtingen van de huurder op grond van deze algemene voorwaarden, dan wel met het oog op mogelijk door verhuurder uit te voeren werkzaamheden of controle van meterstanden en dergelijke, zal huurder verhuurder in de gelegenheid stellen het gehuurde te betreden. Onder verhuurder wordt in dit geval mede verstaan: de door of namens verhuurder aangewezen personen, welke zich altijd als zodanig dienen te kunnen legitimeren. 21. Indien het huurrecht van de huurder is geëindigd als gevolg van echtscheiding of scheiding van tafel of bed, is de huurder verplicht van de beëindiging van zijn huurrecht schriftelijk mededeling te doen aan verhuurder, onmiddellijk nadat de (rechterlijke) beschikking waarbij dit is bepaald, onherroepelijk is geworden. Zolang de huurder deze mededeling niet heeft gedaan, blijft hij tegenover verhuurder aansprakelijk voor de nakoming van alle verplichtingen uit deze huurovereenkomst. Voorgaande is ook van toepassing op de beëindiging van geregistreerd partnerschap. Indien de medehuurder de huurovereenkomst voortzet als huurder, is deze verplicht verhuurder hiervan onmiddellijk schriftelijk mededeling te doen. 22. Indien huurder een benedenwoning huurt, dient hij te gedogen dat voor het schoonhouden en onderhouden van de woningen boven de benedenwoning vaklieden de tuin van het gehuurde zullen betreden en ladders en/of ander materiaal in de tuin van het gehuurde worden geplaatst. 23. Het is huurder, huisgenoten en/of derden die zich vanwege huurder in de gemeenschappelijke en algemene ruimten bevinden niet toegestaan om te roken of drugs te gebruiken. Ook andere activiteiten die de openbare orde verstoren in en om de gemeenschappelijke en algemene ruimten zijn niet toegestaan. 24. Voor bepaalde complexen zijn leefregels opgesteld. Deze worden als allonge toegevoegd aan de huurovereenkomst. Is er sprake van leefregels in het complex dan dient huurder, huisgenoten en/of derden die zich vanwege huurder in het complex bevinden, zich aan de voor dat complex specifiek geldende regels te houden. Bij het niet naleven van de leefregels kan verhuurder een boete opleggen conform de in artikel 16 van deze algemene huurvoorwaarden omschreven boete regeling. 1 Conform de huisvestingsverordening vindt verhuur van sociale huurwoningen plaats via het regionale woonruimte verdeelsysteem.
Verplichtingen van de Klant 1. De Klant dient het Bedrijf in de gelegenheid te stellen de overeengekomen werkzaamheden te verrichten en dient, op verzoek, aansluitingsmogelijkheden voor de ten behoeve van de te verrichten werkzaamheden benodigde elektra, gas en water ter beschikking te stellen. De Klant dient ervoor zorg te dragen dat het Toestel en / of de Randapparatuur, waaraan gewerkt moet worden, voor de medewerker van het Bedrijf goed toegankelijk is. 2. De Klant verplicht zich: 2.1. Het Toestel te behoeden tegen beschadiging, waaronder bevriezing; 2.2. Het Toestel te gebruiken overeenkomstig zijn aard en bestemming en de door het Bedrijf en/of fabrikant gegeven aanwijzingen voor het gebruik op te volgen. Schade die ontstaat door het niet opvolgen van de aanwijzingen komen voor rekening van de Klant; 2.3. Van het niet of niet behoorlijk functioneren van het Toestel onmiddellijk kennis te geven aan het Bedrijf; 2.4. Geen wijzigingen aan het Toestel aan te (laten) brengen en daaraan geen controle-, onderhouds- of herstelwerkzaamheden te (laten) verrichten anders dan door het Bedrijf; 2.5. De door of vanwege het Bedrijf aangewezen medewerkers en installateurs in de gelegenheid te stellen het Toestel te controleren, te onderhouden en/of te herstellen; 2.6. Bedrijfsmatig gebruik van het Toestel is slechts toegestaan indien dit uitdrukkelijk schriftelijk is overeengekomen. 3. De Klant is verplicht om ervoor zorg te dragen dat het Bedrijf, nadat een afspraak is gemaakt ter verhelping van een Storing en / of het uitvoeren van Onderhoud, ook daadwerkelijk toegang verkrijgt tot het perceel waarin het Toestel is geplaatst. Indien de Klant hiermee in gebreke blijft, is het Bedrijf gerechtigd de gebruikelijke voorrijkosten in rekening te brengen. Vervolgens is het de verantwoordelijkheid van de Klant de Service alsnog te laten verrichten. 4. Indien de Klant het Toestel vervangt dient hij dit melden aan het Bedrijf. Het lopende Abonnement wordt voortgezet.
Algemene verplichtingen van de werkgever 1. De werkgever verplicht zich alle uit deze DNV-CAO voortvloeiende verplichtingen naar redelijkheid en billijkheid na te komen. De werkgever verplicht zich in Nederland geen werknemer(s) in dienst te nemen of te houden op voorwaarden die in strijd zijn met het bepaalde in deze DNV-CAO. 2. De werkgever zal met iedere werknemer een schriftelijke individuele arbeidsovereenkomst aangaan, waarin verwezen wordt naar deze DNV-CAO, die integraal deel uitmaakt van de individuele arbeidsovereenkomst. 3. De werkgever zal werknemers stimuleren en motiveren hun inzetbaarheid op de arbeidsmarkt te vergroten en zal de daarvoor benodigde faciliteiten bieden. 4. Met inachtneming van de verplichtingen die voortvloeien uit respectievelijk de SER- fusiegedragsregels, de Wet op de Ondernemingsraden en de Wet Melding Collectief Ontslag zal de werkgever indien hij overweegt: - een fusie of overname aan te gaan - een bedrijfsonderdeel te sluiten - de personeelsbezetting ingrijpend te herzien - een interne herstructurering uit te voeren hierbij de sociale gevolgen betrekken. Als een deel van de onderneming overgaat naar een derde partij volgen werknemers het werk en gaan zij van rechtswege over. Ingeval het arbeidsvoorwaardenpakket bij de nieuwe werkgever over het geheel genomen niet gelijkwaardig blijkt, zullen - tenzij partijen anders bepalen - overgangsmaatregelen overeengekomen worden in een Sociaal Plan. De werkgever zal, naast advies vragen aan de OR, de vakorganisaties en de betrokken werknemers inlichten omtrent de overwogen maatregelen en voorts met de vakorganisaties overleg plegen over de eventueel daaruit voor de betrokken werknemers voortvloeiende sociale gevolgen, waaronder kunnen worden verstaan de mogelijkheden van om-, her- en bijscholing, herplaatsing en van aanvullingen op de uitkeringen krachtens de sociale zekerheidswetten. 5. De werkgever zal de vakorganisaties tenminste tweemaal per jaar informeren over de algemene gang van zaken in de onderneming alsmede over investeringsplannen die tot een aanmerkelijke verandering in de bedrijfssituatie aanleiding geven, voor zover hieraan sociale gevolgen en/of gevolgen voor de werkgelegenheid verbonden zijn. Hierbij zullen de werkgever en de vakorganisaties rekening houden met de positie en de taak van de OR.
Algemene verplichtingen van de werknemer 1. De werknemer zal de belangen van het bedrijf van de werkgever als een goed werknemer behartigen, ook als daarvoor geen uitdrukkelijke opdracht is gegeven. 2. De werknemer zal alle hem door of namens de werkgever opgedragen werkzaamheden zo goed mogelijk uitvoeren en daarbij alle verstrekte aanwijzingen en voorschriften in acht nemen, voor zover dit redelijkerwijze van hem kan worden gevraagd. 3. De werknemer zal zich voor wat betreft zijn werk- en rusttijden houden aan het voor hem geldende dienstrooster. 4. De werknemer zal ook buiten de in het dienstrooster aangegeven uren arbeid verrichten, voor zover de werkgever de desbetreffende wettelijke voorschriften en de bepalingen van deze cao in acht neemt. 5. De werknemer is medeverantwoordelijk voor de orde, veiligheid en de zedelijkheid in het bedrijf van de werkgever en zal de aanwijzingen en voorschriften opvolgen die de werkgever hiervoor geeft of namens hem laat geven. 6. Het is de werknemer verboden regelmatig enigerlei betaalde arbeid voor derden te verrichten of als zelfstandige een nevenbedrijf te voeren, tenzij de werkgever uitdrukkelijk toestemming heeft verleend. De werkgever is bevoegd een werknemer die dit verbod overtreedt, te schorsen. In geval van herhaling zal de werkgever dit beschouwen als een dringende reden als bedoeld in artikel 7;678 BW. De werknemer die arbeidsongeschikt wordt als gevolg van arbeid voor derden, verliest elke aanspraak op de in artikel 19 geregelde aanvullingen op de wettelijke uitkeringen ingeval van arbeidsongeschiktheid. Verzoeken van parttime werknemers tot ontheffing van het verbod worden door de werkgever in principe toegestaan, tenzij de werkzaamheden waarvoor ontheffing wordt gevraagd niet verenigbaar zijn met de uitoefening van de functie bij de werkgever. Ontheffing van het verbod zal niet worden verleend voor werkzaamheden die vergelijkbaar zijn met die in het bedrijf van de werkgever. 7. De werknemer zal zich (periodiek) volgens de ter zake geldende voorschriften, zoals o.a. genoemd in de Wet op de medische keuringen (WMK) laten keuren door een door de werkgever aan te wijzen arts.
Verplichtingen van de werkgever 1. Het is de werkgever niet toegestaan personeel in dienst te nemen, dat reeds elders een volledige dienstbetrekking heeft. 2.a. In het kader van de Arbozorg kan de werkgever de werknemer bij het aangaan van de dienstbetrekking alleen medisch laten keuren indien het gaat om een functie waaraan voor de vervulling ervan bijzondere eisen op het punt van medische geschiktheid zijn gesteld. Daarbij dient het bepaalde bij en krachtens de Wet op de medische keuringen te worden nageleefd. Deze bepaling geldt in ieder geval niet voor administratief- en leidinggevend personeel. De verplichting om een aanstellingskeuring te ondergaan vervalt indien uit een schriftelijk keuringsbewijs van de werknemer blijkt dat de werknemer recentelijk een soortgelijke medische keuring heeft ondergaan. De datum van het keuringsbewijs mag maximaal een jaar voor het aangaan van het dienstverband liggen. 2.b. De kosten van de rijbewijskeuring zijn voor rekening van de werkgever, tenzij daarin wettelijk op andere wijze wordt voorzien. Ten aanzien van de loonbetaling wordt in dit verband verwezen naar artikel 65 lid 1 sub l. 3. De werkgever verstrekt aan de werknemer xxxxxxxxx tegen ontvangstbewijs een exemplaar van de CAO en wijzigingen daarop. 4. Bij elke loonbetaling (per 4 weken, per maand) is de werkgever verplicht aan de werknemer een specificatie te verstrekken. Deze specificatie dient tenminste de navolgende gegevens te bevatten: - naam werknemer; - periode waarover loon wordt betaald; - functieloon; - toeslagen; - overuren; - bruto loon; - inhoudingen; - netto loon; - verblijfkostenvergoeding; - vakantiedagen; - ATV dagen; - saldo tijd voor tijduren; - saldo Persoonlijk Keuze Budget. 5. De kosten van de aanschaf door werknemer van de bestuurderskaart ten behoeve van de digitale tachograaf (1 x per 5 jaar) komen voor rekening van de werkgever.
Verplichtingen van de aannemer 1. De aannemer is verplicht het werk goed en deugdelijk en naar de bepalingen van de overeenkomst uit te voeren. De aannemer dient het werk zodanig uit te voeren, dat daardoor schade aan personen, goederen of milieu zoveel mogelijk wordt beperkt. De aannemer is voorts verplicht de door of namens de opdrachtgever gegeven orders en aanwijzingen op te volgen. 2. De uitvoering van het werk moet zodanig zijn, dat de totstandkoming van het werk binnen de overeengekomen termijn verzekerd is. 3. Indien de aard van het werk hiertoe aanleiding geeft, stelt de aannemer zich voor aanvang van het werk op de hoogte van de ligging van kabels en leidingen. 4. De aannemer wordt geacht bekend te zijn met de voor de uitvoering van het werk van belang zijnde wettelijke voorschriften en beschikkingen van overheidswege, voor zover deze op de dag van de offerte gelden. De aan de naleving van deze voorschriften en beschikkingen verbonden gevolgen zijn voor zijn rekening. 5. De aannemer is verplicht de opdrachtgever te wijzen op onvolkomenheden in door of namens de opdrachtgever voorgeschreven constructies en werkwijzen en in door of namens de opdrachtgever gegeven orders en aanwijzingen, alsmede op gebreken in door de opdrachtgever ter beschikking gestelde of voorgeschreven bouwstoffen en hulpmiddelen, voor zover de aannemer deze kende of redelijkerwijs behoorde te kennen. 6. Indien de prijsvormingmethode regie is overeengekomen, maakt de aannemer weekrapporten op en dient hij deze in bij de opdrachtgever. In de weekrapporten worden onder meer aantekeningen opgenomen betreffende de bestede uren en het verwerkte materiaal. Indien de opdrachtgever tegen de inhoud van een weekrapport bezwaar heeft, stelt hij de aannemer daarvan onder opgave van redenen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen een week na ontvangst van het weekrapport schriftelijk of elektronisch op de hoogte.
Verplichtingen van de Ouder 1. De Ouder meldt bijzonderheden van medische aard of in de ontwikkeling van het kind reeds bij de aanmelding. 2. De Ouder draagt zorg dat de Ondernemer beschikt over alle gegevens die van belang zijn voor de bereikbaarheid van de Ouder. 3. De Ouder houdt zich aan de regels die binnen het Kindercentrum gelden. 4. De Ouder onthoudt zich van enige gedraging die de uitvoering van de Overeenkomst van de zijde van de Ondernemer verzwaart en draagt zorg dat zijn kind zich hiervan ook onthoudt. 5. De Ouder brengt en haalt het kind op tijd en draagt zorg voor de nakoming van deze verplichting door anderen die het kind namens hem brengen en halen. 6. De Ondernemer legt de bevoegdheid van anderen dan de Ouders om het kind van de Kinderopvang te halen schriftelijk vast indien de Ouder daarom verzoekt. 7. De Ouder betaalt de Ondernemer conform de daarover gemaakte afspraken en binnen de betalingstermijn, althans draagt hiervoor de verantwoordelijkheid.
Verplichtingen van de werknemer 1. De werknemer is in het algemeen verplicht al datgene te doen en na te laten wat in gelijke omstandigheden een goede werknemer zou behoren te doen en na te laten. 2. De werknemer is verplicht, indien werkgever daartoe in bijzondere gevallen opdracht geeft, tijdelijk andere dan zijn gewone dagelijkse werkzaamheden te verrichten, voorzover deze arbeid verband houdt met het bedrijf en de werknemer kan worden geacht daartoe in staat te zijn. 3. De werknemer moet zich houden aan de huisregels (eventueel vastgelegd in een huishoudelijk reglement) zoals die gelden in de vestiging waar hij werkzaam is. Deze huisregels mogen niet in ongunstige zin afwijken van deze cao. 4. De werknemer moet een door de werkgever aangeboden individuele arbeidsovereenkomst tekenen, waarbij deze cao van toepassing wordt verklaard, als de werknemer akkoord is met de in de individuele arbeidsovereenkomst gestelde voorwaarden. 5. De werknemer is verplicht tijdens werktijd de door de werkgever verschafte bedrijfskleding te dragen en deze (naar behoren) te onderhouden. De werknemer is verplicht bij beëindiging van het dienstverband alle eigendommen en bescheiden die hij in zijn bezit heeft en van de onderneming zijn, direct aan de werkgever af te geven. 6. De werknemer is verplicht de voorschriften voor ziekmelding (zoals bijvoorbeeld in het verzuimreglement van de betreffende werkgever staan vermeld) na te leven. 7. Nevenfuncties waarbij er sprake is van een dienstverband met een derde moeten worden goedgekeurd door de werkgever. De goedkeuring kan door de werkgever alleen worden geweigerd als er sprake is van: a. strijdigheid met de wettelijke voorschriften op het gebied van rust- en arbeidstijden; b. aantoonbare strijdigheid met de belangen van de werkgever (zoals concurrerende werkzaamheden). Nevenfuncties waarbij er sprake is van een dienstverband met een derde, die op het moment van indiensttreding bij de werkgever al bestaan, moeten aan de werkgever gemeld worden. 8. De werknemer is zowel gedurende als na beëindiging van het dienstverband verplicht tot absolute geheimhouding van alle feiten en bijzonderheden betreffende de onderneming die de onderneming kunnen schaden. 9. De werknemer zal de hem toevertrouwde bedrijfsmiddelen overeenkomstig de bestemming gebruiken. Indien de werknemer aan de hem toevertrouwde bedrijfsmiddelen schade veroorzaakt door zijn bewuste roekeloosheid of grove schuld, heeft de werkgever de mogelijkheid deze schade op de werknemer te verhalen.
Verplichtingen van de cliënt 1. Elke cliënt legitimeert zich voorafgaand aan de totstandkoming van de overeenkomst en gedurende de looptijd van de overeenkomst op verzoek van de zorgaanbieder met een wettelijk erkend, geldig legitimatiebewijs. 2. Bij de intake geeft de cliënt de naam en de bereikbaarheidsgegevens op van een contactpersoon en, indien van toepassing, van de persoon die door de cliënt schriftelijk is gemachtigd in zijn plaats te treden als de cliënt niet meer in staat kan worden geacht tot een redelijke waardering van zijn belangen. 3. De cliënt geeft de zorgaanbieder, mede naar aanleiding van diens vragen, naar beste weten de inlichtingen en de medewerking die deze redelijkerwijs voor het uitvoeren van de overeenkomst behoeft, waaronder begrepen informatie over een eventuele wilsverklaring. 4. De cliënt onthoudt zich van gedrag dat schadelijk is voor de gezondheid of het welzijn van andere cliënten, bezoekers, zorgverleners, andere personen werkzaam bij of in opdracht van de zorgaanbieder en vrijwilligers. 5. De cliënt werkt mee aan instructies en maatregelen van de zorgaanbieder gericht op de (brand)veiligheid. 6. De cliënt houdt zich aan de huisregels. 7. De cliënt verleent alle noodzakelijke medewerking om de zorgaanbieder in staat te stellen de zorg te leveren conform regelgeving betreffende de arbeidsomstandig heden. 8. De cliënt moet zorgverleners en andere personen werkzaam bij of in opdracht van de zorgaanbieder de gelegenheid bieden hun taken uit te voeren zoals vastgelegd in het zorgleefplan of in het kader van veiligheid. 9. Zodra de cliënt zorg ontvangt van een andere zorgaanbieder, informeert hij de zorgaanbieder daarover. 10. De cliënt moet met bekwame spoed melding maken van de door hem geconstateerde schade.