Het hypotheekrecht Voorbeeldclausules

Het hypotheekrecht. Het hypotheekrecht is onze zekerheid dat u de schuld terugbetaalt met de opbrengst van de verkoop van het onderpand. Alle zaken die onlosmakelijk met het onderpand verbonden zijn, vallen onder het hypotheekrecht. Wij hebben het hypotheekrecht zolang u nog niet uw hele schuld aan ons heeft terugbetaald. We hebben voorrang op anderen bij wie u schulden heeft.
Het hypotheekrecht. 1. De Verkoper is gerechtigd tot het Hypotheekrecht, alsmede tot een pandrecht ten laste van de roerende zaken als bedoeld in artikel 3:254 Burgerlijk Wetboek. 2. Naast het bepaalde in de Hypotheekakte, zijn op het Hypotheekrecht onder meer van toepassing de door de Verkoper vastgestelde algemene voorwaarden voor zekerheidsrechten, een en ander zoals nader vermeld en/of omschreven in de Hypotheekakte. 3. Het Hypotheekrecht is eerste in rang. De Verkoper heeft aan de Notaris medegedeeld dat - voor zover aan de Verkoper bekend - het hiervoor onder 1. vermelde pandrecht eerste in rang is. 4. Het Hypotheekrecht is gevestigd tot het bedrag van driehonderd vijfenzeventigduizend euro (€ 375.000,00), te vermeerderen met het bedrag van honderd zevenentachtigduizend vijfhonderd euro (€ 187.500,00) voor onder meer rentes, boetes en kosten, derhalve tot een totaalbedrag van vijfhonderd tweeënzestigduizend vijfhonderd euro (€ 562.500,00). 5. De Verkoper heeft aan de Notaris medegedeeld dat de Verkoper het Hypotheekrecht niet heeft opgezegd en dat het Hypotheekrecht niet op enigerlei andere wijze teniet is gegaan. 6. Het bestaan van het Hypotheekrecht laat onverlet dat de Verkoper voorts gerechtigd is of kan zijn tot andere zekerheidsrechten die eveneens zijn gevestigd tot zekerheid voor de (terug)betaling van het Verschuldigde. 7. De Verkoper heeft aan de Notaris medegedeeld dat de vordering(en) van de Verkoper op de Schuldenaar – tot zekerheid waarvoor het Hypotheekrecht is gevestigd - niet is/zijn bezwaard met beperkte rechten en dat op die vordering(en) geen beslagen zijn gelegd.

Related to Het hypotheekrecht

  • Eigendomsvoorbehoud en pandrecht 1. Alle door ▇▇▇▇▇▇▇ in het kader van deze overeenkomst geleverde en nog te leveren zaken blijven uitsluitend eigendom van ▇▇▇▇▇▇▇, totdat alle vorderingen die Allflex uit welke hoofde dan ook op de afnemer heeft of zal verkrijgen, volledig zijn voldaan en de afnemer ook voorts alle overige verplichtingen uit de met Allflex gesloten overeenkomst(en) deugdelijk is nagekomen. 2. De afnemer is, zolang hij de in artikel 9.1 bedoelde vorderingen niet heeft voldaan dan wel zijn verplichtingen niet deugdelijk is nagekomen, niet gerechtigd op de door Allflex geleverde zaken een pandrecht of een bezitloos pandrecht te vestigen, in eigendom tot zekerheid over te dragen of aan derden enig ander recht te verlenen. 3. Indien derden beslag leggen op de onder eigendomsvoorbehoud geleverde zaken dan wel derden daarop rechten willen vestigen of doen gelden, is afnemer verplicht om Allflex daarvan onmiddellijk op de hoogte te stellen. 4. De afnemer is verplicht de zaken die door Allflex onder eigendomsvoorbehoud zijn geleverd met de nodige zorgvuldigheid en als herkenbaar eigendom van Allflex te bewaren, en voorts om steeds al datgeen te doen dat redelijkerwijs van hem verwacht mag worden om de eigendomsrechten van Allflex veilig te stellen. 5. Indien de door Allflex geleverde zaken zijn vermengd, vervormd of nagetrokken en Allflex haar eigendomsvoorbehoud deswege niet kan inroepen, is de afnemer verplicht een pandrecht te vestigen ten behoeve van Allflex op de nieuw gevormde zaken. 6. Ingeval de afnemer enige verplichting uit de overeenkomst met betrekking tot verkochte zaken of uit te voeren werkzaamheden jegens Allflex niet nakomt of in betalingsmoeilijkheden verkeert, is Allflex zonder ingebrekestelling gerechtigd de onder eigendomsvoorbehoud geleverde zaken, zowel de oorspronkelijk geleverde als de nieuw gevormde zaken, terug te nemen. De afnemer machtigt ▇▇▇▇▇▇▇ en door Allflex aan te wijzen derden om al die plaatsen te betreden waar deze zaken zich bevinden. 7. Allflex verschaft aan de afnemer op het moment dat de afnemer al zijn betalingsverplichtingen uit deze en soortelijke overeenkomsten heeft voldaan, de eigendom van de geleverde zaken onder voorbehoud van pandrecht van Allflex, ten behoeve van andere aanspraken die Allflex op de afnemer heeft. De afnemer zal op een eerste verzoek van ▇▇▇▇▇▇▇ zijn medewerking verlenen aan handelingen die in dat kader vereist zijn.

  • Eigendomsvoorbehoud, opschortingsrecht en retentierecht 1. De bij opdrachtgever aanwezige zaken en geleverde zaken en onderdelen blijven eigendom van dienstverlener totdat opdrachtgever de gehele afgesproken prijs heeft betaald. Tot die tijd kan dienstverlener zich beroepen op zijn eigendomsvoorbehoud en de zaken terugnemen. 2. Indien de overeengekomen vooruit te betalen bedragen niet of niet op tijd worden voldaan, heeft dienstverlener het recht om de werkzaamheden op te schorten totdat het overeengekomen deel alsnog is voldaan. Er is dan sprake van schuldeisersverzuim. Een verlate levering kan in dat geval niet aan dienstverlener worden tegengeworpen. 3. Dienstverlener is niet bevoegd de onder zijn eigendomsvoorbehoud vallende zaken te verpanden noch op enige andere wijze te bezwaren. 4. Indien zaken nog niet zijn geleverd, maar de overeengekomen voortuitbetaling of prijs niet conform afspraak is voldaan, heeft dienstverlener het recht van retentie. De zaak wordt dan niet geleverd totdat opdrachtgever volledig en conform afspraak heeft betaald. 5. In geval van liquidatie, insolventie of surseance van betaling van opdrachtgever zijn de verplichtingen van opdrachtgever onmiddellijk opeisbaar.

  • Eigendomsvoorbehoud en retentierecht 1. De bij verkoper aanwezige zaken en geleverde zaken en onderdelen blijven eigendom van verkoper totdat koper de gehele afgesproken prijs heeft betaald. Tot die tijd kan verkoper zich beroepen op zijn eigendomsvoorbehoud en de zaken terugnemen. 2. Indien de overeengekomen vooruit te betalen bedragen niet of niet op tijd worden voldaan, heeft verkoper het recht om de werkzaamheden op te schorten totdat het overeengekomen deel alsnog is voldaan. Er is dan sprake van schuldeisersverzuim. Een verlate levering kan in dat geval niet aan verkoper worden tegengeworpen. 3. Verkoper is niet bevoegd de onder zijn eigendomsvoorbehoud vallende zaken te verpanden noch op enige andere wijze te bezwaren. 4. Verkoper verplicht zich de onder eigendomsvoorbehoud aan koper geleverde zaken te verzekeren en verzekerd te houden tegen brand, ontploffings- en waterschade alsmede tegen diefstal en de polis op eerste verzoek ter inzage te geven. 5. Indien zaken nog niet zijn geleverd, maar de overeengekomen vooruitbetaling of prijs niet conform afspraak is voldaan, heeft verkoper het recht van retentie. De zaak wordt dan niet geleverd totdat koper volledig en conform afspraak heeft betaald. 6. In geval van liquidatie, insolventie of surseance van betaling van koper zijn de verplichtingen van koper onmiddellijk opeisbaar.

  • Eigendomsvoorbehoud en zekerheid 1. In afwijking van artikel 1583 Oud B.W. blijven de door Verkoper geleverde producten eigendom van de Verkoper (eigendomsvoorbehoud) totdat de Koper alle verschuldigde bedragen betaald heeft aan de Verkoper voor de krachtens de Overeenkomst geleverde producten. Tot dan kan de Koper de producten niet als een betaalmiddel aanwenden, verpanden, vervreemden, schenken, bezwaren met enig zekerheidsrecht of persoonlijk recht ten behoeve van een derde, verhuren, in bruikleen geven of op eender welke andere wijze in strijd met het eigendomsvoorbehoud daarover beschikken. Indien de Verkoper zulks nodig acht, is hij gerechtigd te eisen van de Koper om zekerheid te stellen voor de nakoming van diens verplichtingen. 2. In afwijking van het bepaalde in lid 1 van dit artikel, is het de Koper toegestaan om de producten aan derden te verkopen, maar alleen bij normale bedrijfsvoering. 3. Indien de Koper, in weerwil van het hierboven vermelde verbod, toch op een zodanige wijze over de producten waarop het eigendomsvoorbehoud rust, beschikt, zal de Verkoper onverwijld en zonder voorafgaande ingebrekestelling gerechtigd zijn om deze producten terug te nemen of te verwijderen bij de Koper of bij een derde, ook indien dit de demontage of het uitbreken van de producten vergt. De Koper stelt desgevallend de Verkoper in de gelegenheid en in de mogelijkheid en machtigt de Verkoper op onherroepelijke en onvoorwaardelijke wijze de plaatsen te betreden waar de producten zich bevinden om tot verwijderen ervan te kunnen overgaan. De Koper is gehouden ter zake volledig met verkoper samen te werken, op straffe van onmiddellijk opeisbare boete van 10% van het aan de Verkoper verschuldigde bedrag, voor elke dag dat de Koper op ondeugdelijke gronden geen samenwerking verleent aan de Verkoper. Het verwijderen van de desbetreffende producten zal nooit als huisvredebreuk of een ongeoorloofde recuperatie van deze producten kunnen beschouwd worden. Alle kosten, direct of indirect, die met de uitoefening van het eigendomsvoorbehoud gepaard gaan, worden door ▇▇▇▇▇▇▇▇ in rekening gebracht en zijn door de ▇▇▇▇▇ verschuldigd. 4. Indien een derde beslag legt op de onder eigendomsvoorbehoud geleverde producten dan wel rechten daarop willen vestigen of doen gelden, dan is de Koper verplicht om de Verkoper die de eigendom op de verkochte goederen heeft voorbehouden, daarvan onmiddellijk via aangetekend schrijven op de hoogte te stellen. 5. Na terugneming van de producten, wordt de Koper gecrediteerd voor de marktwaarde, welke in geen geval hoger is dan de oorspronkelijke koopprijs, verminderd met de kosten voor het terugnemen van de producten en voor de schade die de Verkoper als gevolg van het terugnemen van de producten moet dragen (inclusief, ter voorkoming van misverstanden, eventuele gederfde winst). Het bovenstaande doet geen afbreuk aan de rechten van de Verkoper die de wet hem biedt. 6. De Koper draagt een zorgplicht met betrekking tot de onder het eigendomsvoorbehoud vallende producten. De Koper zal de producten die door de Verkoper aan hem geleverd zijn en nog onder het beheer van de Koper zijn, aanmerken als zijnde het eigendom van de Verkoper totdat het eigendom is overgedragen aan de Koper. Op grond van lid 1 van dit artikel dient de Koper een verzekering af te sluiten tegen alle in de sector gebruikelijke risico’s (met inbegrip van – doch niet uitsluitend – elke vorm van verval, bederf, brand, explosie en waterschade alsmede tegen diefstal) met betrekking tot de goederen die onder het eigendomsvoorbehoud vallen. De Koper zal op eenvoudig verzoek van de Verkoper de desbetreffende verzekeringspolis voorleggen. 7. Alle huidige en toekomstige (schuld)vorderingen van de Koper op de verzekeraars van de producten onder die verzekering en op derden zullen worden overgedragen door de Koper aan de Verkoper als Verkoper dit wenst, conform artikel 1690 Oud B.W., als een extra zekerheid voor vorderingen van de Verkoper tegen de Koper, een en ander onverminderd de verplichting van de Koper om te betalen voor de producten. Desgevallend volstaat een eenvoudige kennisgeving door de Verkoper aan de derde-verkrijger van de geleverde goederen, opdat deze derde-verkrijger enkel nog bevrijdend kan betalen aan de Verkoper.

  • Voorbereiding De leidinggevende nodigt de werknemer twee weken tevoren uit voor het beoordelingsgesprek en stelt een agenda op. De agenda bevat de punten die de leidinggevende tijdens het gesprek wil bespreken. De agenda vermeldt ook het hoofddoel van het gesprek, de duur, het tijdstip en de locatie. De werknemer krijgt de agenda voor het gesprek ter inzage. Hij kan dan ook gespreksonderwerpen aandragen. De leidinggevende zorgt dat de werknemer ter voorbereiding op het gesprek in het bezit is van de functie beschrijving De leidinggevende neemt de tijd, denkt na, betrekt het functioneringsgesprek en de voorgaande beoordeling bij zijn oordeel en vult het beoordelingsformulier in. De beoordeling dient zo objectief en eerlijk mogelijk plaats te vinden op basis van de functiebeschrijving en bijbehorende competenties. De beoordeling wordt opgemaakt ten aanzien van de aan de werknemer feitelijk opgedragen functie en de aan die functie verbonden eisen. De beoordeling betreft hele periode sinds de vorige beoordeling, in principe het afgelopen jaar. Het tijdvak waarover de beoordeling zich uitstrekt is niet korter dan zes maanden en niet langer dan drie jaar. Het gesprek De leidinggevende begint het gesprek met het toelichten van het doel van de beoordeling en legt uit hoe een oordeel tot stad komt: op welke criteria een oordeel is gebaseerd. Vervolgens kan de werknemer nog een onderwerp toevoegen en wordt de agenda vastgesteld. De leidinggevende vertelt vervolgens op helder geformuleerde wijze het oordeel over de werknemer. Het gaat hierbij vooral om het uitspreken van een oordeel over het hetgeen de werknemer laat zien en doet in plaats van wie de werknemer is. Na het geven van het oordeel is het aan de werknemer hierop te reageren. De leidinggevende luistert goed en vat de woorden van de werknemer af en toe samen. De agenda wordt afgesloten met het maken van concrete afspraken; welke actie wordt er ondernomen, door wie en op welke termijn. Indien nodig wordt er een vervolggesprek afgesproken. Vastlegging gesprek Na het gesprek maakt de leidinggevende binnen één week de beoordeling op en gebruikt daarvoor het beoordelingsformulier uit de CAO of het formulier dat binnen de onderneming gangbaar is. De leidinggevende neemt de zienswijze c.q. reactie van de werknemer tijdens het gesprek op. Ook de wederzijdse gesprekpunten, afspraken en salarisgevolgen worden opgenomen. Het ingevulde formulier wordt door beide gesprekspartners ondertekend. De werknemer krijgt een kopie. De ondertekening door de werknemer is ter kennisname. Het beoordelingsformulier wordt bewaard in het personeelsdossier van de werknemer.