Ontbindingsgronden Voorbeeldclausules
Ontbindingsgronden. Beslaglegging op activa of financiële middelen van de Contractant.
Ontbindingsgronden. 1. Elk der partijen heeft het recht deze overeenkomst en/of alle of enige daaruit voortvloeiende opdracht(en), zonder nadere ingebrekestelling en/of rechterlijke tussenkomst, door middel van een schriftelijke verklaring aan de andere partij, te ontbinden op het moment dat de andere partij:
a. na schriftelijk ingebrekestelling waarbij nog een termijn van 14 dagen wordt gegeven om alsnog deugdelijk na te komen, in gebreke blijft in de nakoming van zijn verplichtingen uit hoofde van deze overeenkomst of enige daarop gebaseerde opdracht;
b. in staat van faillissement wordt verklaard, een aanvraag tot zijn faillissement is gedaan;
d. (voorlopige) surseance van betaling aanvraagt;
e. door executoriale beslaglegging wordt getroffen;
f. onder curatele of onder bewind wordt gesteld;
g. de beschikkingsbevoegdheid of handelingsbekwaamheid met betrekking tot zijn/haar vermogen of delen ervan verliest;
h. een aanzienlijke wijziging (50% of meer) in de zeggenschap ondergaat.
2. Indien de in het voorgaande lid bedoelde gevallen zich voordoen, wordt hetgeen VDHO overigens van Opdrachtgever te vorderen heeft terstond opeisbaar.
3. Ontbinding van de Overeenkomst, ook uit hoofde van dit artikel, dient te geschieden per aangetekend schrijven met bericht van ontvangst aan de andere partij.
Ontbindingsgronden. Zonder afbreuk te doen aan het terugkooprecht zoals bedongen in artikel 16.1 hierboven en zonder afbreuk te doen aan het recht van SOLVA om de verkoopovereenkomst conform het gemeen recht te ontbinden wegens andere wanprestaties, is SOLVA gerechtigd om zonder nadere ingebrekestelling en zonder rechterlijke tussenkomst de ontbindende voorwaarde in te roepen en aldus de verkoopovereenkomst te ontbinden wegens niet-nakoming ongeacht of deze toerekenbaar is of niet indien: - de koper de in art. 13 §1 bepaalde bebouw- en/of exploitatieplicht niet nakomt binnen de overeengekomen termijn; of - de koper het vervreemdingsverbod van art. 14 miskent; of - de koper het voorkooprecht of een van de verplichtingen uit art. 15 miskent; of - de koper failliet wordt verklaard of in vereffening gaat; of - de koper de in bijzondere voorwaarden overeengekomen economische activiteit staakt, of - de koper ernstig tekortschiet in enige andere verplichting uit de verkoopovereenkomst, zij het de algemene dan wel de bijzondere voorwaarden. SOLVA is eveneens gerechtigd om zonder rechterlijke tussenkomst de ontbindende voorwaarde in te roepen en aldus de verkoopovereenkomst te ontbinden wegens elke andere contractuele tekortkoming waaraan niet verholpen wordt binnen de door SOLVA in een ingebrekestelling opgegeven redelijke termijn voor regularisatie. Dit beding is gegrond op een niet-nakoming door de koper en is dus geen beding van wederinkoop in de zin van art. 1659 B.W. en de beperkingen uit die bepaling zijn dan ook niet van toepassing.
