Common use of Pandrecht Clause in Contracts

Pandrecht. 22.1 Door ondertekening door de Cliënt van de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten geeft de Cliënt aan de Bank in pand alle (geld-)vorderingen die de Cliënt, uit welken hoofde ook, op de Bank heeft of verkrijgt met inbegrip van alle daarbij behorende nevenrechten en afhankelijke rechten (de “Te Verpanden Vorderingen”). De Cliënt verpandt deze Te Verpanden Vorderingen tot zekerheid van al hetgeen de Bank op enig moment, uit welken hoofde ook, van de Cliënt te vorderen heeft of te vorderen zal hebben (de “Te Secureren Vorderingen”). De Bank aanvaardt deze inpandgeving door het openen van een Betaalrekening. 22.2 De Cliënt staat ervoor in dat hij tot verpanding van de Te Verpanden Vorderingen bevoegd is en dat de Te Verpanden Vorderingen vrij zijn en zullen zijn van rechten en aanspraken (pandrechten daaronder begrepen) van anderen dan de Bank. 22.3 Het in artikel 22.1 bedoelde pandrecht komt slechts tot stand voor zover de Te Verpanden Vorderingen niet reeds ter securering van de Te Secureren Vorderingen aan de Bank zijn verpand. Het reeds gevestigde pandrecht blijft in dat geval onverkort in stand. 22.4 De Cliënt geeft de Bank onherroepelijk volmacht (met het recht van substitutie) om de Te Verpanden Vorderingen namens de Cliënt, eventueel steeds herhaald, aan zichzelf te verpanden tot zekerheid van de Te Secureren Vorderingen, en alles te doen wat dienstig is voor deze verpanding. 22.5 Van de verpanding wordt, door ondertekening door de Cliënt van de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten, voor zover nodig, mededeling gedaan aan de Bank. Voor zover dit pandrecht niet reeds gevestigd is, geldt de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten na aanvaarding daarvan door de Bank tevens als pandakte ter zake. 22.6 Als en zolang de Cliënt uit enig hoofde schulden heeft of zal hebben aan de Bank, heeft de Bank het recht gehele of gedeeltelijke afgifte van de verpande goederen te weigeren. 22.7 Het in dit artikel 22 bepaalde doet niet af aan, maar geeft nadere invulling aan de in de Algemene Bankvoorwaarden beschreven pandrechten en volmacht(en), alsmede de verplichting van de Cliënt om op eerste verzoek van de Bank aanvullende zekerheid te stellen voor verplichtingen van de Cliënt jegens de Bank. 22.8 De Bank is bevoegd de Te Verpanden Vorderingen en (andere) vermogens- rechten die aan haar zijn verpand te herverpanden tot zekerheid van een schuld die de Bank heeft jegens derden, mits (i) de herverpanding alleen geschiedt tot een zodanige omvang als de Bank nodig heeft als zekerheid voor hetgeen zij op het moment van herverpanding van de Cliënt (al dan niet opeisbaar) te vorderen heeft of kan krijgen en (ii) de herverpande goederen en (andere) vermogensrechten onmiddellijk na aflossing van de schuld die de Bank heeft tegenover derden, geen onderwerp van herverpanding zijn.

Appears in 1 contract

Sources: Algemene Voorwaarden Zakelijke Betaaldiensten

Pandrecht. 22.1 Door 1. InsingerGilissen heeft overeenkomstig het bepaalde in artikel 3 :229 van het Burgerlijk Wetboek van rechtswege een recht van pand op alle vorderingen tot vergoeding die in de plaats van het onderpand treden, daaronder begrepen vorderingen ter zake waardevermindering van het onderpand. De ondertekening van de hypotheek of pandakte houdt mede in verpanding door de Cliënt debiteur aan InsingerGilissen van de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten geeft de Cliënt aan de Bank in pand alle (geld-)vorderingen overige vorderingen die de Cliëntdebiteur ter zake het onderpand heeft of zal hebben, uit welken hoofde krachtens welke titel of jegens wie dan ook, op alsmede de Bank heeft of verkrijgt met inbegrip bevoegdheid van alle daarbij behorende nevenrechten en afhankelijke rechten (de “Te Verpanden Vorderingen”). De Cliënt verpandt deze Te Verpanden Vorderingen tot zekerheid van al hetgeen de Bank op enig moment, uit welken hoofde ook, van de Cliënt te vorderen heeft of te vorderen zal hebben (de “Te Secureren Vorderingen”). De Bank aanvaardt deze inpandgeving door het openen van een Betaalrekening. 22.2 De Cliënt staat ervoor in dat hij tot verpanding van de Te Verpanden Vorderingen bevoegd is en dat de Te Verpanden Vorderingen vrij zijn en zullen zijn van rechten en aanspraken (pandrechten daaronder begrepen) van anderen dan de Bank. 22.3 Het in artikel 22.1 bedoelde pandrecht komt slechts tot stand voor zover de Te Verpanden Vorderingen niet reeds ter securering van de Te Secureren Vorderingen aan de Bank zijn verpand. Het reeds gevestigde pandrecht blijft in dat geval onverkort in stand. 22.4 De Cliënt geeft de Bank onherroepelijk volmacht (met het recht van substitutie) om de Te Verpanden Vorderingen namens de Cliënt, eventueel steeds herhaald, InsingerGilissen die vorderingen aan zichzelf te verpanden verpanden. 2. Onder de in het vorige lid genoemde vorderingen zijn onder meer begrepen die wegens verhuur of verpachting van het onderpand, die wegens beschadiging of tenietgaan van het onderpand, die welke de debiteur geldend kan maken ingeval van maatregelen, daden of verzuimen welke het gebruik van het onderpand verhinderen of beperken, die welke hij geldend kan maken ingeval van het instellen door of tegen hem van een vordering tot zekerheid ontbinding van de Te Secureren Vorderingenovereenkomst waarbij hi j het onderpand heeft verkregen, die welke de erfpachter tegen de grondeigenaar kan doen gelden, die welke de grondeigenaar tegen de erfpachter kan doen gelden, die wegens ruilverkaveling, onteigening, aanwijzing als concessiegebied, planschade en alles te bestuurscompensatie, die welke kunnen worden ontleend aan overheidssteun, subsidies, garanties en andere faciliteiten, die welke de appartementseigenaar kan doen wat dienstig is voor deze verpandinggelden jegens de desbetreffende vereniging. 22.5 Van de verpanding wordt, door ondertekening door de Cliënt 3. Indien InsingerGilissen geen gebruik maakt van de Overeenkomst Zakelijke Betaaldienstenhaar in artikel 53 sub 3, c verleende bevoegdheid om voor zover nodigde vergoeding regelingen te treffen en de vergoeding vast te stellen, mededeling gedaan is de regeling met ieder die tot vergoeding verplicht is aan de Bankvoorafgaande goedkeuring van InsingerGilissen onderworpen. Voor zover InsingerGilissen is bevoegd dit pandrecht niet reeds gevestigd is, geldt aan de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten na aanvaarding daarvan door de Bank tevens als pandakte ter zakevergoedingsplichtige mee te delen. 22.6 Als en zolang de Cliënt uit enig hoofde schulden heeft of zal hebben aan de Bank, heeft de Bank het recht gehele of gedeeltelijke afgifte 4. Na ontvangst van de verpande goederen te weigeren.vergoeding beslist InsingerGilissen in hoeverre deze strekt tot: 22.7 Het a) betaling in dit artikel 22 bepaalde doet niet af aan, maar geeft nadere invulling aan de in de Algemene Bankvoorwaarden beschreven pandrechten en volmacht(en), alsmede de verplichting van de Cliënt om op eerste verzoek van de Bank aanvullende zekerheid te stellen voor verplichtingen van de Cliënt jegens de Bank. 22.8 De Bank is bevoegd de Te Verpanden Vorderingen en (andere) vermogens- rechten die aan haar zijn verpand te herverpanden tot zekerheid van een schuld die de Bank heeft jegens derden, mits (i) de herverpanding alleen geschiedt tot een zodanige omvang als de Bank nodig heeft als zekerheid voor hetgeen zij mindering op het moment verschuldigde; b) herbouw of herstel op door ha ar te bepalen wijze; c) aankoop van herverpanding van de Cliënt (al dan niet opeisbaar) te vorderen heeft of kan krijgen en (ii) de herverpande goederen en (andere) vermogensrechten onmiddellijk na aflossing van de schuld die de Bank heeft tegenover derden, geen onderwerp van herverpanding zijnvervangende goederen.

Appears in 1 contract

Sources: Voorwaarden Voor Beleggingsdiensten via Zelfstandige Beleggingsonderneming

Pandrecht. 22.1 Door ondertekening door Tot meerdere zekerheid voor de Cliënt nakoming van de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten geeft vorderingen als hierboven in artikel 2 omschreven en ter gedeeltelijke uitvoering van het bepaalde in artikel 7 van de Cliënt na te melden Algemene Bepalingen voor Hypotheekstelling WSW, vestigt Hypotheekgever bij dezen ten behoeve van de Hypotheekhouder en aanvaardt de Hypotheekhouder bij dezen een pandrecht op alle hierna omschreven goederen (tezamen met de Registergoederen, hierna: het Verbondene). Dit pandrecht is [eerste] [tweede] in rang en wordt hierbij gevestigd op alle tegenwoordige en toekomstige: - roerende zaken die volgens verkeersopvatting bestemd zijn om de Registergoederen duurzaam te dienen en door hun vorm als zodanig zijn te herkennen en/of machinerieën en/of werktuigen die bestemd zijn om daarmede een bedrijf in, op of met de Registergoederen uit te oefenen; - aan de Bank in pand alle (geld-)vorderingen Registergoederen aangebrachte veranderingen en/of toevoegingen; - rechten en vorderingen, voortvloeiende uit huur- of pachtovereenkomsten die de CliëntRegistergoederen (zullen) betreffen, in bijzonder de rechten op de huur- respectievelijk pachtpenningen en op vergoedingen, ongeacht welke, ter zake van het gebruik van de Registergoederen; - rechten en vorderingen van Hypotheekgever jegens de beperkte gerechtigde, indien de Registergoederen zijn belast met een erfpachtrecht, opstalrecht of ander beperkt recht; - rechten vorderingen jegens de (bloot-)eigenaar van de Registergoederen, indien de Registergoederen mede (een) recht(en) van erfpacht, opstalrecht of andere beperkt recht omvat(ten); - rechten en vorderingen jegens de vereniging van eigenaren, de gezamenlijke eigenaren of de administrateur, indien de Registergoederen mede (een) appartementsrecht(en) omvat(ten); - rechten en vorderingen jegens derden met betrekking tot de Registergoederen uit welken hoofde van het gebruik van de Registergoederen dan wel uit hoofde van onteigening of vordering van de Registergoederen of uit welke ander hoofde ook, op de Bank heeft of verkrijgt met inbegrip van alle daarbij behorende nevenrechten en afhankelijke rechten (de “Te Verpanden Vorderingen”). De Cliënt verpandt deze Te Verpanden Vorderingen tot zekerheid van al hetgeen de Bank op enig moment, uit welken hoofde ook, ; - van de Cliënt te vorderen heeft Registergoederen geoogste vruchten en/of te vorderen zal hebben (de “Te Secureren Vorderingen”). De Bank aanvaardt deze inpandgeving beplantingen; en - rechten en vorderingen voortvloeiende uit alle verzekeringen door het openen van een Betaalrekening. 22.2 De Cliënt staat ervoor in dat hij tot verpanding Hypotheekgever afgesloten ter verzekering van de Te Verpanden Vorderingen bevoegd is en dat de Te Verpanden Vorderingen vrij zijn en zullen zijn van Registergoederen, waaronder in ieder geval mede begrepen alle rechten en aanspraken (pandrechten daaronder begrepen) van anderen dan de Bankvorderingen uit opstal- en CAR verzekeringen en verzekeringen wegens gederfde huurinkomsten. 22.3 Het in artikel 22.1 bedoelde pandrecht komt slechts tot stand voor zover de Te Verpanden Vorderingen niet reeds ter securering van de Te Secureren Vorderingen aan de Bank zijn verpand. Het reeds gevestigde pandrecht blijft in dat geval onverkort in stand. 22.4 De Cliënt geeft de Bank onherroepelijk volmacht (met het recht van substitutie) om de Te Verpanden Vorderingen namens de Cliënt, eventueel steeds herhaald, aan zichzelf te verpanden tot zekerheid van de Te Secureren Vorderingen, en alles te doen wat dienstig is voor deze verpanding. 22.5 Van de verpanding wordt, door ondertekening door de Cliënt van de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten, voor zover nodig, mededeling gedaan aan de Bank. Voor zover dit pandrecht niet reeds gevestigd is, geldt de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten na aanvaarding daarvan door de Bank tevens als pandakte ter zake. 22.6 Als en zolang de Cliënt uit enig hoofde schulden heeft of zal hebben aan de Bank, heeft de Bank het recht gehele of gedeeltelijke afgifte van de verpande goederen te weigeren. 22.7 Het in dit artikel 22 bepaalde doet niet af aan, maar geeft nadere invulling aan de in de Algemene Bankvoorwaarden beschreven pandrechten en volmacht(en), alsmede de verplichting van de Cliënt om op eerste verzoek van de Bank aanvullende zekerheid te stellen voor verplichtingen van de Cliënt jegens de Bank. 22.8 De Bank is bevoegd de Te Verpanden Vorderingen en (andere) vermogens- rechten die aan haar zijn verpand te herverpanden tot zekerheid van een schuld die de Bank heeft jegens derden, mits (i) de herverpanding alleen geschiedt tot een zodanige omvang als de Bank nodig heeft als zekerheid voor hetgeen zij op het moment van herverpanding van de Cliënt (al dan niet opeisbaar) te vorderen heeft of kan krijgen en (ii) de herverpande goederen en (andere) vermogensrechten onmiddellijk na aflossing van de schuld die de Bank heeft tegenover derden, geen onderwerp van herverpanding zijn.

Appears in 1 contract

Sources: Hypotheek

Pandrecht. 22.1 Door ondertekening door de Cliënt Ter zekerheid van de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten geeft de voldoening van schul- den van Cliënt aan de Bank BinckBank verpandt Cliënt aan BinckBank in pand aanvulling op het bepaalde in artikel 24 Bankvoorwaarden tevens (i) alle (geld-)vorderingen zaken, waardepapieren en Effecten die de Cliënt, het Bewaarbedrijf of een derde voor het Bewaarbedrijf uit welken hoofde ook, op de Bank dan ook van of voor Cliënt onder zich heeft of verkrijgt krijgt en (ii) alle huidige en toekomstige rechten en vorderingen van Cliënt jegens BinckBank en/ of het Bewaarbedrijf, daaronder mede be- grepen vorderingen tot levering of uitlevering van effecten c.q. daarmee corresponderende rechten en vorderingen tot uitbetaling en/of afdracht van in verband met inbegrip deze waarden ontvangen en/of te ontvangen bedragen. Zolang ▇▇▇▇▇▇▇▇▇ niet het tegendeel te ken- nen gegeven heeft, wordt zij geacht telkens afstand te doen van alle daarbij behorende nevenrechten een pandrecht indien en afhankelijke rechten (de “Te Verpanden Vorderingen”). De Cliënt verpandt deze Te Verpanden Vorderingen tot zekerheid van al hetgeen de Bank op enig moment, uit welken hoofde ook, voor zover dat nodig is om Bewaarbedrijf in staat te stellen het recht van de Cliënt te vorderen honoreren als ware er geen pandrecht. Zodra echter BinckBank aan Bewaarbedrijf te kennen gegeven heeft niet langer met de honorering van rechten van Cliënt akkoord te gaan, zal geen afstand van het pandrecht meer worden verondersteld en zal Bewaar- bedrijf honorering van de rechten van Cliënt weigeren op grond van het pandrecht van BinckBank. BinckBank zal van deze bevoegd- heid geen onredelijk gebruik maken. Cliënt verleent BinckBank de bevoegdheid om de rechten van Cliënt tegen Bewaarbedrijf, die krachtens dit artikel aan ▇▇▇▇▇▇▇▇▇ zijn of worden verpand, te herverpanden aan der- den. ▇▇▇▇▇▇▇▇▇ zal het aan haar verleende pand- recht of te vorderen zal hebben (verlenen pandrecht uitoefenen in overeenstemming met de “Te Secureren Vorderingen”)bepalingen van het Burgerlijk Wetboek, voorzover daarvan niet in de bepalingen van de Basisvoorwaarden wordt afgeweken. De Bank aanvaardt Cliënt verleent hierbij, voor zoveel nodig en voorzover de wet dat toelaat, aan ▇▇▇▇▇▇▇▇▇ het recht om de aan haar verpande rechten met betrekking tot Effecten, additionele rechten en vorderingen mede namens Cliënt uit te oefenen, te incasseren en daarvoor kwijting te verlenen en om ook overigens de Goederen te beheren, de uit- oefening van aan deze inpandgeving door het openen van een Betaalrekeninggoederen verbonden bevoegdheden daaronder begrepen. 22.2 De Cliënt staat ervoor in dat hij Het pandrecht zal telkens tot verpanding van stand komen op het moment waarop ▇▇▇▇▇▇▇▇▇ dan wel het Bewaarbedrijf de Te Verpanden Vorderingen bevoegd is en dat te verpanden goederen onder zich krijgt dan wel het moment waarop de Te Verpanden Vorderingen vrij zijn en zullen zijn van rechten en aanspraken (pandrechten daaronder begrepen) van anderen dan de Bankontstaan. 22.3 Het in artikel 22.1 bedoelde pandrecht komt slechts tot stand voor zover de Te Verpanden Vorderingen niet reeds ter securering De aan BinckBank verstrekte pandrechten omvatten mede rechten van de Te Secureren Vorderingen aan de Bank zijn verpand. Het reeds gevestigde pandrecht blijft in dat geval onverkort in stand. 22.4 De Cliënt geeft de Bank onherroepelijk volmacht (met het recht van substitutie) om de Te Verpanden Vorderingen namens de Cliënt, eventueel steeds herhaald, aan zichzelf te verpanden tot zekerheid van de Te Secureren Vorderingen, en alles te doen wat dienstig is voor deze verpanding. 22.5 Van de verpanding wordt, door ondertekening door de Cliënt van de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten, voor zover nodig, mededeling gedaan aan de Bank. Voor zover dit pandrecht niet reeds gevestigd is, geldt de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten na aanvaarding daarvan door de Bank tevens als pandakte ter zake. 22.6 Als en zolang de Cliënt uit enig hoofde schulden heeft of zal hebben aan de Bank, heeft de Bank het recht gehele of gedeeltelijke afgifte pand op alle ter- zake van de verpande goederen te weigerenontvangen vergoedingen. 22.7 Het 22.4 De in dit artikel 22 bepaalde doet niet af aan22.1 bedoelde verpanding wordt hierbij voor zover nodig aan het Bewaarbedrijf medegedeeld. Door (elektronische) onderte- kening van de Overeenkomst Binck Comfort bevestigt het Bewaarbedrijf van deze mede- deling kennis te hebben genomen. 22.5 Onverminderd het voorgaande geeft ▇▇▇▇▇▇ hierbij aan BinckBank de onherroepelijke vol- macht om namens Cliënt op zodanige tijdstip- pen als BinckBank wenselijk acht, maar geeft nadere invulling aan de in de Algemene artikel 24 Bankvoorwaarden beschreven pandrechten en volmacht(en), alsmede de verplichting artikel 22.1 bedoelde verpandingen tot stand te brengen en voor zover nodig van de die verpandingen medede- ling te doen aan het Bewaarbedrijf. Cliënt om verbindt zich ertoe steeds op eerste verzoek van ▇▇▇▇▇▇▇▇▇ bij afzonderlijke pandakte de Bank aanvullende zekerheid in artikel 24 Bankvoorwaarden en de in artikel 22 Voorwaarden bedoelde verpandingen tot stand te brengen. 22.6 Cliënt verklaart dat hij tot het verpanden van de goederen bevoegd is, dat op de goederen geen zekerheids- of andere rechten in welke vorm dan ook van derden rusten, dat de goe- deren vrij zijn van beslag en dat de goederen niet reeds bij voorbaat aan een ander zijn overgedragen of met beperkte rechten zijn bezwaard. 22.7 Cliënt verbindt zich BinckBank onmiddellijk en op ieder moment op de hoogte te stellen van al hetgeen van belang kan zijn voor verplichtingen BinckBank in verband met het behoud en de uitoefening van de rechten van BinckBank uit hoofde van het ▇▇▇▇▇▇▇▇▇ ▇▇▇ ▇▇▇▇▇▇▇▇▇, zoals o.a. een aanvrage van faillissement van Cliënt, toe- passing van de Wet schuldsanering natuur- lijke personen, aanvrage van surséance van betaling door ▇▇▇▇▇▇, beslag op de goederen en beëindiging van de zakelijke activiteiten van Cliënt. Terzake rust op BinckBank geen zelfstandige onderzoeksplicht. Cliënt jegens is tevens verplicht om, al naar gelang het zich voor- doende geval, personen zoals curatoren, be- windvoerders of beslagleggers, onverwijld op het bestaan van het pandrecht van BinckBank en daarmee samenhangende akten alsook op de Bankdaaruit voor BinckBank voortvloeiende rechten te wijzen. 22.8 De Bank Indien Cliënt niet terstond gevolg geeft aan het eerste verzoek van ▇▇▇▇▇▇▇▇▇ tot het stel- len, aanvullen of vervangen van zekerheden zo mede indien Cliënt in enig ander opzicht niet aan zijn verplichtingen jegens BinckBank voldoet, wordt, ongeacht het bepaalde in eni- ge overeenkomst tussen BinckBank en Cliënt, al hetgeen Cliënt aan BinckBank verschul- digd is, of wordt, ter keuze aan BinckBank, uitsluitend de door BinckBank aangewezen verplichtingen en verbintenissen, onmiddel- lijk opeisbaar en is bevoegd de Te Verpanden Vorderingen en (andere) vermogens- rechten die aan haar zijn verpand te herverpanden BinckBank gerechtigd tot zekerheid van een schuld die de Bank heeft jegens derden, mits (i) de herverpanding alleen geschiedt tot een zodanige omvang als de Bank nodig heeft als zekerheid voor hetgeen zij op het moment van herverpanding liquidatie van de positie(s) van Cliënt (al over te gaan en naar haar keuze de goederen of een gedeelte daarvan zonder voorafgaande mededeling, sommatie of ingebrekestelling op de meest gerede wijze te verkopen en het aan BinckBank volgens haar administratie verschuldigde met rente en kosten op de opbrengst te verhalen dan niet opeisbaar) wel zich overeen- komstig de wet uit het pand te vorderen heeft voldoen. 22.9 De door inning of kan krijgen en (ii) de herverpande goederen en (andere) vermogensrechten onmiddellijk na aflossing verkoop van de schuld Goederen door ▇▇▇▇▇▇▇▇▇ verkregen opbrengsten wor- den in de door BinckBank te bepalen volgor- de in mindering gebracht op de vorderingen van BinckBank op Cliënt en de verschillende onderdelen daarvan. 22.10 Indien BinckBank tot verkoop van de goede- ren wil overgaan is zij niet verplicht daarvan vooraf mededeling te doen aan Cliënt of aan hen die op een verpand goed een beperkt recht hebben of daarop beslag hebben ge- legd. 22.11 Cliënt zal niet het recht hebben de Bank heeft tegenover derdenPresident van de Rechtbank te verzoeken te bepalen dat de goederen op een van artikel 3:250 Burgerlijk Wetboek afwijkende wijze worden verkocht. 22.12 Bij de liquidatie van de positie(s) van Cliënt is BinckBank bevoegd voor rekening en risico van Cliënt transacties te sluiten ter verminde- ring van de verplichtingen van Cliënt, geen onderwerp daar- onder tevens begrepen het uitoefenen van herverpanding zijnhet uit een voor rekening en risico van Cliënt gesloten optie- of termijncontract voortvloei- end recht tot koop of verkoop van de onder- liggende waarden. 22.13 BinckBank zal slechts dan geacht worden afstand van haar pandrecht of enige daaraan verbonden bevoegdheid te hebben gedaan nadat zij een daartoe strekkende schriftelijke mededeling aan Cliënt zal hebben gedaan, Voorzover toegestaan door dwingend recht doet Cliënt bij deze afstand van zijn recht om het tussen partijen overeengekomene te (doen) ontbinden of te (doen) vernietigen op grond van wanprestatie, wilsgebreken of op welke andere grond ook. 22.14 Alle kosten verbonden aan het vestigen en uitoefenen van de in artikel 24 Bankvoorwaar- den en dit artikel 22 bedoelde verpandingen en eventuele op grond van de Basisvoorwaar- den door Cliënt gestelde andere zekerheden, alsmede alle overige kosten waartoe het tussen partijen overeengekomene op enig moment aanleiding kan geven, zijn voor reke- ning van Cliënt. 22.15 Cliënt vergoedt aan BinckBank alle schade (waaronder kosten) die BinckBank lijdt dan wel de begrote schade die BinckBank dreigt te lijden, doordat ▇▇▇▇▇▇ niet bevoegd is tot het vestigen van bovengenoemde pandrechten overige zekerheden doordat daarop zeker- heids- of andere rechten in welke vorm dan ook van derden rusten dan wel daarop beslag is gelegd. Cliënt vrijwaart ▇▇▇▇▇▇▇▇▇ in het algemeen tegen alle aanspraken van derden die ter zake van voornoemde zekerheden rechten doen gelden.

Appears in 1 contract

Sources: Voorwaarden Binck Comfort

Pandrecht. 22.1 2.24.1 Door ondertekening door het van toepassing worden van deze Voorwaarden heeft Cliënt: a) zich verbonden de Cliënt van de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten geeft de Cliënt aan de Bank in pand alle (geld-)vorderingen die de Cliënt, uit welken hoofde ook, op de Bank heeft of verkrijgt volgende goederen met inbegrip van alle de daarbij behorende nevenrechten en afhankelijke rechten (de “Te Verpanden Vorderingen”). De Cliënt verpandt deze Te Verpanden Vorderingen aan BinckBank te verpanden tot zekerheid van al hetgeen de Bank BinckBank op enig moment, uit welken hoofde ook, van de Cliënt hem te vorderen heeft of te vorderen zal hebben verkrijgt: i. alle (geld-)vorderingen die Cliënt, uit welken hoofde ook, op BinckBank heeft of verkrijgt; ii. alle zaken, waardepapieren, effecten en andere financiële instrumenten die BinckBank of een derde voor haar, uit welken hoofde ook, van of voor Cliënt onder zich heeft of verkrijgt; iii. alle aandelen in verzameldepots die BinckBank onder haar beheer heeft of verkrijgt; iv. alle goederen die in de “Te Secureren Vorderingen”). De Bank aanvaardt deze inpandgeving door het openen van een Betaalrekening. 22.2 De Cliënt staat ervoor in dat hij tot verpanding plaats van de Te Verpanden Vorderingen bevoegd is en dat de Te Verpanden Vorderingen vrij zijn en zullen zijn van rechten en aanspraken goederen onder i, ii,of iii (pandrechten daaronder begrepenzullen) van anderen dan de Bank.treden; 22.3 Het in artikel 22.1 bedoelde pandrecht komt slechts tot stand b) voor zover rechtens mogelijk, de Te Verpanden Vorderingen niet reeds ter securering van de Te Secureren Vorderingen onder sub a bedoelde goederen aan de Bank zijn verpand. Het reeds gevestigde pandrecht blijft BinckBank in dat geval onverkort in stand.pand gegeven; 22.4 De Cliënt geeft de Bank c) BinckBank onherroepelijk volmacht (gegeven, met het recht van substitutie) , om de Te Verpanden Vorderingen die goederen namens de Cliënt▇▇▇▇▇▇, eventueel steeds herhaald, aan zichzelf te verpanden tot zekerheid van de Te Secureren Vorderingenverpanden, en alles te doen wat dienstig is voor deze de verpanding. 22.5 Van 2.24.2 Cliënt staat er voor in dat hij tot de verpanding wordtbevoegd is en dat de desbetreffende goederen vrij (zullen) zijn van rechten en aanspraken van anderen dan BinckBank. 2.24.3 BinckBank zal de verpande goederen, door ondertekening door als Cliënt daarover wil beschikken, vrijgeven indien de Cliënt waarde van de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten, voor zover nodig, mededeling gedaan aan de Bank. Voor zover dit pandrecht niet reeds gevestigd is, geldt de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten na aanvaarding daarvan door de Bank tevens als pandakte ter zake. 22.6 Als en zolang de Cliënt uit enig hoofde schulden heeft of zal hebben aan de Bank, heeft de Bank het recht gehele of gedeeltelijke afgifte van de daarna resterende verpande goederen te weigeren. 22.7 Het in dit artikel 22 bepaalde doet niet af aanvoldoende dekking biedt voor al hetgeen zij, maar geeft nadere invulling aan de in de Algemene Bankvoorwaarden beschreven pandrechten en volmacht(en)uit welken hoofde ook, alsmede de verplichting van de Cliënt om op eerste verzoek van de Bank aanvullende zekerheid te stellen voor verplichtingen van de Cliënt jegens de Bank. 22.8 De Bank is bevoegd de Te Verpanden Vorderingen en (andere) vermogens- rechten die aan haar zijn verpand te herverpanden tot zekerheid van een schuld die de Bank heeft jegens derden, mits (i) de herverpanding alleen geschiedt tot een zodanige omvang als de Bank nodig heeft als zekerheid voor hetgeen zij op het moment van herverpanding van de Cliënt (al dan niet opeisbaar) te vorderen heeft of kan krijgen zal krijgen. BinckBank mag pas tot uitwinning van het verpande overgaan als zij een opeisbare vordering heeft op Cliënt en (ii) Cliënt met de herverpande goederen en (andere) vermogensrechten onmiddellijk na aflossing nakoming daarvan in verzuim is. BinckBank zal niet meer van het verpande uitwinnen dan nodig is voor de voldoening van de schuld die de Bank van Cliënt. Nadat ▇▇▇▇▇▇▇▇▇ van haar uitwinningsbevoegdheid gebruik heeft tegenover derdengemaakt, geen onderwerp van herverpanding zijnzal zij Cliënt daarvan zo spoedig mogelijk schriftelijk in kennis stellen.

Appears in 1 contract

Sources: Tripartite Service Provision Terms

Pandrecht. 22.1 2.24.1 Door ondertekening door de Cliënt toepassing van deze Voorwaarden heeft de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten geeft Klant: a) de Cliënt volgende goederen aan de Bank ▇▇▇▇ als zekerheid in pand heeft gegeven, waaronder de daaraan verbonden bijkomende rechten, zodat ▇▇▇▇ te allen tijde, op elke grond, van hem kan verkrijgen of aanspraak kan maken op: I alle (geld-)vorderingen geldelijke of andere vorderingen die de CliëntKlant, uit welken hoofde ook, op de Bank heeft of verkrijgt ontvangt van Saxo; II alle posten, effecten en andere financiële instrumenten door Saxo, of door een derde namens Saxo, op welke grond ook, aangehouden van of voor de Klant; III alle aandelen in collectieve deposito’s gehouden of die zullen worden gehouden door Saxo; IV alle goederen die vervangen zijn of zullen zijn door de goederen onder i, ii, of iii; b) Voor zover wettelijk mogelijk zijn de goederen vermeld in paragraaf a verpand aan Saxo; c) Saxo heeft een onherroepelijke volmacht gekregen, met inbegrip recht van alle daarbij behorende nevenrechten indeplaatsstelling, om die goederen uit te voeren in naam van de Klant, wiens volmacht kan worden herhaald om aan zichzelf te verpanden, en afhankelijke die alles doet wat hij kan om te verpanden. 2.24.2 De Klant verzekert dat hij tot de verpanding bevoegd is en dat de desbetreffende goederen vrij zijn of zullen zijn van rechten (en aanspraken van andere partijen dan Saxo. 2.24.3 Indien de “Te Verpanden Vorderingen”). De Cliënt verpandt deze Te Verpanden Vorderingen tot zekerheid Klant zich wil ontdoen van de verpande goederen zal Saxo de goederen vrijgeven indien de waarde van de resterende verpande goederen genoeg is om al hetgeen de Bank op enig momentzijn vorderingen te dekken, uit welken hoofde ook, van tegen de Cliënt te vorderen heeft of te vorderen zal hebben (de “Te Secureren Vorderingen”). De Bank aanvaardt deze inpandgeving door het openen van een Betaalrekening. 22.2 De Cliënt staat ervoor in dat hij tot verpanding van de Te Verpanden Vorderingen bevoegd is en dat de Te Verpanden Vorderingen vrij zijn en zullen zijn van rechten en aanspraken (pandrechten daaronder begrepen) van anderen dan de Bank. 22.3 Het in artikel 22.1 bedoelde pandrecht komt slechts tot stand voor zover de Te Verpanden Vorderingen niet reeds ter securering van de Te Secureren Vorderingen aan de Bank zijn verpand. Het reeds gevestigde pandrecht blijft in dat geval onverkort in stand. 22.4 De Cliënt geeft de Bank onherroepelijk volmacht (met het recht van substitutie) om de Te Verpanden Vorderingen namens de Cliënt, eventueel steeds herhaald, aan zichzelf te verpanden tot zekerheid van de Te Secureren Vorderingen, en alles te doen wat dienstig is voor deze verpanding. 22.5 Van de verpanding wordt, door ondertekening door de Cliënt van de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten, voor zover nodig, mededeling gedaan aan de Bank. Voor zover dit pandrecht niet reeds gevestigd is, geldt de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten na aanvaarding daarvan door de Bank tevens als pandakte ter zake. 22.6 Als en zolang de Cliënt uit enig hoofde schulden heeft Klant of zal hebben aan krijgen. Saxo mag enkel beslag leggen op verpand eigendom indien het een vordering heeft tegen de Bank, heeft Klant die kan worden afgedwongen en indien de Bank het recht gehele of gedeeltelijke afgifte Klant in betalingsverzuim is. Saxo zal niet meer van de verpande goederen te weigeren. 22.7 Het in dit artikel 22 bepaalde doet niet af aan, maar geeft nadere invulling aan beslag nemen dan nodig voor de in de Algemene Bankvoorwaarden beschreven pandrechten en volmacht(en), alsmede de verplichting van de Cliënt om op eerste verzoek van de Bank aanvullende zekerheid te stellen voor verplichtingen van de Cliënt jegens de Bank. 22.8 De Bank is bevoegd de Te Verpanden Vorderingen en (andere) vermogens- rechten die aan haar zijn verpand te herverpanden tot zekerheid van een schuld die de Bank heeft jegens derden, mits (i) de herverpanding alleen geschiedt tot een zodanige omvang als de Bank nodig heeft als zekerheid voor hetgeen zij op het moment van herverpanding van de Cliënt (al dan niet opeisbaar) te vorderen heeft of kan krijgen en (ii) de herverpande goederen en (andere) vermogensrechten onmiddellijk na aflossing betaling van de schuld die van de Bank Klant. Nadat ▇▇▇▇ haar handhavingsbevoegdheden heeft tegenover derden, geen onderwerp van herverpanding zijnuitgeoefend zal ze de Klant zo snel mogelijk schriftelijk op de hoogte stellen.

Appears in 1 contract

Sources: Tripartiete Dienstverlening

Pandrecht. 22.1 1 Door ondertekening door het van toepassing worden van deze Algemene Bank- voorwaarden heeh de Cliënt van klant a Zich verbonden de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten geeft de Cliënt aan de Bank in pand alle (geld-)vorderingen die de Cliënt, uit welken hoofde ook, op de Bank heeft of verkrijgt volgende goederen met inbegrip van alle de daarbij behorende nevenrechten en afhankelijke rechten (aan de “Te Verpanden Vorderingen”). De Cliënt verpandt deze Te Verpanden Vorderingen bank te verpanden tot zekerheid van al hetgeen de Bank bank op enig moment, uit welken hoofde ook, van de Cliënt hem te vorderen heeft heeh of te vorderen zal hebben verkrijgt 1 Alle (geld)vorderingen die de “Te Secureren Vorderingen”). De Bank aanvaardt deze inpandgeving door het openen van een Betaalrekeningklant, uit welken hoofde ook, op de bank heeh of verkrijgt. 22.2 De Cliënt staat ervoor 2 Alle zaken, waardepapieren, effecten en andere finan- ciële instrumenten die de bank of een derde voor haar, uit welken hoofde ook, van of voor de klant onder zich heeh of verkrijgt. 3 Alle aandelen in dat hij tot verpanding verzameldepots die de bank onder haar beheer heeh of verkrijgt. 4 Alle goederen die in de plaats van de Te Verpanden Vorderingen bevoegd is en dat de Te Verpanden Vorderingen vrij zijn en zullen zijn van rechten en aanspraken goederen onder 1, 2 of 3 (pandrechten daaronder begrepenzullen) van anderen dan de Banktreden. 22.3 Het in artikel 22.1 b Voor zover rechtens mogelijk, de sub a bedoelde pandrecht komt slechts tot stand voor zover de Te Verpanden Vorderingen niet reeds ter securering van de Te Secureren Vorderingen goederen aan de Bank zijn verpand. Het reeds gevestigde pandrecht blijft bank in dat geval onverkort in stand.pand gegeven; 22.4 c De Cliënt geeft de Bank bank onherroepelijk volmacht (gegeven, met het recht van substitutie) , om de Te Verpanden Vorderingen die goederen namens de Cliëntklant, eventueel even- tueel steeds herhaald, aan zichzelf te verpanden tot zekerheid van de Te Secureren Vorderingenverpanden, en alles te doen wat dienstig is voor deze de verpanding. 22.5 Van 2 De klant staat ervoor in dat hij tot de verpanding wordtbevoegd is en dat de desbetreffende goederen vrij (zullen) zijn van rechten en aanspraken van anderen dan de bank. 3 De bank zal de verpande goederen, door ondertekening door als de Cliënt klant daarover wil beschikken, vrijgeven indien de waarde van de Overeenkomst Zakelijke Betaaldienstendaarna reste- rende verpande goederen voldoende dekking biedt voor al hetgeen zij, voor zover nodiguit welken hoofde ook, mededeling gedaan aan van de Bank. Voor zover dit pandrecht niet reeds gevestigd is, geldt de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten na aanvaarding daarvan door de Bank tevens als pandakte ter zake. 22.6 Als en zolang de Cliënt uit enig hoofde schulden heeft klant te vorderen heeh of zal hebben aan krijgen. De bank mag pas tot uitwinning van het verpande overgaan als zij een opeisbare vordering heeh op de Bank, heeft klant en de Bank klant met de nakoming daarvan in verzuim is. De bank zal niet meer van het recht gehele of gedeeltelijke afgifte van verpande uitwinnen dan nodig is voor de verpande goederen te weigeren. 22.7 Het in dit artikel 22 bepaalde doet niet af aan, maar geeft nadere invulling aan de in de Algemene Bankvoorwaarden beschreven pandrechten en volmacht(en), alsmede de verplichting van de Cliënt om op eerste verzoek van de Bank aanvullende zekerheid te stellen voor verplichtingen van de Cliënt jegens de Bank. 22.8 De Bank is bevoegd de Te Verpanden Vorderingen en (andere) vermogens- rechten die aan haar zijn verpand te herverpanden tot zekerheid van een schuld die de Bank heeft jegens derden, mits (i) de herverpanding alleen geschiedt tot een zodanige omvang als de Bank nodig heeft als zekerheid voor hetgeen zij op het moment van herverpanding van de Cliënt (al dan niet opeisbaar) te vorderen heeft of kan krijgen en (ii) de herverpande goederen en (andere) vermogensrechten onmiddellijk na aflossing voldoening van de schuld die van de Bank heeft tegenover derdenklant. Nadat de bank van haar uitwinningsbevoegdheid gebruik heeh gemaakt, geen onderwerp van herverpanding zijnzal zij de klant daarvan zo spoedig mogelijk schrihelijk in kennis stellen.

Appears in 1 contract

Sources: Overeenkomst Mijn BLG

Pandrecht. 22.1 2.24.1 Door ondertekening door de Cliënt toepassing van deze Voorwaarden heeft de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten geeft Klant: a) de Cliënt volgende goederen aan de Bank Saxo als zekerheid in pand heeft gegeven, waaronder de daaraan verbonden bijkomende rechten, zodat Saxo te allen tijde, op elke grond, van hem kan verkrijgen of aanspraak kan maken op: I alle (geld-)vorderingen geldelijke of andere vorderingen die de CliëntKlant, uit welken hoofde ook, op de Bank heeft of verkrijgt ontvangt van Saxo; II alle posten, effecten en andere financiële instrumenten door Saxo, of door een derde namens Saxo, op welke grond ook, aangehouden van of voor de Klant; III alle aandelen in collectieve deposito's gehouden of die zullen worden gehouden door Saxo; IV alle goederen die vervangen zijn of zullen zijn door de goederen onder i, ii, of iii; b) Voor zover wettelijk mogelijk zijn de goederen vermeld in paragraaf a verpand aan Saxo; c) Saxo heeft een onherroepelijke volmacht gekregen, met inbegrip recht van alle daarbij behorende nevenrechten indeplaatsstelling, om die goederen uit te voeren in naam van de Klant, wiens volmacht kan worden herhaald om aan zichzelf te verpanden, en afhankelijke die alles doet wat hij kan om te verpanden. 2.24.2 De Klant verzekert dat hij tot de verpanding bevoegd is en dat de desbetreffende goederen vrij zijn of zullen zijn van rechten (en aanspraken van andere partijen dan Saxo. 2.24.3 Indien de “Te Verpanden Vorderingen”). De Cliënt verpandt deze Te Verpanden Vorderingen tot zekerheid Klant zich wil ontdoen van de verpande goederen zal Saxo de goederen vrijgeven indien de waarde van de resterende verpande goederen genoeg is om al hetgeen de Bank op enig momentzijn vorderingen te dekken, uit welken hoofde ook, van tegen de Cliënt te vorderen heeft of te vorderen zal hebben (de “Te Secureren Vorderingen”). De Bank aanvaardt deze inpandgeving door het openen van een Betaalrekening. 22.2 De Cliënt staat ervoor in dat hij tot verpanding van de Te Verpanden Vorderingen bevoegd is en dat de Te Verpanden Vorderingen vrij zijn en zullen zijn van rechten en aanspraken (pandrechten daaronder begrepen) van anderen dan de Bank. 22.3 Het in artikel 22.1 bedoelde pandrecht komt slechts tot stand voor zover de Te Verpanden Vorderingen niet reeds ter securering van de Te Secureren Vorderingen aan de Bank zijn verpand. Het reeds gevestigde pandrecht blijft in dat geval onverkort in stand. 22.4 De Cliënt geeft de Bank onherroepelijk volmacht (met het recht van substitutie) om de Te Verpanden Vorderingen namens de Cliënt, eventueel steeds herhaald, aan zichzelf te verpanden tot zekerheid van de Te Secureren Vorderingen, en alles te doen wat dienstig is voor deze verpanding. 22.5 Van de verpanding wordt, door ondertekening door de Cliënt van de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten, voor zover nodig, mededeling gedaan aan de Bank. Voor zover dit pandrecht niet reeds gevestigd is, geldt de Overeenkomst Zakelijke Betaaldiensten na aanvaarding daarvan door de Bank tevens als pandakte ter zake. 22.6 Als en zolang de Cliënt uit enig hoofde schulden heeft Klant of zal hebben aan krijgen. Saxo mag enkel beslag leggen op verpand eigendom indien het een vordering heeft tegen de Bank, heeft Klant die kan worden afgedwongen en indien de Bank het recht gehele of gedeeltelijke afgifte Klant in betalingsverzuim is. Saxo zal niet meer van de verpande goederen te weigeren. 22.7 Het in dit artikel 22 bepaalde doet niet af aan, maar geeft nadere invulling aan beslag nemen dan nodig voor de in de Algemene Bankvoorwaarden beschreven pandrechten en volmacht(en), alsmede de verplichting van de Cliënt om op eerste verzoek van de Bank aanvullende zekerheid te stellen voor verplichtingen van de Cliënt jegens de Bank. 22.8 De Bank is bevoegd de Te Verpanden Vorderingen en (andere) vermogens- rechten die aan haar zijn verpand te herverpanden tot zekerheid van een schuld die de Bank heeft jegens derden, mits (i) de herverpanding alleen geschiedt tot een zodanige omvang als de Bank nodig heeft als zekerheid voor hetgeen zij op het moment van herverpanding van de Cliënt (al dan niet opeisbaar) te vorderen heeft of kan krijgen en (ii) de herverpande goederen en (andere) vermogensrechten onmiddellijk na aflossing betaling van de schuld die van de Bank Klant. Nadat Saxo haar handhavingsbevoegdheden heeft tegenover derden, geen onderwerp van herverpanding zijnuitgeoefend zal ze de Klant zo snel mogelijk schriftelijk op de hoogte stellen.

Appears in 1 contract

Sources: Tripartiete Dienstverlening

Pandrecht. 22.1 23.1 Door ondertekening door de Cliënt van de Overeenkomst Zakelijke Particuliere Betaaldiensten geeft de Cliënt aan de Bank in pand alle (geld-)vorderingen geld)vorderingen die de Cliënt, uit welken hoofde ook, op de Bank heeft of verkrijgt met inbegrip van alle daarbij behorende nevenrechten en afhankelijke rechten (de “Te Verpanden Vorderingen”). De Cliënt verpandt deze Te Verpanden Vorderingen tot zekerheid van al hetgeen de Bank op enig moment, uit welken hoofde ook, van de Cliënt te vorderen heeft of te vorderen zal hebben (de “Te Secureren Vorderingen”). De Bank aanvaardt deze inpandgeving door het openen van een Betaalrekening. 22.2 23.2 De Cliënt staat ervoor in dat hij tot verpanding van de Te Verpanden Vorderingen bevoegd is en dat de Te Verpanden Vorderingen vrij zijn en zullen zijn van rechten en aanspraken (pandrechten daaronder begrepen) van anderen dan de Bank. 22.3 23.3 Het in artikel 22.1 23.1 bedoelde pandrecht komt slechts tot stand voor zover de Te Verpanden Vorderingen niet reeds al ter securering zekerheid van de Te Secureren Vorderingen aan de Bank zijn verpand. Het reeds al gevestigde pandrecht blijft in dat geval onverkort in stand. 22.4 23.4 De Cliënt geeft de Bank onherroepelijk volmacht (met het recht van substitutie) om de Te Verpanden Vorderingen namens de Cliënt, eventueel steeds herhaald, aan zichzelf te verpanden tot zekerheid van de Te Secureren Vorderingen, en . De Cliënt geeft de Bank daarnaast onherroepelijk volmacht om alles te doen wat dienstig is voor deze verpanding. 22.5 23.5 Van de verpanding wordtwordt mededeling gedaan aan de Bank, door ondertekening door de Cliënt van de Overeenkomst Zakelijke Particuliere Betaaldiensten, voor zover nodig, mededeling gedaan aan de Bank. Voor zover dit pandrecht niet reeds al gevestigd is, geldt de Overeenkomst Zakelijke Particuliere Betaaldiensten na aanvaarding daarvan door de Bank tevens ook als pandakte ter zake. 22.6 23.6 Als en zolang de Cliënt uit enig hoofde schulden heeft of zal hebben aan de Bank, heeft de Bank het recht gehele of gedeeltelijke afgifte van de verpande goederen te weigeren. 22.7 23.7 Het in dit artikel 22 23 bepaalde doet niet af aan, maar geeft nadere invulling aan de in de Algemene Bankvoorwaarden beschreven pandrechten en volmacht(en), alsmede . Het in dit artikel 23 bepaalde doet ook niet af aan de verplichting van de Cliënt om op eerste verzoek van de Bank aanvullende zekerheid te stellen voor verplichtingen van de Cliënt jegens de Bank. 22.8 23.8 De Bank is bevoegd de Te Verpanden Vorderingen en (andere) vermogens- rechten die aan haar zijn verpand te herverpanden tot zekerheid van een schuld die de Bank heeft jegens derden, mits (i) tegenover derden onder de voorwaarden dat: a. de herverpanding alleen geschiedt tot een zodanige omvang als de Bank nodig heeft als zekerheid voor hetgeen zij op het moment van herverpanding herverpan- ding van de Cliënt (al dan niet opeisbaar) te vorderen heeft of kan krijgen en (ii) krijgen; en b. de herverpande goederen en (andere) vermogensrechten onmiddellijk na aflossing van de schuld die de Bank heeft tegenover derden, geen onderwerp van herverpanding zijn.

Appears in 1 contract

Sources: Algemene Voorwaarden Particuliere Betaaldiensten