Bewaarrisico Voorbeeldclausules

Bewaarrisico. De bij de depotbank in bewaring gegeven activa, financiële instrumenten en liquiditeiten, kunnen verloren gaan als gevolg van onder andere insolvabiliteit, nalatigheid of frauduleuze handelingen van de depotbank of een door de depotbank aangestelde onderbewaarnemer (subcustodian). Voor de meeste landen geldt dat bij een faillissement van de depotbank en/of de aangestelde onderbewaarder, de effecten buiten de boedel blijven en dus voor het Fonds behouden blijven, aangezien in de meeste gevallen sprake is van bewaring door een separaat bewaarbedrijf en de moeder van de onderbewaarder garant staat voor de in bewaring gegeven effecten. Het Fonds tracht de risico’s met betrekking tot de bewaaractiviteiten te reduceren door een intensieve selectieprocedure van (lokale) subcustodians en door partijen te selecteren waarvoor een garantie aanwezig is van een moedermaatschappij. Deze selectieprocedure is uitbesteed aan de hoofdcustodian (de depotbank van het Fonds in Nederland).
Bewaarrisico. De bewaring van vermogenswaarden gaat gepaard met een verliesrisico dat kan resulteren uit insolventie of de schending van de "goede huisvader"-regel door de bewaarder of een onderbewaarder of door andere gebeurtenissen.
Bewaarrisico. De bij de depotbank in bewaring gegeven activa, financiële instrumenten en liquiditeiten, kunnen verloren gaan als gevolg van onder andere insolvabiliteit, nalatigheid of frauduleuze handelingen van de depotbank of een door de depotbank aangestelde onderbewaarnemer.
Bewaarrisico. De bij wet verplicht gestelde bewaarder van de Achmea IM Beleggingsfondsen, en – indien relevant- de bewaarder van de beleggingsfondsen van derden, bewaart de beleggingen. Een bewaarder kan in de problemen komen door bijvoorbeeld fraude of nalatigheid. Beleggingen kunnen verloren gaan bij een (onder)bewaarnemer. Ook zou de bewaarder failliet verklaard kunnen worden. Deze risico’s zijn beperkt. De bewaarder staat onder toezicht. Ook zijn afspraken vastgelegd over de verantwoordelijkheid en heeft de bewaarder interne controlemaatregelen getroffen en rapporteert hierover.
Bewaarrisico. De bij wet verplicht gestelde Bewaarder bewaart de beleggingen van het fonds. Deze Bewaarder kan in de problemen komen door bijvoorbeeld fraude of nalatigheid. Beleggingen kunnen verloren gaan bij een (onder)bewaarnemer. Ook zou de Bewaarder failliet verklaard kunnen worden. Deze risico’s zijn beperkt. De Bewaarder staat onder toezicht. Ook zijn afspraken vastgelegd over de verantwoordelijkheid en heeft de Bewaarder interne controlemaatregelen getroffen en rapporteert hierover. Er is een risico dat, naar uitsluitend oordeel van de Beheerder, de Beheerder de inkoop of uitgifte van Participaties van het Fonds uitstelt. Dit gebeurt alleen in bijzondere situaties. Bijvoorbeeld als: • het Fonds door de inkoop niet meer aan één of meer fiscale eisen van een fiscale beleggingsinstelling voldoet • de inkoop niet mag volgens de wet • de inkoop niet past in het beleggingsbeleid van het Fonds • de inkoop onevenredig schadelijk is voor de bestaande deelnemers in het Fonds • het Fonds onvoldoende geld heeft Wordt de inkoop van Participaties uitgesteld? Dan neemt de Beheerder maatregelen zodat de inkoop zo snel mogelijk weer kan worden hervat.
Bewaarrisico. Het bewaarrisico beschrijft het risico dat het gevolg is van de principiële mogelijkheid dat de beleggingen die in bewaring zijn gegeven, in het geval van insolventie, van nalatige, opzettelijke of frauduleuze handelingen van de bewaarder of een onderbewaarder gedeeltelijk of geheel worden onttrokken aan de controle van het fonds waardoor dit schade lijdt.
Bewaarrisico. De Subfondsen lopen het risico van verlies van in bewaring gegeven activa als gevolg van insolvabiliteit, nalatigheid of frauduleuze handelingen van de Bewaarder. Het verlies van in bewaring gegeven activa heeft een negatieve invloed op de intrinsieke waarde van een participatie. Op grond van paragraaf 11.3.8 van het prospectus is de Bewaarder in beginsel te allen tijde aansprakelijk voor dergelijke verliezen. Dividendrisico Hiermee wordt bedoeld het risico dat de uitgekeerde dividenden op de beleggingen in de Subfondsen voor wat betreft vorm of hoeveelheid niet overeenkomen met de verwachtingen van de Beheerder. De Beheerder heeft geen invloed op het dividendbeleid van de uitgevende instellingen van de betreffende financiële instrumenten (veelal aandelen). Het niet of in beperkte mate ontvangen van dividenden heeft invloed op de waardeontwikkeling van de Subfondsen en daarmee tevens op de waardeontwikkeling van een participatie. Duurzaamheidsrisico Het risico dat een belegging minder waard wordt als gevolg van een gebeurtenis of omstandigheid op ecologisch (milieu), sociaal (mens of maatschappij) of governance (ondernemingsbestuur)-gebied. Door rekening te houden met deze risico’s worden negatieve financiële gevolgen van een gebeurtenis op ESG zo veel mogelijk vermeden. Er zijn verschillende belangrijke duurzaamheidsrisico's waar bedrijven en samenlevingen wereldwijd mee te maken hebben. Enkele voorbeelden van veel voorkomende duurzaamheidsrisico’s zijn:
Bewaarrisico. De bij wet verplicht gestelde bewaarder van het andere beleggingsfonds, bewaart de beleggingen. Een bewaarder kan in de problemen komen door bijvoorbeeld fraude of nalatigheid. Beleggingen kunnen verloren gaan bij een (onder)bewaarnemer. Ook zou de bewaarder failliet verklaard kunnen worden. Deze risico’s zijn beperkt. De bewaarder staat onder toezicht. Ook zijn afspraken vastgelegd over de verantwoordelijkheid en heeft de bewaarder interne controlemaatregelen getroffen en rapporteert hierover.
Bewaarrisico. De bewaring van vermogenswaarden gaat gepaard met een verliesrisico dat kan resulteren uit insolventie of de schending van de "goede huisvader"-regel door de bewaarder of een onderbewaarder of door andere gebeurte- nissen. Onder inflatierisico wordt verstaan: het gevaar dat het vermogen in waarde daalt door toedoen van geldont- waarding. Inflatie kan ertoe leiden dat de opbrengst van een deelfonds en de waarde van de beleggingen als dusdanig lager worden in relatie tot de koopkracht. Het inflatierisico geldt voor verschillende valuta's in uiteen- lopende mate.
Bewaarrisico. Activa van de Vennootschap worden veilig bewaard door de Bewaarder en ▇▇▇▇▇▇▇▇▇ zijn blootgesteld aan het risico dat de Bewaarder niet in staat is om volledig aan zijn verplichting te voldoen om in een kort tijdsbestek alle activa van de Vennootschap te restitueren in geval van faillissement van de Bewaarder. De activa van de Vennootschap worden in de boeken van de Bewaarder geregistreerd als het eigendom van de Vennootschap. Effecten en schuldeffecten (met inbegrip van leningen en participatie in leningen) die door de Bewaarder worden bewaard, worden afgezonderd van andere activa van de Bewaarder, wat het risico vermindert, echter niet uitsluit, dat deze in geval van faillissement niet worden gerestitueerd. Geen enkele afzondering is echter van toepassing op liquiditeiten, wat het risico vergroot dat deze in geval van faillissement niet worden gerestitueerd. De Bewaarder bewaart niet alle activa van de Vennootschap zelf, maar maakt gebruik van een netwerk van onderbewaarders die geen onderdeel vormen van dezelfde groep bedrijven als de Bewaarder. ▇▇▇▇▇▇▇▇▇ worden ook blootgesteld aan het risico van faillissement van de onderbewaarders. Een Fonds kan beleggen in markten waar Bewaarder- en/of vereffeningsystemen niet volledig zijn ontwikkeld.