Algemene begripsbepalingen Voorbeeldclausules
Algemene begripsbepalingen. 1. Voor de toepassing van dit Verdrag, tenzij de context anders ver- eist:
a. betekenen de uitdrukkingen „een verdragsluitende staat” en „de andere verdragsluitende staat” het Koninkrijk der Nederlanden (Neder- land) of Ethiopië, al naargelang de context vereist;
b. betekent de uitdrukking „Nederland”
i. het Europese deel van Nederland, met inbegrip van zijn territo- riale zee en elk gebied buiten de territoriale zee waarbinnen het Koninkrijk der Nederlanden, in overeenstemming met het inter- nationale recht, rechtsmacht heeft of soevereine rechten uitoe- fent; en
ii. het Caribische deel van Nederland, dat bestaat uit de eilandge- bieden Bonaire, Sint Eustatius en Saba, met inbegrip van de ter- ritoriale zee van deze eilanden en elk gebied buiten de territo- riale zee van deze eilanden waarover het Koninkrijk der Nederlanden in overeenstemming met het internationale recht rechtsmacht heeft of soevereine rechten uitoefent.
c. betekent de uitdrukking „Ethiopië” de Federale Democratische Republiek Ethiopië, en wanneer zij wordt gebezigd in aardrijkskundige zin, het nationaal grondgebied en elk ander gebied dat in overstemming met het internationale recht wordt of kan worden aangemerkt als een gebied waarover Ethiopië rechtsmacht heeft of soevereine rechten uitoe- fent;
d. omvat de uitdrukking „persoon” een natuurlijke persoon, een li- chaam en elke andere vereniging van personen;
e. betekent de uitdrukking „lichaam” elke rechtspersoon of elke enti- teit die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld;
f. heeft de uitdrukking „onderneming” betrekking op het uitoefenen van een bedrijf;
g. betekenen de uitdrukkingen „onderneming van een verdragslui- tende staat” en „onderneming van de andere verdragsluitende staat” onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een verdragsluitende staat en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere verdragsluitende staat;
h. betekent de uitdrukking „internationaal verkeer” alle vervoer met een schip of luchtvaartuig, geëxploiteerd door een onderneming waarvan de plaats van de werkelijke leiding in een verdragsluitende staat is gele- gen, behalve wanneer het schip of luchtvaartuig uitsluitend wordt geëx- ploiteerd tussen plaatsen die in de andere verdragsluitende staat zijn gelegen;
i. betekent de uitdrukking „bevoegde autoriteit”:
i. wat Nederland betreft, de minister van Financiën of zijn be- voegde vertegenwoordiger;
ii. wat Ethiopië betreft, de minister van Financiën en Econom...
Algemene begripsbepalingen. Begrippen die in deze cao in verschillende hoofdstukken worden gehanteerd zijn in het hoofdstuk ‘Algemene begripsbepalingen’ gedefinieerd. Overal waar in deze cao wordt gesproken over ‘hij’ of ‘zijn’ dient tevens gelezen te worden ‘zij’ respectievelijk ‘haar’.
Algemene begripsbepalingen. (artikel 3 van het Verdrag)
Algemene begripsbepalingen. Bedrijfstak rail & openbaar vervoer:
Algemene begripsbepalingen. Voor de toepassing van dit Verdrag, tenzij de context anders vereist:
Algemene begripsbepalingen. Begrippen die in deze cao in verschillende hoofdstukken worden gehanteerd zijn in het hoofdstuk 'Algemene begripsbepalingen' gedefinieerd. Voor het openbaar onderwijs dient voor 'arbeidsovereenkomst' en voor 'benoemd' gelezen te worden 'aanstelling' respectievelijk 'aangesteld'. Overal waarin deze cao wordt gesproken over 'hij' of 'zijn' dient tevens gelezen te worden 'zij' respectievelijk 'haar'.
Algemene begripsbepalingen. In deze voorwaarden wordt verstaan onder:
Algemene begripsbepalingen. 1. Voor de toepassing van dit Verdrag, tenzij de context anders ver- eist:
a. betekent de uitdrukking ,,een Verdragsluitende Staat’’ het Konink- rijk der Nederlanden (Nederland) of Mongolië, al naar de context ver- eist; betekent de uitdrukking ,,Verdragsluitende Staten’’ het Koninkrijk der Nederlanden (Nederland) en Mongolië;
b. betekent de uitdrukking ,,Nederland’’ het ▇▇▇▇ van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen, met inbegrip van zijn ▇▇▇▇▇▇▇- ▇▇▇▇▇ zee en elk gebied buiten de territoriale zee waarbinnen Nederland, in overeenstemming met het internationale recht, rechtsbevoegdheid heeft of soevereine rechten uitoefent met betrekking tot de zeebodem, de ondergrond daarvan en de daarboven gelegen wateren, en hun natuur- lijke rijkdommen;
c. betekent de uitdrukking ,,Mongolië’’, wanneer zij in aardrijkskun- dige zin wordt gebezigd, het grondgebied van Mongolië en elk gebied waarin het belastingrecht van Mongolië ▇▇▇ ▇▇▇▇▇▇ is voorzover Mon- golië in dat gebied, in overeenstemming met het internationale recht, soevereine rechten uitoefent om zijn natuurlijke rijkdommen te exploi- teren;
d) the term ‘‘person’’ includes an individual, a company and any other body of persons;
e) the term ‘‘company’’ means any body corporate or any entity that is treated as a body corporate for tax purposes;
f) the terms ‘‘enterprise of a Contracting State’’ and ‘‘enterprise of the other Contracting State’’ mean respectively an enterprise carried on by a resident of a Contracting State and an enterprise carried on by a resident of the other Contracting State;
g) the term ‘‘international traffic’’ means any transport by a ship or aircraft, road or railway vehicle operated by an enterprise that has its place of effective management in a Contracting State, except when the ship or aircraft, road or railway vehicle is operated solely between places in the other Contracting State;
h) the term ‘‘national’’ means any individual possessing the nation- ality of a Contracting State and any legal person, partnership or associa- tion deriving its status as such from the laws in force in a Contracting State;
i) the term ‘‘competent authority’’ means:
(i) in the Netherlands the Minister of Finance or his authorized rep- resentative;
(ii) in Mongolia the Minister of Finance and Economy or his author- ized representative.
2. As regards the application of the Convention at any time by a Con- tracting State, any term not defined therein shall, unless the context oth- erwise re...
Algemene begripsbepalingen. (artikel 3 van het Verdrag en artikel III van het Protocol)
Algemene begripsbepalingen. Opdrachtnemer: Opdrachtgever:
a) Een natuurlijk persoon die, dan wel
b) Een rechtspersoon die, dan wel
c) Een aantal gezamenlijk optredende personen, al dan niet rechtspersonen, die al dan niet werkgever is en opdrachten terzake dienstverlening, leveringen en/of werkzaamheden opdraagt.
