Pensioenreglement. Pensioenfonds DSM Nederland | uitgave 1 januari 2023 | kenmerk 2022-000195 50
Pensioenreglement het pensioenreglement van de Stichting Pensioenfonds ABP;
Pensioenreglement. Pensioenfonds DSM Nederland | uitgave 1 januari 2024 | kenmerk 2023-000172 40 In afwijking van artikel 15, is het bepaalde in de artikelen 28.11 tot en met 28.14 van dit artikel van toepassing op arbeidsongeschikte Gewezen Deelnemers, die op 31 december 2016 (gedeeltelijk) arbeidsongeschikt zijn en recht hebben op (gedeeltelijke) premievrije pensioenopbouw. De opgebouwde pensioenaanspraken van Gewezen Deelnemers die vóór 1 januari 2017 recht hebben gekregen op (gedeeltelijke) premievrije pensioenopbouw zijn per 1 januari 2017 actuarieel neutraal omgerekend naar aanspraken conform Pensioenreglement Stichting Pensioenfonds DSM Nederland per 1 januari 2017. De premievrije pensioenopbouw van Gewezen Deelnemers die vóór 1 januari 2017 recht hebben gekregen op (gedeeltelijke) premievrije pensioenopbouw vindt vanaf 1 januari 2017 plaats overeenkomstig het onderhavige Pensioenreglement Stichting Pensioenfonds DSM Nederland. In afwijking van artikel 28.12 vindt de premievrije pensioenopbouw van Gewezen Deelnemers die vóór 1 januari 2007 recht hebben gekregen op (gedeeltelijke) premievrije pensioenopbouw plaats met dien verstande dat de waarde van de bereikbare pensioenaanspraken op de Pensioenleeftijd gelijk is aan de waarde van de bereikbare pensioenaanspraken volgens het van toepassing zijnde reglement van de werkgevers zoals bedoeld in bijlage 5. De hoogte van de premievrije pensioenopbouw wordt afgeleid op basis van de actuariële grondslagen zoals gehanteerd bij de omzetting in artikel 28.11. Als berekeningsdatum voor de bedoelde vergelijking tussen het bereikbare pensioen voor en na de interne collectieve waardeoverdracht wordt 1 januari 2017 gehanteerd. Het recht op premievrije pensioenopbouw, voor deze arbeidsongeschikten, eindigt op de oorspronkelijke einddatum die gold op het moment dat het recht op premievrije pensioenopbouw is ontstaan. Bij een wijziging van de mate van arbeidsongeschiktheid ná 1 januari 2017, worden de bereikbare pensioenaanspraken zoals bedoeld in dit lid herzien overeenkomstig het bepaalde in het van toepassing zijnde pensioenreglement van de werkgevers zoals bedoeld in bijlage 5. In afwijking van 28.12 bouwen (Gewezen) Deelnemers die tussen 31 december 2006 en 1 januari 2017 recht hebben gekregen op premievrije pensioenopbouw met ingang van 1 januari 2018 pensioen op, op basis van het laatstelijk vastgestelde Pensioenloon voorafgaand aan de datum van beëindiging van het dienstverband als ware er geen sprake van ziekte verminderd met ...
Examples of Pensioenreglement in a sentence
Het bestuur van PGB beslist jaarlijks of en in hoeverre pensioenaanspraken en pensioenrechten worden aangepast op basis van het Pensioenreglement zoals PGB dat uitvoert.
More Definitions of Pensioenreglement
Pensioenreglement het pensioenreglement van het pensioenfonds, zoals dat door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is goedgekeurd; *)
Pensioenreglement. Pensioenfonds DSM Nederland | uitgave 1 april 2021 | kenmerk 2021-000037 10 Na overlijden van een (Gewezen) Deelnemer of Gepensioneerde ontstaat voor de Partner een recht op partnerpensioen. Het partnerpensioen voor de Partner bedraagt met ingang van 1 januari 2021 per Deelnemersjaar 1,1% van het gewogen gemiddelde van de in het desbetreffende jaar vastgestelde Pensioengrondslagen. Het jaarlijks uit te keren partnerpensioen is gelijk aan de som van de opbouw, gedurende het deelnemerschap, inclusief de voorwaardelijke toeslagverlening conform artikel 20 en 21. Het partnerpensioen voor de Partner van een overleden Xxxxxxxxx wordt verhoogd tot het partnerpensioen dat zou zijn verkregen, indien het deelnemerschap tot aan het bereiken van de AOW-leeftijd, of tot de pensioenrichtleeftijd zoals bedoeld in artikel 18a van de Wet op de Loonbelasting 1964 voor zover deze eerder ligt dan de AOW-leeftijd, zou zijn voortgezet. De verhoging van het partnerpensioen zoals bedoeld in de eerste volzin wordt berekend op basis van 1,3125% van het Pensioenloon zonder feestdagvergoeding voorafgaand aan het overlijden van de Deelnemer verminderd met de Franchise per jaar. Het partnerpensioen zal niet uitstijgen boven hetgeen is toegestaan krachtens artikel 18b van de Wet op de loonbelasting 1964.
Pensioenreglement. Pensioenfonds DSM Nederland | uitgave 1 juli 2022 | kenmerk 2022-000121 33 Toekenning van pensioen geschiedt op schriftelijke aanvraag. Bij deze aanvraag moeten de door het Bestuur nodig geachte bescheiden worden overgelegd. Het Bestuur is bevoegd een pensioenuitkering uit eigen beweging toe te kennen, indien de aanvraag om pensioen achterwege is gebleven. Degene aan wie een pensioen is toegekend ontvangt hiervan een opgave. De Pensioengerechtigde die woonachtig is in het buitenland dient jaarlijks een "bewijs van in-leven-zijn" aan het Fonds te zenden. Bij nalatigheid wordt de uitkering opgeschort. In de gevallen waarin het Bestuur zich op andere wijze heeft overtuigd van het feit dat betrokkene nog in leven is, kan het toezenden van een "bewijs van in-leven-zijn" aan Fonds achterwege blijven. De pensioenrechten worden giraal in euro’s uitbetaald. Voor zover aan de betaling overmakingskosten zijn verbonden, kunnen deze kosten op de uitkering in mindering worden gebracht. De pensioenrechten worden in gelijke, maandelijkse termijnen aan het einde van iedere maand uitgekeerd. De uitbetaling van pensioenrechten en van andere (rest-)uitkeringen geschiedt aan de Pensioengerechtigde of aan diens wettelijke vertegenwoordiger, dan wel onder overlegging van een bewijs van machtiging aan diens gemachtigde. De uitbetaling van het wezenpensioen voor de minderjarige Kinderen geschiedt aan de vader of moeder of aan degene die, naar het oordeel van het Bestuur, de zorg voor de opvoeding van het Kind op zich heeft genomen. Ten onrechte genoten uitkeringen moeten worden terugbetaald. Indien het pensioen voor zover ingevolge dit reglement verworven over de jaren na beëindiging van het dienstverband ingevolge het bepaalde in artikel 15, tezamen met het pensioen dat betrokkene over die jaren elders op grond van een arbeidsverhouding heeft verkregen, uitgaan boven het pensioen dat ingevolge dit reglement bij continuering van het deelnemerschap zou zijn opgebouwd, wordt het meerdere in mindering gebracht op het pensioen toegekend op grond van het bepaalde in artikel 15.1. Indien de Arbeidsongeschiktheid of het overlijden is veroorzaakt door schuld van derden dient de (Gewezen) Xxxxxxxxx dan wel de rechtsopvolger, de rechten die hij/zij tegen derden geldend zou kunnen maken aan het Fonds te cederen. Slechts in het geval betrokkene dit weigert kan het Bestuur besluiten, de voorziene uitkeringen niet toe te kennen. De cessie zal geschieden tot een maximum gelijk aan de contante wa...
Pensioenreglement. Pensioenfonds DSM Nederland | uitgave 1 juli 2022 | kenmerk 2022-000121 25 Indien de deelneming, anders dan door pensionering of overlijden is geëindigd, de aanspraak op ouderdomspensioen de Afkoopgrens niet te boven gaat en het Fonds tenminste vijf maal tevergeefs heeft gepoogd de overdrachtswaarde van de pensioenaanspraken van een Gewezen Deelnemer over te dragen, zoals bedoeld in artikel 70a Pensioenwet, koopt het fonds de aanspraak op ouderdomspensioen van de Gewezen Deelnemer af en keert een bedrag ineens uit. Het Fonds koopt niet eerder af dan nadat er na het einde van de deelneming 5 jaar is verstreken. Het Fonds informeert de Gewezen Deelnemer binnen zes maanden over het besluit tot afkoop. Bij beëindiging van de deelneming in 2018 is de wachttijd 5 jaar na 1 januari 2019. Bij beëindiging van de deelneming vóór 1 januari 2007, kan het Fonds tot afkoop overgaan indien de Gewezen Deelnemer geen bezwaar maakt. Bij beëindiging van de deelneming na 31 december 2006 kan het Fonds tot afkoop overgaan, indien de Gewezen Deelnemer instemt met de afkoop. Het Fonds gaat over tot uitbetaling van de afkoopwaarde binnen de genoemde termijn van zes maanden. Indien op de Pensioeningangsdatum de aanspraak op ouderdomspensioen de Afkoopgrens niet te boven gaat, koopt het Fonds de pensioenaanspraken van de Gewezen Deelnemer af en keert een bedrag ineens uit. Bij beëindiging van de deelneming vóór 1 januari 2007, kan het fonds tot afkoop overgaan, indien de Gewezen Deelnemer geen bezwaar maakt. Bij beëindiging van de deelneming na 31 december 2006 kan het fonds tot afkoop overgaan, indien de Gewezen Deelnemer instemt met de afkoop. Het Fonds informeert de Gewezen Deelnemer over de afkoop voor de ingang van het pensioen en gaat over tot uitbetaling van de afkoopwaarde binnen zes maanden na de ingang van het pensioen. Indien de artikelen 18.1 en 18.2 toepassing vinden ten aanzien van ouderdomspensioen, wordt de meeverzekerde aanspraak op (tijdelijk) partnerpensioen en wezenpensioen tegelijkertijd vervangen door uitkering van een bedrag ineens op voet van het in de artikelen 18.1 en 18.2 bepaalde. Indien het Bijzonder Partnerpensioen op jaarbasis op de ingangsdatum minder zal bedragen dan de Afkoopgrens, koopt het Fonds de aanspraak op Bijzonder Partnerpensioen af. Het Fonds informeert de Gewezen Partner hierover binnen zes maanden na de melding van de scheiding en keert binnen die genoemde termijn van zes maanden een bedrag ineens uit aan de Gewezen Partner. Indien het ...
Pensioenreglement. Pensioenfonds DSM Nederland | uitgave 1 januari 2023 | kenmerk 2022-000195 39 Voor de Pensioengerechtigde, die onmiddellijk aansluitend aan het dienstverband met de Werkgever recht heeft op een PPS-uitkering zoals bedoeld in artikel 11 van het Prepensioenspaarreglement of zijn gepensioneerd en die op 31 december 2016 een aanspraak hebben op een nog niet-ingegaan aanvullend partnerpensioen, geldt dat het aanvullend partnerpensioen uiterlijk eindigt op de AOW-leeftijd van de Partner conform artikel 7.3 in plaats van de leeftijd van 65 jaar. Hiertoe wordt de aanspraak op aanvullend partnerpensioen actuarieel herrekend van leeftijd 65 jaar naar de AOW-gerechtigde leeftijd. In afwijking van artikel 7.2 van dit pensioenreglement geldt dat het aanvullend partnerpensioen, ingegaan vóór 1 januari 2006, zodanig wordt vastgesteld dat het aanvullend partnerpensioen tezamen met de te ontvangen ANW-uitkering maximaal gelijk is aan de wettelijk te ontvangen ANW-uitkering. De toets, zoals verwoord in vorige volzin wordt jaarlijks aan de hand van de fiscale jaaropgave van de SVB, die moet worden aangeleverd door de uitkeringsgerechtigde, door het pensioenfonds uitgevoerd. In afwijking van artikel 28.1, is het bepaalde in dit lid van toepassing op de Kinderen die op 31 december 2016 recht hebben op wezenpensioen. De wezenpensioenuitkeringen worden onverkort overgedragen naar het onderhavige pensioenreglement van Stichting Pensioenfonds DSM Nederland. Vanaf 1 januari 2017 is het pensioenreglement van Stichting Pensioenfonds DSM Nederland van toepassing met dien verstande dat de oorspronkelijke einddatum gelijk blijft zoals die gold op het moment dat het recht op wezenpensioen is ontstaan. In afwijking van artikel 28.1, is het bepaalde in dit lid van toepassing op de arbeidsongeschikten die op 31 december 2016 recht hebben op (aanvullend) arbeidsongeschiktheidspensioen. De (aanvullende) arbeidsongeschiktheidspensioenuitkeringen worden onverkort overgedragen naar het onderhavige pensioenreglement van Stichting Pensioenfonds DSM Nederland. Vanaf 1 januari 2017 is het pensioenreglement van Stichting Pensioenfonds DSM Nederland van toepassing met dien verstande dat de oorspronkelijke einddatum gelijk blijft zoals die gold op het moment dat het recht op (aanvullend) arbeidsongeschiktheidspensioen is ontstaan. In afwijking van artikel 28.8, eindigt het (aanvullend) arbeidsongeschiktheidspensioen van de Pensioengerechtigde die tussen 31 december 2006 en 1 januari 2017 recht heeft ge...
Pensioenreglement. Pensioenfonds DSM Nederland | uitgave 1 januari 2024 | kenmerk 2023-000172 46 Pensioengevende loonbestanddelen die geacht worden te behoren tot het vaste jaarinkomen: • Het jaarinkomen • De toeslag voor ploegendienst • De feestdagvergoeding voor zover deze daadwerkelijk wordt genoten • De consignatievergoeding voor zover deze onderdeel uitmaakt van het vaste jaarinkomen als gevolg van een vaste, roostermatige consignatie • De toeslag in verband met minder betaald werk om bedrijfsredenen • De wao-uitkering c.q. De wia-uitkering (inclusief vakantie-uitkering) • De inkomensaanvulling ingevolge de compensatieregeling langdurige arbeidsongeschiktheid rekening houdend met de vermindering van het inkomen ingeval het inkomen meer dan 100% bedraagt van het inkomen zoals geldend de dag voor aanvang van de arbeidsongeschiktheid. In de periode waarin sprake is van loondoorbetaling, is de pensioenbijdrage verschuldigd (en worden aanspraken opgebouwd) over die loonbestanddelen (zie bovenstaand) die bij het verrichten van de normale werkzaamheden zouden zijn genoten Pensioengevende loonbestanddelen die geacht worden te behoren tot het vaste jaarinkomen: • het jaarinkomen • de feestdagvergoeding (voor zover die daadwerkelijk wordt genoten) • de WAO-uitkering c.q. de WIA-uitkering (inclusief vakantie-uitkering)
Pensioenreglement. De door de pensioenuitvoerder opgestelde regeling met betrekking tot de verhouding tussen de pensioenuitvoerder en de deelnemer. Resterende verdiencapaciteit Het door het UWV vastgestelde inkomen dat de gedeeltelijk arbeidsongeschikte deelnemer zou kunnen verdienen, rekening houdend met zijn door het UWV vastgestelde beperkingen.