CASSATIEMIDDELEN Voorbeeldclausules
CASSATIEMIDDELEN. De eisers voeren in hun verzoekschrift een middel aan. Geschonden wettelijke bepalingen - de artikelen 1382 en 1383 van het Burgerlijk Wetboek; - artikel 5 van de wet van 9 maart 1953 houdende sommige aanpassingen in zake mili- taire pensioenen en verlening van kosteloze genees- en artsenijkundige verzorging voor de militaire invaliden van vredestijd, voor diens opheffing bij artikel 48 van de wet van 18 mei 1998 tot wijziging van de wetgeving betreffende de oorlogspensioenen en -renten.
1 Cass., 9 jan. 2006, ▇▇ ▇.▇▇.▇▇▇▇.▇, nr. 22. 2 Artikel 5 van de wet van 9 maart 1953 houdende sommige aanpassingen inzake militaire pensioenen en verlening van kosteloze genees- en artsenijkundige verzorging voor de militairen in vredestijd, zoals van kracht voor zijn opheffing bij artikel 48 van de wet van 18 mei 1998. Aangevochten beslissing Het Hof van Beroep te Brussel verklaart in het bestreden arrest van 18 oktober 2005, recht sprekend na cassatie en binnen de perken van de vernietiging, het hoger beroep, aan- getekend door de verweerder tegen het vonnis van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Gent van 9 oktober 1995, ook voor het overige gegrond en hervormt het bestreden vonnis, behalve in zoverre het de oorspronkelijke vordering ontvankelijk heeft verklaard en de ge- rechtskosten in eerste aanleg heeft begroot en, voor het overige opnieuw recht sprekend, verklaart de oorspronkelijke vordering ook voor het overige gegrond. Het Hof van Beroep te Brussel veroordeelt de eisers aldus in solidum om aan de ver- weerder een bijkomend bedrag te betalen van 239.031,75 euro, te vermeerderen met de vergoedende interest tegen de wettelijke rentevoet vanaf 1 augustus 1990 en de gerechte- lijke interest. Het hof van beroep stoelt deze beslissing op volgende motieven: "Tussen partijen bestaat geen betwisting meer dat (de verweerder) de medische kosten van de heer M.M., veroorzaakt door het verkeersongeval van 3 augustus 1989, heeft be- taald op grond van de wet van 9 maart 1953 houdende sommige aanpassingen inzake mi- litaire pensioenen en verlening van kosteloze genees- en artsenijkundige verzorging voor de militaire invaliden van vredestijd.
Artikel 1 van de voornoemde wet bepaalt: 'De militaire invaliden wier invaliditeit te wijten is aan een schadelijk feit, dat zich in vredestijd gedurende en ingevolge de dienst heeft voorgedaan, alsmede hun rechtverkrijgenden, kunnen aanspraak maken op een ver- goedingspensioen, waarvan het bedrag en verleningsvoorwaarden hierna bepaald worde...
CASSATIEMIDDELEN. ▇▇▇▇▇▇▇ stelt in een memorie een middel voor. Die memorie is aan dit arrest ge- hecht en maakt daarvan deel uit.
CASSATIEMIDDELEN. De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.
CASSATIEMIDDELEN. De eiser voert drie middelen aan, waarvan het eerste gesteld is als volgt : Geschonden wettelijke bepalingen - de artikelen 766, inzonderheid eerste lid, 767, inzonderheid §3, en 774, inzonderheid tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek; - het algemeen beginsel van het recht van verdediging. Aangevochten beslissingen Het arrest wijst de rechtsvordering van de eiser, die ertoe strekt de verweerster te doen veroordelen tot terugbetaling van het onverschuldigd betaalde bedrag van 523,06 euro af, op grond van alle redenen die thans als volledig weergegeven worden beschouwd, en in- zonderheid op grond dat : "Aangezien niet betwist wordt dat [de verweerster] slechts recht had op 328.750 BEF of 8.149,50 euro in plaats van 349.850 BEF of 8.672,55 euro, heeft laatstgenoemde 21.100 BEF of 523,06 euro te veel ontvangen; Wat [de] terugbetaling [van dit bedrag] betreft, voert het openbaar ministerie in zijn uit- stekend advies artikel 17 van het handvest van de sociaal verzekerde aan, dat bepaalt: 'Wanneer vastgesteld wordt dat de beslissing aangetast is door een juridische of materi- ële vergissing, neemt de instelling van sociale zekerheid op eigen initiatief een nieuwe be- slissing die uitwerking heeft op de datum waarop de verbeterde beslissing had moeten in- gaan, onverminderd de wettelijke en reglementaire bepalingen inzake verjaring. Onverminderd de toepassing van artikel 18, heeft de nieuwe beslissing, indien de ver- gissing aan de instelling van sociale zekerheid te wijten is, uitwerking op de eerste dag van de maand na de kennisgeving ervan, als het recht op de prestatie kleiner is dan het aanvankelijk toegekende recht'; Beide partijen hebben in hun replieken op dit advies hun standpunt uiteengezet zonder een heropening van het debat te vragen. De zaak is dus in staat van wijzen."
CASSATIEMIDDELEN. De eiser stelt volgende twee middelen voor. Eerste middel Geschonden wettelijke bepalingen - de artikelen 574, 2°, gewijzigd bij artikel 51 van de wet van 17 juli 1997, en 580, 1°, van het Gerechtelijk Wetboek; - artikel 7, tweede lid, van de wet van 17 juli 1997 betreffende het gerechtelijk akkoord. Aangevochten beslissingen Hoewel het arrest vaststelt dat de verweerster, "gelet op haar bijdrageschulden, geen verminderingen kon genieten [...] en dat bepaald moet worden wanneer [de schuldvorde- ring] [van de eiser] is ontstaan en of zij nog bestaat, gezien de vonnissen van de Recht- bank van Koophandel [te Luik] (die de verweerster eerst een voorlopige opschorting en vervolgens een definitieve opschorting van vierentwintig maanden vanaf 4 mei 1999 heb- ben toegekend)", beslist het dat de arbeidsgerechten en niet de rechtbank van koophandel bevoegd zijn om te oordelen over eisers rechtsvordering, op grond dat de eiser "achterstal- lige bijdragen vordert en de arbeidsgerechten over het bestaan van die achterstallige bij- dragen dienen te oordelen krachtens artikel 580, 1°, van het Gerechtelijk Wetboek, dat de geschillen betreffende de door de socialezekerheidswetgeving aan de werkgevers opge- legde verplichtingen aan de arbeidsgerechten toevertrouwt".
CASSATIEMIDDELEN. De eisers voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan.
CASSATIEMIDDELEN. ▇▇▇▇▇ voert drie middelen aan in een memorie, waarvan een eensluidend ver- klaard afschrift aan dit arrest is gehecht.
CASSATIEMIDDELEN. ▇▇▇▇▇ voert twee middelen aan in een memorie, waarvan een eensluidend ver- klaard afschrift aan dit arrest is gehecht.
CASSATIEMIDDELEN. ▇▇▇▇▇ voert een middel aan in een memorie, waarvan een eensluidend ver-
1 Cass., 2 mei 2001, A.R. P.01.0121.F, nr. 248.
2 Zie Cass., 12 dec. 1978, A.C. 1978-79, I, 419 en Rev.dr.▇▇▇. 1979, 915; Cass., 6 juni 1984, A.R. 3643, A.C. 1983-84, nr. 574; ▇▇▇▇▇▇▇, ▇▇ okt. 1993, J.L.M.B. 1995, 1569. ▇▇▇▇▇▇ afschrift aan dit arrest is ▇▇▇▇▇▇▇.
CASSATIEMIDDELEN. De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, vier middelen aan.
