RENTE EN AFLOSSING Voorbeeldclausules

RENTE EN AFLOSSING. 3.1 Na afloop van een jaar na de ondertekeningsdatum van de Overeenkomst is Leningnemer verplicht de Hoofdsom in 8 gelijke kwartaaltermijnen terug te betalen, voor het eerst op [ __ ] en vervolgens per de laatste dag van ieder kalenderkwartaal. 3.2 Leningnemer kan maximaal tweemaal een verzoek doen om de in artikel 3.1 vermelde aflossingsvrije periode met een half jaar te verlengen. Leningnemer dient hiertoe uiterlijk 4 weken voordat de aflossingsvrije periode afloopt een schriftelijk verzoek in bij de Co-financier. 3.3 De in artikel 3.1 vermelde periode van aflossing van de Hoofdsom kan op verzoek van Leningnemer worden verlengd tot een periode gelijk aan maximaal 16 kwartaaltermijnen. Leningnemer dient hiertoe uiterlijk 4 weken voor de datum waarop de eerstvolgende aflossingstermijn vervalt een schriftelijk verzoek in bij de Co-financier. 3.4 Een verzoek als bedoeld in artikel 3.2 of 3.3 zal door Leningnemer worden gedaan onder overlegging van een motivering, inclusief documentatie die de motivatie ondersteunt, waarom de verlenging volgens Leningnemer wenselijk is. De Co-financier zal naar eigen oordeel beslissen of het verzoek wordt ingewilligd, met dien verstande dat inwilliging er nooit toe kan leiden dat de totale looptijd van de Lening vijf jaar overschrijdt. Ingeval van inwilliging van het verzoek tot verlenging van de periode van aflossing van de Hoofdsom, zullen de vanaf dat moment te betalen kwartaaltermijnen zodanig worden verlaagd dat het op dat moment uitstaande gedeelte van de Hoofdsom gelijkelijk over de resterende kwartaaltermijnen is omgeslagen. 3.5 Leningnemer is steeds bevoegd tot vervroegde aflossing, zonder dat die vervroegde aflossing leidt tot enige boete of vergoeding aan de Co-financier. Tenzij Leningnemer, de ROM en de Co-financier daarover andersluidende afspraken maken, zal vervroegde aflossing aan de ROM en de Co- financier op gelijke voet en tegelijkertijd worden gedaan (pari passu). 3.6 Leningnemer is niet gerechtigd hetgeen door Leningnemer is afgelost opnieuw te lenen. 3.7 Leningnemer geeft hierbij aan de Co-financier de goedkeuring om de rente en/of aflossingen via automatische incasso in te vorderen en zal daartoe de als Bijlage 3.7 aangehechte machtigingsformulieren ondertekenen.
RENTE EN AFLOSSING. 6.1 De Uitgevende Instelling is over de nog uitstaande (niet terugbetaalde) Hoofdsom, inclusief eventueel achterstallige betalingen van Rente, een Rente van 5,0% op jaarbasis verschuldigd aan de Obligatiehouder. De Rentebetaling geschiedt halfjaarlijks achteraf op de Rente- en Aflossingsdatum, op welke datum de Rente over het daaraan voorafgaande (gedeelte van een) half jaar dient te zijn voldaan. 6.2 De Obligatielening heeft een Looptijd van drie (3) jaar en zes (6) maanden (42 maanden) vanaf de Ingangsdatum. Aan het einde van de Looptijd, op de Aflossingsdatum, dient de Obligatielening geheel afgelost (terugbetaald te zijn). Gedurende de Looptijd zal de Uitgevende Instelling halfjaarlijks een deel van de Obligatielening aflossen zoals beschreven in het Informatiememorandum. Deze Aflossingsbetalingen zullen halfjaarlijks achteraf plaatsvinden op de Rente- en Aflossingsdatum, op welke datum de Aflossing over het daaraan voorafgaande (gedeelte van een) half jaar dient te zijn voldaan. 6.3 Onderstaand zijn de halfjaarlijkse door de Uitgevende Instelling verschuldigde Rente- en Aflossingsbetalingen ten aanzien van één Obligatie gedurende de Looptijd weergegeven. Rente (5,0%) 25,00 22,75 19,19 15,64 12,08 8,33 4,58 107,57 Aflossing 90,00 142,25 142,25 142,25 150,00 150,00 180,49 1.000,00 Aan Obligatiehouders zullen bovengenoemde bedragen worden uitbetaald gecorrigeerd voor het aantal Obligaties dat een Obligatiehouder houdt. De te betalen bedragen worden daarbij afgerond op 2 decimalen. 6.4 Gehele, doch niet gedeeltelijke, vervroegde Aflossing van de Obligatielening is in beginsel op enig moment mogelijk. Indien de Uitgevende Instelling besluit om de Obligatielening vervroegd af te lossen is zij aan de Obligatiehouder een additionele vergoeding verschuldigd over het vervroegd afgeloste bedrag, zodanig hoog dat het negatieve effect van de vervroegde Aflossing op het gemiddelde effectieve rendement van de Obligatiehouder teniet wordt gedaan en dus gelijk zal zijn aan het in paragraaf 3.4 (Berekening effectief rendement) van het Informatiememorandum berekende percentage van 4,3% op jaarbasis. De additionele vergoeding als hierboven beschreven zal de Uitgevende Instelling tegelijk met de vervroegde Aflossing aan de Obligatiehouder betaald worden. 6.5 De Uitgevende Instelling zal bij het niet geheel of tijdig kunnen of mogen voldoen aan haar betalingsverplichtingen jegens de Obligatiehouder deze – uiterlijk vijf Werkdagen voorafgaand aan de Rente- en Aflossingsdatu...
RENTE EN AFLOSSING. U betaalt elke maand (achteraf) aflossing van en rente voor de lening. Hoeveel u elke maand betaalt aan aflossing en rente berekenen wij voor u - U betaalt ons in euro’s - U geeft Xxxxxx Xxxxxxxxxx toestemming om het bedrag iedere maand automatisch van uw bankrekening af te mogen schrijven. Wij mogen ook iemand anders aanwijzen om dit namens ons te doen - U heeft ons betaald als het geld op de bankrekening van Merius Hypotheken staat en u het daar niet meer af kunt halen - Het bedrag dat u aan Xxxxxx Hypotheken moet betalen halen we 1 tot 3 werkdagen voor het einde van de maand automatisch van uw bankrekening af. Zorg daarom dat er altijd genoeg geld op uw bankrekening staat. Kunnen we het bedrag niet afschrijven, maak het bedrag dan vóór de vervaldatum aan ons over. Als incasso niet mogelijk is omdat er onvoldoende saldo op uw rekening staat of om andere redenen, dan heeft Xxxxxx Xxxxxxxxxx het recht om nogmaals het verschuldigde bedrag van uw rekening af te schrijven - Ook eventuele andere bedragen die u moet betalen, haalt Merius Hypotheken automatisch van uw bankrekening af. Dit doen we 1 tot 3 werkdagen voor het einde van de maand - Kosten die u maakt om Xxxxxx Xxxxxxxxxx (op tijd) te betalen, betaalt u zelf. Bijvoorbeeld bij een spoedbetaling - Merius Hypotheken betaalt van uw geld: - Eerst de bedragen die wij al voor u hebben betaald, zoals verzekeringspremies. Ook betalen we eerst de andere bedragen die u ons moet betalen, bijvoorbeeld taxatiekosten, makelaarscourtage en/of VVE termijnen - Daarna betalen we de rente die u ons moet betalen inclusief eventuele vergoedingsrente en eventuele achterstallige rente - Vervolgens betalen we de vervroegde aflossingsvergoeding - En als laatste betalen we (een deel van) de lening terug. Deze volgorde staat vast - Betalen we een bedrag voor u, of hebben we recht op een bedrag, dan moet u dit bedrag direct aan ons betalen. Tenzij we hierover met u schriftelijk andere afspraken hebben gemaakt - Bedragen die wij van u krijgen, mag u niet verrekenen met bedragen die u van ons krijgt. Dit staat los van elkaar - Heeft u verschillende leningdelen en boekt u iets over op eigen initiatief dan betalen we met dat geld de bedragen op de leningdelen zoals omschreven in artikel 10.1 Met het geld dat dan over is, lossen we uw leningdelen af. U kunt vooraf ook specifieke leningdelen aangeven. Doet u dat niet dan lossen we evenredig af op de leningdelen. Ook kosten berekenen we dan evenredig. In elk geval gelden deze regels: - ...
RENTE EN AFLOSSING. 6.1 Alle bedrijfsobligaties zijn rentedragend over de nominale waarde (Inleg). De rente- vergoedingen zijn opgenomen in deze overeenkomst onder ‘kenmerken’. 6.2 De aflossing geschiedt zoals is opgenomen in deze overeenkomst onder ‘kenmerken’. 6.3 De bonus betaling, indien van toepassing, geschiedt zoals is opgenomen in deze overeenkomst onder ‘kenmerken’. 6.4 De rente- en aflossingsvergoeding voor een Bedrijfsobligatie wordt periodiek achteraf betaalbaar (postnumerando) gesteld op de vervaldagen, telkens op de laatste dag van de periode, en betaald binnen 15 dagen na de betreffende vervaldag. 6.5 De bonusbetaling, indien van toepassing, voor een Bedrijfsobligatie wordt betaald zoals opgenomen in kenmerken van de obligatie. 6.6 In het geval dat de liquiditeitspositie van de uitgevende instelling, naar de mening van het bestuur, niet toereikend is om op enige rentebetalingsdatum rente en aflossing te betalen, dan heeft de uitgevende instelling het recht deze betalingsverplichtingen op te schorten, in welk geval de nadien verschuldigde rente- en aflossingsvergoeding vermeerderd wordt met het tekort op eerdere verschuldigde rente- en aflossingsvergoedingen. Over opgeschorte aflossing wordt in dat geval eveneens rente vergoed zoals gesteld in artikel 6.4. 6.7 Indien en voor zover rente en aflossing niet wordt uitgekeerd op enige rentebetalingsdatum en/of aflossingsdatum: (a) blijft die rente en aflossing onverkort verschuldigd en (b) is over het bedrag van die niet uitgekeerde aflossing overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 6.1 tot en met 6.4 rente verschuldigd. 6.8 Indien een rentebetalingsdatum op enig moment niet op een werkdag valt, dan wordt de verschuldigde rente betaald op de eerstvolgende werkdag.
RENTE EN AFLOSSING. 6.1 De Uitgevende Instelling is over de Hoofdsom de Rente van 5,0% op jaarbasis verschuldigd. De Rentebetaling geschiedt, met in achtneming van de beperking voortvloeiende uit Artikel 6.5, jaarlijks achteraf op de Rente- en Aflossingsdatum, op welke datum de Rente over het daaraan voorafgaande (gedeelte van een) jaar dient te zijn voldaan. 6.2 De Obligatielening heeft een Looptijd van 15 jaar vanaf de Ingangsdatum. Gedurende de Looptijd zal de Uitgevende Instelling de Obligatielening geheel aflossen conform het schema in paragraaf 3.3.3 (Schema van Rente- en Aflossingsbetalingen) van het Informatiememorandum. Aan het einde van de Looptijd, op de Aflossingsdatum, dient de Obligatielening geheel afgelost te zijn. De periodieke Aflossingsbetaling geschiedt, met in achtneming van de beperking voortvloeiende uit Ar- tikel 6.5, jaarlijks achteraf op de Rente- en Aflossingsdatum, op welke datum de Aflossing over het daar- aan voorafgaande (gedeelte van een) jaar dient te zijn voldaan. 6.3 Vervroegde Aflossing, geheel doch niet gedeeltelijk, van de Obligatielening door de Uitgevende Instel- ling is in beginsel, onder voorbehoud van schriftelijke goedkeuring van de Projectfinancier, op enig mo- ment mogelijk. Indien de Uitgevende Instelling besluit de Obligatielening vervroegd af te lossen is zij aan Obligatiehou- der een boeterente verschuldigd over het vervroegd afgeloste bedrag, zodanig hoog dat het effect van de vervroegde aflossing op het gemiddelde effectieve rendement van de Obligatiehouder teniet wordt gedaan. De in paragraaf 3.4 (Rekenvoorbeeld effectief rendement) aangegeven effectieve rendementen blijven derhalve ongewijzigd.
RENTE EN AFLOSSING. 3.3.1 Rente‌ De Uitgevende Instelling is over de nog uitstaande (niet terugbetaalde) Hoofdsom, inclusief eventueel achterstallige betalingen van Rente, een Rente van 7,0% op jaarbasis verschuldigd aan de Obligatiehouder. De verschuldigde Xxxxx wordt gedurende de Looptijd halfjaarlijks achteraf, telkens op de Rentedatum, aan Obligatiehouders betaald. 3.3.2 Looptijd‌ De Looptijd van de Obligatielening bedraagt zesendertig (36) maanden (3 jaar) vanaf de Ingangsdatum. Aan het einde van de Looptijd, op de Aflossingsdatum, dient de Obligatielening geheel afgelost te zijn. 3.3.3 Aflossing‌ • De Uitgevende Instelling zal de Obligatielening in zijn geheel in één keer aflossen aan het einde van de Looptijd middels een herfinanciering. • De Uitgevende Instelling zal aan alle Obligatiehouders een gelijk bedrag per Obligatie aflossen. Alle Obligaties zullen dus op gelijke wijze worden afgelost, er zal geen sprake zijn van een ‘loting’ of vergelijkbaar proces om geselecteerde Obligaties af te lossen. Dit betekent dat, mocht de Uitgevende Instelling onvoldoende liquiditeit beschikbaar hebben om de Aflossingen onder de Obligatielening volledig te voldoen, dan zal op elke Obligatie een even groot gedeelte van de geplande Aflossing betaald worden en het overige niet betaalde deel onderdeel blijven van de Hoofdsom.
RENTE EN AFLOSSING. 6.1 De Uitgevende Instelling is over de nog uitstaande (niet terugbetaalde) Hoofdsom, inclusief eventueel achterstallige betalingen van Rente, een Rente verschuldigd aan de Obligatiehouder. De verschuldigde Xxxxx bedraagt 4,5% op jaarbasis, over het deel van de Hoofdsom (bedrag) dat ter beschikking is gesteld (uitgekeerd aan) aan de Uitgevende Instelling. De Rentebetaling geschiedt jaarlijks achteraf op de Rente- en Aflossingsdatum, op welke datum de Rente over het daaraan voorafgaande (gedeelte van een) jaar dient te zijn voldaan. 6.2 De Obligatielening heeft een Looptijd van twee (2) jaar vanaf de Ingangsdatum. Aan het einde van de Looptijd, op de Aflossingsdatum, dient de Obligatielening geheel afgelost (terugbetaald te zijn). Gedurende de Looptijd zal de Uitgevende Instelling jaarlijks een deel van de Obligatielening aflossen. Deze Aflossingsbetalingen zullen jaarlijks achteraf plaatsvinden op de Rente- en Aflossingsdatum, op welke datum de Aflossing over het daaraan voorafgaande (gedeelte van een) jaar dient te zijn voldaan. 6.3 Onderstaand zijn de jaarlijkse door de Uitgevende Instelling verschuldigde Rente- en Aflossingsbetalingen ten aanzien van één Obligatie gedurende de Looptijd weergegeven.
RENTE EN AFLOSSING. 6.1 De Uitgevende Instelling is vanaf de Ingangsdatum over de uitstaande (nog niet terugbetaalde) Hoofdsom en eventueel achterstallige Rente, een Rente van 7,5% op jaarbasis verschuldigd: De betaling van Rente geschiedt, met in achtneming van de beperking voortvloeiende uit Artikel 7 (Achterstelling), jaarlijks achteraf op de Rente- en Aflossingsdatum van 1 oktober, op welke datum de Rente over het daaraan voorafgaande jaar dient te zijn voldaan. 6.2 De Achtergestelde Obligatielening heeft een Looptijd van vijf (5) jaar vanaf de Ingangsdatum. Aan het einde van de Looptijd, op de Aflossingsdatum, dient de Achtergestelde Obligatielening geheel afgelost (terugbetaald) te zijn inclusief Rente. De Achtergestelde Obligatielening zal gedurende de Looptijd geheel afgelost worden.
RENTE EN AFLOSSING. 6.1 De Uitgevende Instelling is over de Hoofdsom een Rente verschuldigd van 7,0% (zeven procent) op jaarbasis. De Rentebetaling geschiedt elk kwartaal achteraf op de Rente- en Aflossingsdatum, op welke datum de Rente over het daaraan voorafgaande (gedeelte van een) kwartaal dient te zijn voldaan. 6.2 De Obligatielening heeft een Looptijd van vier en een half (4,5) jaar vanaf de Ingangsdatum. Aan het einde van de Looptijd, op de Aflossingsdatum, dient de Obligatielening geheel afgelost (terugbetaald te zijn). 6.4 Onderstaand zijn de jaarlijkse door de Uitgevende Instelling verschuldigde Rente- en Aflossingsbetalingen ten aanzien van één Obligatie gedurende de Looptijd weergegeven. Jaar Kwartaal Rente (7,0%) Aflossing Totaal 1 1 17,5 - 17,5 2 17,5 - 17,5 3 17,5 - 17,5 4 17,5 - 17,5 2 1 17,5 71,4 88,9 2 16,3 71,4 87,7 3 15,0 71,4 86,4 4 13,8 71,4 85,2 3 1 12,5 71,4 83,9 2 11,3 71,4 82,7 3 10,0 71,4 81,4 4 8,8 71,4 80,2 4 1 7,5 71,4 78,9 2 6,3 71,4 77,7 3 5,0 71,4 76,4 4 3,8 71,4 75,2 5 1 2,5 71,4 73,9 2 1,3 71,4 72,7 Totaal 201,3 1.000,0 1.201,3 Aan Obligatiehouders zullen bovengenoemde bedragen worden uitbetaald gecorrigeerd voor het aantal Obligaties dat een Obligatiehouder houdt. De te betalen bedragen worden daarbij afgerond op één decimaal. 6.5 Gehele, doch niet gedeeltelijke, vervroegde Aflossing van de Obligatielening is in beginsel op enig moment mogelijk. Indien de Uitgevende Instelling besluit om de Obligatielening vervroegd af te lossen is zij aan de Obligatiehouder een additionele vergoeding verschuldigd over het vervroegd afgeloste bedrag, zodanig hoog dat het negatieve effect van de vervroegde aflossing op het gemiddelde effectieve rendement van de Obligatiehouder teniet wordt gedaan en dus gelijk zal zijn aan het in paragraaf 3.4 (Berekening effectief rendement) van het Informatiememorandum berekende percentage van 6,37% op jaarbasis. De additionele vergoeding als hierboven beschreven zal de Uitgevende Instelling tegelijk met de vervroegde Aflossing aan de Obligatiehouder betaald worden. 6.6 De Uitgevende Instelling zal bij het niet geheel of tijdig kunnen of mogen voldoen aan haar betalingsverplichtingen jegens de Obligatiehouder deze – uiterlijk vijf Werkdagen voorafgaand aan de Rente- en Aflossingsdatum in een jaar - informeren over de kasstroom die de Uitgevende Instelling kent en aannemelijk maken dat deze niet afdoende is om (volledig) aan haar betalingsverplichtingen te voldoen. 6.7 Alle betalingen aan de Obligatiehouder, waaronder Rente...
RENTE EN AFLOSSING. 6.1 De Uitgevende Instelling is over de Hoofdsom de Rente van 5,0% op jaarbasis verschuldigd. De uit te betalen Rente wordt vastgesteld op de Rente- en Aflossingsdatum, op welke datum de Rente over het daaraan voorafgaande (gedeelte van een) jaar wordt berekend. De Rentebetaling geschiedt, met in achtneming van de beperking voortvloeiende uit Artikel 6.5, ach- teraf op de eerste Werkdag na de Rente- en Aflossingsdatum. 6.2 Aan het einde van de Looptijd, op de Aflossingsdatum, dient de Obligatielening geheel afgelost te zijn. Gedurende de Looptijd zal de Uitgevende Instelling de Obligatielening geheel aflossen conform het schema in paragraaf 3.3.4 (Schema van Rente- en Aflossingsbetalingen) van het Informatiememoran- dum. De Aflossingsbetaling geschiedt, met in achtneming van de beperking voortvloeiende uit Artikel 6.5, achteraf op de eerste Werkdag na de Rente- en Aflossingsdatum, op welke datum de Aflossing over het daaraan voorafgaande (gedeelte van een) jaar dient te zijn voldaan. 6.3 Gehele doch niet gedeeltelijke vervroegde Aflossing van de Obligatielening door de Uitgevende Instel- ling is in beginsel, onder voorbehoud van schriftelijke goedkeuring van de Projectfinancier, op enig mo- ment mogelijk.