Achtergrond Voorbeeldclausules
Achtergrond. Met ingang van 1 januari 2005 is de naam van de Stichting Sociaal Fonds Vervoer van Personen met Personenauto's (SFVP) gewijzigd in Stichting Sociaal Fonds Taxi. Tegelijkertijd werden binnen deze stichting de activiteiten gebundeld van voorheen CNC (Commissie Naleving CAO) en SKKP (Stichting Kwaliteitsbevordering Kleinschalig Personenvervoer). Doel van de samenvoeging was om één centraal punt in te richten als toezichthouder en kenniscentrum binnen de taxibranche. De activiteiten worden sindsdien uitgevoerd vanuit de nieuwe locatie in Culemborg.
Achtergrond. In het kader van de uitoefening van de Overeenkomst kunnen er door Verwerker persoonsgegevens worden verwerkt ten behoeve van Verwerkingsverantwoordelijke, en Partijen wensen dit verder te regelen middels de gegevensverwerkingsovereenkomst in deze Bijlage 1 (de “GVO”).
Achtergrond. Het opleidingsprogramma leidt je op tot MBO-verpleegkundige. Het programma is gebaseerd op het kwalificatieprofiel MBO-verpleegkundige. Op het ROC TOP wordt de opleiding uitgevoerd door inhoudsdeskundigen en docenten van het “team zorg”. Nieuw binnen de vakschool is dat het verwerven van kennis en vaardigheden altijd direct aansluit bij de concrete beroepspraktijk. Docenten en praktijkopleiders/adviseurs vertegenwoordigen niet langer twee gescheiden werelden, die van de school en die van het werkveld. In plaats daarvan komen de praktijkopleiders/adviseurs ook naar school en de docenten naar de werkvloer. Alles wat de leerlingen leren, sluit aan bij actuele handelingen in de praktijk. Werkbegeleiders en praktijkopleiders/adviseurs begeleiden je in de praktijk.
Achtergrond. Op 17 oktober 2013 heeft MCLS Holding, een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid naar Belgisch recht, met maatschappelijke zetel te 2500 Lier, ▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇ ▇▇, ingeschreven in het rechtspersonenregister te Mechelen, met als ondernemingsnummer 0535.761.781 (de “Bieder” of “MCLS Holding”), aangekondigd een openbaar overnamebod uit te brengen op alle Aandelen die nog niet in het bezit zijn van de Bieder, uitgegeven door MCLS, een naamloze vennootschap naar Belgisch recht, met maatschappelijke zetel te 2500 Lier, ▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇ ▇▇, ingeschreven in het rechtspersonenregister te Mechelen, met als ondernemingsnummer 0432.115.697 (de “Doelvennootschap” of “MCLS”) (het “Bod”). Het Bod zal eventueel gevolgd worden door een openbaar uitkoopbod. Op 17 oktober 2013 heeft de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (de “FSMA”) een kennisgeving inzake het Bod gepubliceerd overeenkomstig artikel 7 van het Koninklijk Besluit op de Openbare Overnamebiedingen. Bij schrijven d.d. 31 oktober 2013 heeft de Doelvennootschap, in toepassing van artikel 26, tweede lid van het Koninklijk Besluit op de Openbare Overnamebiedingen, aan de FSMA bevestigd dat zij van oordeel was dat het ontwerpprospectus geen leemten vertoonde noch gegevens bevatte die de effectenhouders van de Vennootschap konden misleiden De raad van bestuur van MCLS (de “Raad van Bestuur”) heeft vervolgens op 27 november 2013 beraadslaagd met het oog op het opstellen van een memorie van antwoord (de “Memorie van Antwoord”) overeenkomstig de bepalingen van artikel 22 tot 30 van de wet op de overnamebiedingen van 1 april 2007 (de “Overnamewet”) en artikel 26 tot 29 van het Koninklijk Besluit op de Openbare Overnamebiedingen. Alle bestuurders van de Vennootschap waren aanwezig of vertegenwoordigd tijdens deze vergadering. De Raad van Bestuur heeft de mogelijke gevolgen van het Bod, zoals opgenomen in het Prospectus, onderzocht, rekening houdend met de belangen van de Vennootschap, de Aandeelhouders, de schuldeisers en de werknemers – met inbegrip van de werkgelegenheid – van MCLS en beoordeelt het Bod zoals verder uiteengezet in deze Memorie van Antwoord.
Achtergrond. 2.1. Op 12 oktober 2009 heeft de rechtbank Alkmaar, nevenzittingsplaats Amsterdam, op verzoek van DNB de noodregeling (artikel 3:160 Wft (oud)) van toepassing verklaard op DSB. Op 19 oktober 2009 is de noodregeling ingetrokken en is DSB door dezelfde rechtbank failliet verklaard. 1 Vgl. artikel 193 Fw.
Achtergrond. AMS-partijen hebben meerdere malen gesproken over de interpretatie van artikel 1.2 lid 3 en 4 AMS. Partijen verschillen van inzicht over de wijze waarop een aantal daarin gehanteerde begrippen moet worden uitgelegd als het gaat om de doorvertaling van de Cao-afspraken naar de AMS. Een eenduidige uitleg is van belang. Om ten aanzien van de interpretatie van dit artikel in de toekomst duidelijkheid te verkrijgen spreken partijen het volgende af:
Achtergrond. De directe aanleiding voor de Wcam was de Des-zaak. Daarin heeft de Hoge Raad geoordeeld dat producenten van het Des-hormoon aansprakelijk zijn voor de schade die de dochters van moeders die dit hormoon hebben gebruikt, hebben geleden.91 Naar aanleiding hiervan is een organisatie die de belangen van de Des-dochters behartigt met de betreffende producenten overeengekomen dat een Des-schadefonds wordt opgericht. Dat schadefonds heeft de wetgever vervolgens verzocht de mogelijkheden te bezien om een overeenkomst over de afwikkeling van schade algemeen verbindend te verklaren. De wetgever heeft toen toegezegd een wettelijke regeling terzake te zullen ontwerpen. Er is echter niet gekozen voor een specifieke regeling die alleen op de Des-zaak ziet, maar voor een algemeen wettelijk kader waarbinnen ook andere overeenkomsten die aan de daarvoor gestelde voorwaarden voldoen verbindend kunnen worden verklaard. Deze keuze is ingegeven door de verwachting dat een algemene regeling zou voorzien in de maatschappelijke behoefte om massaschades op een efficiëntere wijze af te kunnen wikkelen.92 De Wcam kan worden gezien als een aanvulling op het hiervoor in paragraaf 5.4.2 omschreven collectief actierecht van artikel 3:305a BW. Zoals hiervoor aan de orde is gekomen, is het op grond van dit artikel niet mogelijk om in een collectieve actie een schadevergoeding in geld te vorderen. Bij de voorbereiding van de Wcam heeft de wetgever zich de vraag gesteld of deze beperking heroverweging verdient. In dit verband is gekeken naar het Amerikaanse voorbeeld, dat wel de mogelijkheid kent tot het instellen van een vordering tot schadevergoeding in geld door middel van een damages class action. Daarbij is gebleken dat verreweg de meeste mass tort class actions niet in een einduitspraak van de rechter, maar in een schikking resulteren. Volgens de wetgever ligt de reden hiervoor besloten in het feit dat het uitprocederen van mass tort class actions weinig aantrekkelijk is, omdat er niet alleen gemeenschappelijke (rechts)vragen spelen, maar ook vele alleen individueel te beantwoorden vragen, zoals vragen naar causaliteit, eigen schuld en de omvang van 91 HR 9 oktober 1992, NJ 1994, 535.
Achtergrond. Stichting Wooncompagnie (hierna: Wooncompagnie) staat gezien haar doelstellingen midden in de samenleving en gaat ter uitvoering van haar taken zakelijke relaties aan met derden ten behoeve van het uitvoeren van bestaande taken (bijvoorbeeld bouwen van nieuwe woningen). Samenwerking met anderen kan zijn vormgegeven op basis van een overeenkomst. Soms is sprake van het hanteren van diverse rechtsvormen en/of samenwerkingsvormen. In alle gevallen is er sprake van keuzevrijheid bij de inrichting. Bij bijvoorbeeld bij projectontwikkeling kan sprake zijn van een VOF of van een BV structuur of van turnkey afname van onroerend goed. De keuze voor de ene of andere constructie wordt ingegeven door de verschillende belangen van de deelnemende partijen. Per 1 januari 2022 is de gewijzigde Woningwet van kracht. De regels die gelden voor Wooncompagnie gelden ook voor haar verbindingen. Deze zijn verwerkt in dit verbindingenstatuut. Onverlet de gekozen constructie is het van belang dat de stakeholders van de corporatie weten wat Wooncompagnie doet, waarom, met welk doel en welke voortgang wordt gemaakt. Het is dan ook van belang dat de verantwoording enerzijds aan de extern toezichthouder en de diverse stakeholders, zoals Autoriteit Woningcorporaties, WSW en de lokale overheid, en anderzijds intern aan het bestuur en de Raad van Commissarissen (hierna RvC), adequaat en transparant is geregeld. Om dit te waarborgen is het verbindingenstatuut opgesteld.
Achtergrond. Doel van de functie
Achtergrond. Een korte schets van de achtergrond van de Drechtstedengemeenten:
